Pastorale notities

1984-03-23
  • Jaargang 28
  • nummer 12
Mevrouw van Dijken vertelde van vroeger: zij ging altijd naar de kerk, ook op de zondag vlak voor haar bevallingen.
Ze wist natuurlijk niet dat het de laatste zondag was voor de geboorte van haar kind, maar achteraf constateerde je dat. Een prestatie, vond ik. Zij niet. Ze zei: Ik had er een dubbel genoegen van, want ten eerste prees iedereen me dat ik zo flink was, niks geen gezeur en dat ik zo trouw was in de kerkgang. Die mensen wisten niet, dat ik graag naar de kerk ging, om er eens even uit te zijn.
Mijn man had de zorg voor de kleintjes thuis en ik kon anderhalf uur rustig zitten; een beetje soezen.
Maar daarvoor ging u toch niet naar de kerk, vroeg ik. Nee, zei ze, maar het kón wel, dat wegdromen, want onze dominee had de gewoonte om in het gebed een resumé te geven van zijn preek. Naar de preek zelf behoefde ik dus niet te luisteren; ik wist al waar het over ging en waar het op uit zou lopen.
Het is een eeuwenoude traditie dat de predikant voorgaat in gebed en een dominee wordt ook getaxeerd naar zijn gebedsgaven. "Dominee kan zo mooi bidden". Twee weken geleden heb ik me in dit rubriekje al afgevraagd, of het gebed van een predikant meer vermag dan dat van een ander. Ik ben er zo langzamerhand ook niet meer zeker van, dat het de juiste gang van zaken is, dat de dominee in de kerkdienst voorgaat in de gebeden. Hij is geneigd in het gebed te gaan preken. Zelfs de bidstonden en dank stonden voor het gewas bestaan in de regel uit een normale preek en een, in verhouding tot die preek, kort gebed. Geen biduur dus, als je het goed bekijkt. En waarom vind je in bijna elke gemeente een gebedskring? Men mist kennelijk iets in het "ambtelijk"
gebed.
We moesten dat in de gemeente maar eens bespreken. Of het niet beter is, dat leden van de gemeente, mannen en vrouwen, ook jongens en meisjes, ons voorgaan in de gebeden.
Het past in de gedachtengang van Paulus: Telkens als gij samenkomt, heeft ieder iets.
Dan concentreert de predikant zich op de prediking. Dat is zijn ambt, zijn roeping. Maar als er gebeden wordt en gedankt, dan zit of staat hij gewoon tussen zijn medebroeders en zusters; hij hoort hun stem, hun smekingen, en bidt mee.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief