Pastorale notities
1984-03-16
Bouma van Sliedrecht schreef in het vorige nummer van Opbouw - hij had een meditatie over Simson - dat de tv-serie over Willem van Oranje op onbarmhartige wijze ingespeeld heeft op bepaalde aspecten van Willems leven, dat toch ook wel gestempeld was door de verloedering van zijn tijd.- Jaargang 28
- nummer 11
Hier haak ik op in. Ik heb gedeelten van die reeks gezien, maar ik kan niet zeggen, dat ik nu zozeer geboeid ben geweest. De hoofdrolspeler- een zekere Krabbé, stond me tegen - altijd dat cynische lachje. De prins werd daar neergezet als iemand die heel wat achter de elleboog houdt.
Mijn vrouw zei, dat ze hetzelfde heeft als ze de tegenwoordige paus op het scherm ziet verschijnen: die grijnst ook altijd een beetje, alsof hij de hele boel in de maling neemt.
Er is veel over die televisie-reeks geschreven. Of er een betrouwbaar beeld van de prins gegeven was of niet. Ik kreeg eigenlijk in het geheel geen hoogte van de prins. Uit wat ik zag tenminste niet.
Het is goed om deze man de eer tegeven, die hij verdient. Wij behoeven van hem geen held te maken, ook geen geloofsheld, maar we moeten hem toch ook niet minder achten dan onszelf.
Wat ik hogelijk in hem prijs, is dat hij zo gewoon midden onder het volk stond. De volken in die tijd kenden zoiets niet. Nu nog niet, trouwens.
Een Engelsman heeft hem gezien, in Delft, en hij schrijft erover aan zijn vriend: "Zijn bovenkleding was een tabberd, die er echter, naar ik jou wel in vertrouwen mag meedelen, zó uitzag dat bij ons in Engeland een student van de eenvoudigste afkomst er nog niet in zou willen lopen. Zijn wambuis was van hetzelfde materiaal en model; hij had het niet eens dichtgeknoopt.
Daaronder zag je zijn vest, maar dat was niets anders dan een gebreide trui, zoals bij ons de veerlui die dragen als ze je de rivier overzetten.
Zijn gezelschap bestond uit burgers! Van de bierbrouwende stad Delft en hij paste daar zo volmaakt tussen, dat ik niet geweten zou hebben dat hij het was, als ik hem van gezicht niet gekend had: geen enkel uiterlijk teken van rang of voornaamheid.
Uit niets bleek dat hij aan de overigen niet gelijk was".
Had men voor de t.v.-serie de brieven van de prins maar gebruikt! Dan was zijn verlangen naar de terugkeer van Anna uit de verf gekomen. En zijn geloof: na de aanslag van Jean Jauregui, waarbij hij ernstig gewond werd, zijn er deze woorden van hem: "Ik neem mijn toevlucht tot Gods barmhartigheid. Alleen in Gods genade ligt mijn redding". Van 1568 af was er schier jaarlijks een moordaanslag op de prins; niet alleen de twee waarvan we op school hoorden.
Om dan vol te houden, daar is moed en geloof voor nodig.
Bij t.v.-makers is toch wel dikwijls iets van het "lasteren van datgene, waarvan zij geen verstand hebben."
(2 Petrus 2 : 12).