Simson, nazireeër bij de gratie Gods
1984-03-02
Hoe groter de nood, des te indrukwekkender is ook de verlossing.- Jaargang 28
- nummer 9
Dat valt elke keer weer op, wanneer je de Bijbel leest.
Er staan nogal wat verhalen over verlossing en bevrijding in de Bijbel, met als onmiskenbaar hoogtepunt de geboorte van de Christus. Die verhalen over verlossing en bevrijding, die kun je niet los zien van wat God gedaan heeft in Jezus. Ook al hebben al deze verhalen een eigen zin en betekenis, tegelijk wijzen ze ook heen naar het grote dat gaat gebeuren.
Dat is met dit verhaal van Richt. 13 ook zo. De geboorte en opvoeding van Simson onthullen iets over de wijze, waarop God definitief orde op zaken gaat stellen in Christus Jezus.
Het eerste wat ons opvalt is, dat Simson geboren wordt uit een onvruchtbare vrouw. Een niet ongewoon beeld in de Bijbel. Denk maar aan Sara, Rachel, Hanna, Elizabeth. Op de kruispunten van de hellsgeschiedenis komen we ze telkens weer tegen, deze onvruchtbare vrouwen, die het beeld zijn van de doodlopende weg, welke door God wordt opengebroken.
De tijd, waarin Simson geboren werd, was zo'n tijd, waarin het leven op dood spoor was gerangeerd. De Filistijnen, de meest onbesneden tegenstanders van Israël, waren heer en meester in het land. En dat had het volk bepaald aan zich zelf te danken.
Typerend voor deze tijd is het woord uit Richt. 21: "In die dagen was er geen koning in Israël; ieder deed wat goed was in zijn ogen." In zo'n tijd verliezen de mensen de fijne antenne voor het Woord van God. Het leven zit dicht gesmeerd vanwege de grove afgoderij en het spreken van God wordt niet meer herkend.
Illustratief is in dit verband ook een woord uit 1 Sam. 3 : 1 "Nu was in die dagen het Woord des Heren sohaars; gezichten waren niet talrijk."
We proeven daarvan ook iets in de reaktie van Simsons ouders. Wanneer de Here zich openbaart in de gestalte van een engel, dan herkennen ze Hem niet.
Ze zijn zo zeer vervreemd geraakt van de Here, dat ze Hem niet herkennen aan zijn woord en aan de stijl van zijn handelen. Zó verstopt is het leven, zó onbesneden is het hart, dat Manoah vreest voor zijn leven, waneer de engel zich bekend maakt.
"Wij zullen zeker sterven, want wij hebben God gezien", zegt hij. Deze vrees is geen eerbied, maar angst.
Angst die door dit verhaal heen kruipt. Nergens vind je die onbevangen en eerbiedige houding van bijv.
Abraham, die niet vreesde, omdat hij geloofde, Maar hier is het één en al huiver voor wat er gebeurt. Vrees voor het onbekende, dat ze niet bij name weten te noemen.
Het is de Engel des Heren die dan een tip van de sluier oplicht, wanneer zij hem vragen naar zijn naam.
"Waarom vraagt gij toch naar mijn naam? Immers, die is wonderbaar."
Daarmee verwijst hij naar de geschiedenis, naar de stijl van zijn handelen, doordat hij op een wonderlijke wijze vaak openingen maakte in de geschiedenis van zijn volk.
Wat hebben deze twee mensen er een tijd voor nodig gehad om het Woord van God te verstaan. En dat komt omdat er vanwege de zonde een dikke korst om het leven zit heen gebakken, waardoor je doof en blind wordt voor het spreken van de Here.
Behalve dat de geboorte van Simson iets heel bijzonders is, zal ook zijn opvoeding heel ongebruikelijk zijn.
Ook dat heeft de ouders van Simson bevreemd, want tot tweemaal toe worden de leefregels voor de jongen herhaald.
De engel zegt ze tegen de vrouw (vss 4 en 5), de vrouw herhaalt ze voor haar man (vs 7), en de man vraagt er de engel nog eens naar (vs 13 en 14). We moeten er trouwens op letten, dat de leefregels voor de jongen, tijdens de zwangerschap ook door de moeder in acht moeten worden genomen. M.a.w. ook de kraamkamer en de kraamvrouw staan in het teken van het nazireeërschap.
De opvoeding van Simson wordt van boven af gedikteerd. Je proeft daarin iets van een afwijzing van de menselijke mogelijkheden om de Verlosser van Godswege te vormen voor zijn taak. Een verlosser komt niet van beneden, maar van boven. Zijn geboorte en opvoeding wijzen daarop.
Zijn opvoeding en vorming zijn een taak van de Heilige Geest. En je ziet ook dat het daar in dit hoofdstuk op uitloopt. Vss 24 en 25: "De jongen groeide op, en de Here zegende hem. En de Geest des Heren begon hem aan te drijven in Mahane-Dan tussen Zora en Estaol."
Van hieruit zou ik een lijn willen trekken naar het begin van Jezus' publieke optreden in Israël. Na de doop in de Jordaan is het de Geest van God, die hem aandrijft. Matth. 4 : 1 "Toen werd Jezus door de Geest naar de woestijn geleid om verzocht te worden door de duivel." De uit God geboren verlosser moet op een geeste lijke wijze voor zijn taak bekwaam gemaakt worden.
Simson wordt door de engel des Heren een "nazireeër Gods" genoemd.
Een nazireeër is geen onbekend verschijnsel in de Bijbel. Een nazireeër is iemand die met z'n hele bestaan gewijd is aan de Here. Hij moet het volk opscherpen, hoe het behoort te leven in het verbond met de Here.
Het nazireeërschap heeft iets demonstratiefs, iets van een protest in zich.
Dat komt tot uitdrukking in de leefregels, die hij opvolgt.
Zo mag hij bijvoorbeeld zijn haar niet afknippen, hij drinkt geen wijn of sterke drank en mag zich niet verontreinigen.
Anders dan de profeet uit zijn protest zich tegen de zonden van het volk door zijn uiterlijk.
Het nazireeërschap bestaat bij de gratie Gods, d.w.z. het nazireeërschap is geworteld in de religie. De nazireeër is een geestelijk figuur. Zonder deze geestelijke onderbouw wordt het nazireeërschap een aanfluiting, een karikatuur.
En dat zie je jammer genoeg in het leven van Simson, de nazireeër, steeds sterker naar voren komen. Dat karikaturale, dat overdrevene, dat meer gevoed wordt door het vlees dan door de geest.
Wanneer de nazireeër zo ongeestelijk te werk gaat, verwordt de reformatie tot een revolutie. En de nazireeër wordt een revolutionair, een guerillos. Is het daarom ook, dat God, bij de grote verlossing van zijn volk in Christus, zo helemaal alleen zijn weg gaat?
Echt helemaal buiten de mens om, om zo doende de overwinning veilig te stellen?
We hopen daar één van de volgende keren op terug te komen.