Pastorale notities
1984-02-03
Vorige week viel me opnieuw het voorrecht te beurt om een aangepaste dienst te leiden. Van dat woord "aangepast" houd ik niet, want het is dan net, alsof wij met onze wijsheid ons aanpassen aan hen die minder kunnen en weten.- Jaargang 28
- nummer 5
En zijn niet al onze kerkdiensten aangepast? Wij houden immers rekening met de behoudzucht of de vernieuwingsdrang van de gemeente?
Maar vooral: Is niet heel de bijbel een aangepast spreken van God, die het zo gezegd heeft dat wij er althans iets van begrijpen zouden?
De dienst waar ik het nu over heb, was wederom zeer vrolijk.
Er werd soms bulderend gelachen en herhaaldelijk was er applaus.
Dat gebeurt in een gewone dienst niet vaak. Wij wekten wel altijd met ons psalmgezang alle volken op: "handklapt en betuigt onzen God uw vreugd", maar zelf deden we het nooit.
De kerk zat vol. Er was een goede organist en een enthousiast interkerkelijk jeugdkoor. Vele kerkgangers hadden wat slagwerk meegebracht, castagnetten en
allerlei ander klepperhout. Er was een jongen die prachtig danste en ik had een microfoon met zo'n lang snoer dat ik een heel eind de kerk in kon lopen.
Wanneer de dienst ten einde is, de volkswagenbusjes weer voorrijden en de rolstoelen naar buiten gereden worden, dan ben je, zoals Buskes eens zei, zalig moe. En opeens leeg.
Niet teleurgesteld. Soms zegt iemand na zo'n dienst: "Wat zouden ze ervan begrepen hebben?
Ik vraag me dat niet af. Moet men er wel altijd .iets van begrijpen? Ik vertel als preek gewoon een bijbelse geschiedenis. Dat lijkt eenvoudig, zo'n verhaal, maar begrijp je het? Je vertelt vaneen verlamde, die opeens zich bewegen kon en lopen, met z'n matras op de rug. Wie van de gewone mensen kan dit begrijpen en wie heeft begrepen waarom dit nu niet meer gebeurt? Ja natuurlijk, daar hebben we wel een redenering voor, die ken ik ook. Maar wie weet nu werkelijk, waarom het heil van Jezus Christus op aarde thans niet meer zo tastbaar is in tekenen als toen?
Daarom, als de kerk, na het koffiedrinken, langzamerhand verlaten wordt en ik me wat leeg voel, dan is dat niet omdat ik denk dat ik het hun niet duidelijk heb kunnen maken. Ik heb niet van de preekstoel af gepreekt ik heb maar gewoon in hun midden gestaan met mijn vreemd verhaal. Niet in onechte nederigheid maar met de oprechte gedachte: Ik begrijp het net zo min als jullie, maar wat waren we vrolijk met z'n allen! In de Heer verheugd. Ja, dat het vreugde was in de Here, dat hebben de meesten misschien niet eens geweten of begrepen. Is dat erg? "Nu ben je soms nog alleen.
Nu moet je soms nog huilen", dat zingen ze altijd zo graag en in zo'n uur geeft God hun zijn blijheid; èn ons.