Vreemdelingen binnen onze poorten

1986-11-28
  • Jaargang 30
  • nummer 46
Natuurlijk zijn er de werkgelegenheids-, de huisvestings-, de separatie-, de educatie- en de remigratieproblemen. Maar in dit land ontbreekt het allerminst aan talrijke mensen, de regeringsleden voorop, die ze allemaal willen oplossen. Want we zijn beschaafd en we discrimineren geen minderheden. Er is alleen deze moeilijkheid: de problemen worden alsmaar groter.
"Het Failliet van de Integratie", de Tijd, 27-1-1984.

Onderweg
Tussen Neurenberg en München begint het verschijnsel je op te vallen. Gedurende het stuk Autobahn van München naar de Oostenrijkse grens is het nog duidelijker.
De parkeerplaatsen langs de grote wegen naar Joegoslavië toe zijn bezaaid met mensen, en met rommel.' En, eenmaal in Joegoslavië aangekomen, treft je de omvang van de "landverhuizing" helemaal. Tot Nis toe - waar een groot deel van de verkeersstroom afbuigt, richting Sofia, de hoofdstad van Bulgarije. Dan is het voor de velen niet zo ver meer. Naar huis. Althans: naar wat thuis was.

Vijf maal zijn we met ons gezin naar Griekenland op vakantie gegaan. Steeds gingen we met een auto of bus, steeds ook door Joegoslavië. Een lange reis, die vroeger, door minder goede wegen in Joegoslavië nog langer was.
Wat ons echter in toenemende mate gefascineerd heeft is het enorme aantal Turkse gezinnen dat ook onderweg is, naar huis.
Op een normale door-de-weekse-dag in juli van dit jaar was, schat ik, zo'n 40-50% van alle weggebruikers via de hoofdweg door Joegoslavië, op weg naar Turkije, het land van herkomst.
Als ik journalist was, zou ik die beweging eens willen documenteren, registreren, mensen interviewen, me verdekt opstellen bij de eerste grenspost van Turkije, om reakties te bekijken. Maar ik ben geen journalist, dus ik kan me alleen maar wat meer in abstracto verbazen over die massale volksverhuizing, waarover je in ons land maar zo weinig hoort.
De aantallen Duitse Turken, Franse Turken, Nederlandse Turken, (enkele) Belgische Turken, Turken uit Zwitserland (vooral Aargau, blijkens de nummerplaat) zijn gigantisch. Tienduizenden ...
Wat ons als gezin daarbij opgevallen is, in de loop van een jaar af tien, is de verandering in wagenpark.
Vroeger zag je veel zwaarbeladen Ford- Transits, naar buiten uitpuilend vanwege mens 'en have die vervoerd werden; erboven op meestal nog een enorm pak, of een hele koelkast.
Allemaal voor thuis. En als de zo'n relatief langzaam rijdende bus inhaalde viel het niet zelden op dat het gezinshoofd achter het stuur gespannen zat te turen, wat onzeker leek te functioneren, vermoedelijk ook moe was. Want op al onze reizen door de Balkan hebben we zelden een Turk op een camping zien verblijven.
Nee, men rijdt door, stopt een paar uur, slaapt wat langs de weg, en dan weer verder, minstens drieduizend kilometer ver.
Dat laatste is gebleven; enorme zwermen mensen langs de wegen zijn hei gevolg. Maar wat duidelijk verandert is het soort wagens.
Een groot aantal mensen -rijdt in een Mercedes of BMW; niet altijd nieuw natuurlijk en mogelijk weer na de vakantie ingeruild. Maar dat hef om beter materieel gaat dan vroeger lijkt ons evident. Zoals je ook merkt dat tegenwoordig veel meer jongere chauffeurs, een "tweede generatie West-Europeanen", achter het stuur zit. Ze rijden harder, zekerder ook. En wat ons ook opgevallen is, zijn de grote aantallen mensen die we op de terugweg weer tegenkomen.
Vroeger was dat niet of nauwelijks het geval. Als men naar Turkije op vakantie ging, werd het moment waarop de kinderen volgens onze regels weer naar school moesten, nog wel eens overschreden. Dat gaf aanleiding tot klachten, wederzijds onbegrip, frictie. Maar dit jaar viel het ons op hoe velen teruggingen op dezelfde tijd als wij, en met kennelijk hetzelfde motief als wij: de scholen begonnen weer ..

Aanpassing?
Misschien vindt menig lezer dit soort waarnemingen te beperkt om er verregaande conclusies . aan te verbinden. Wie weet, hebt u gelijk. Toch menen wij, als mensen die het verschijnsel "Minderheden" wat proberen te volgen, dat er een zekere mate van "aanpassing" aan Westeuropese structuren en leefpatronen lijkt plaats te vinden.
Kijk ik nu naar een film van zo'n 6 jaar geleden, "Turkse Aarde, Hollandse Bodem" - een film waarin de problematiek van gezinshereniging van Turkse gastarbeiders werd belicht - dan maakt dat op mij nu ook een ietwat achterhaalde indruk.
Toch kan de vraag gesteld worden: heeft zich de laatst jaren nu echt een integratie van Nederlanders en Medelanders voltrokken?
Zijn we werkelijk bezig te geraken tot een meer evenwichtige situatie waarin leden van minderheidsgroepen gaandeweg meer "op hun plaats terecht komen"?
Naar ik vrees, geeft het antwoord op die vraag weinig aanleiding tot tevredenheid of optimisme.
Veeleer is een toenemend aantal mensen somber over de toekomst van hetzij de "etnische Nederlanders", hetzij de toekomst van de "minderheden", de vreemdelingen binnen onze muren.

Wat gegevens
Sinds ik - zo'n vijf jaar geleden - over de Islam schreef, ook de Islam in ons land, is heel wat gebeurd. Ten goede en ten kwade.
En soms in een zin dat je niet goed weet wat van de twee dat nu is. Laat ik kort wat gegevens 'Op een rij zetten.

• Het aantal moslimse "medelanders" wordt gewoonlijk geschat op 300.000 tot 350.000 mensen. In één adem erachteraan wordt dan vaak vermeld dat het geboortecijfer hoger ligt dan bij "etnische Nederlanders".
Afhankelijk van het gezichtspunt van de scribent kan zo'n gegeven méér dan neutrale associaties opwekken!

• Die medelanders hebben onlangs voor het eerst kunnen meedoen aan gemeenteraadsverkiezingen.
Dat heeft niet zo'n aardverschuiving' veroorzaakt als sommigen (niet-moslims) wilden doen vóórkomen.

• Er IS in heel wat plaatsen een moskee gekomen; nieuwbouw, of een voormalige kerk; in één geval (Tiel) gaat het om een voormalige synagoge.

• Er is gekrakeel geweest rond begrafenissen; mag men in dit land mensen volgens de islamitisehe gewoonten begraven? Dat mag in een aantal plaatsen, kan worden geconcludeerd.

• Er was ook gekrakeel om de wijze waarop moslims (en Joden) hun dieren slachten. Was dat pijnloos genoeg, voldeed het aan alle maatstaven? Deze kwestie is geluwd, meen ik. Of de discussie laait weer op bij het volgend Islamitisch offerfeest.

• Sinds 5 oktober j.l. hebben we er in de "Islamitische Omroep Stichting' een nieuwe zendgemachtigde bij. De NCRV-gids van 15 november j.l., waarvan ik wat gegevens ontleen, meldt dat het gaat om 13 uur televisietijd en 52 uur radiotijd per jaar.
De eerste programma's hebben we inmiddels kunnen bekijken.
Voorzover de schrijver in de NCRV-gids bekend is, is ons land het eerste niet-islamitische land waar zo'n moslimse omroep zendtijd heeft gekregen, één kwartier per week. (op donderdag)

• Er is in de pers een verontruste reaktie verschenen van de hand van Midden-Oosten kenner Dr Leonard Biegel; hij waarschuwde dat in onze samenleving moslimse jongeren zich tot islamitisch fundamentalisme zouden kunnen gaan bekennen, als ze zo kansarm blijven als nu het geval is.
In een artikel in Elseviers Magazine (19 oktober 1985) wordt een (overigens anoniem gebleven) islamoloog sprekend ingevoerd die opmerkt: "De islam is een tijdbom onder de Nederlandse samenleving".

• De uitlatingen van Mohamed Idris Lachman, secretaris-generaal van ·de "Stichting Welzijn voor Moslims", over de staat Israël, Zionistenen Joden, hebben beroering gewekt. Eruit sprak een sterke vijandschap tegenover alles wat naar .Jodendom riekt.
Hij is overigens hierom afgetreden.

• Ronny Naftaniël, directeur van het CIDI (Centrum voor Documentatie en Informatie Israël) heeft onlangs de oprichting van een Jood-Moslims overlegorgaan bepleit (pendant van het OJEC, dat de relatie tussen
Joden en Christenen probeert te bevorderen.)

Meer redenen tot verontrusting
Zijn hierbij zaken die sommigen grote zorg geven. Wat te denken van de uitlatingen van de heer Janmaat, vertegenwoordiger van de Centrumpartij, een inmiddels al weer weggevaagde partij.
Nog verderfelijker is het tegen buitenlanders gerichte verbale geweld van mensen als Henk Glimmerveen.
In hoeverre is de moord op de Antilliaanse jongen Kerwin Duynmeyer (door een 16-jarige jongen die er geen spijt van zei te hebben) symptomatisch voor een nieuwe situatie? Het Iascistoïde (of erger) taalgebruik van FC Den Haag-supporters t.o.v. de "Joden van Ajax" kan zich moeiteloos gaan uitstrekken tot Moslims, of buitenlanders in het algemeen. En hun gedrag doet ook het ergste vrezen. De vroegere welvaarts- en rechtsstaat der Nederlanden heeft vele zaken, en zeker mensenharten en mensenmonden en mensenhanden niet meer in de hand ... "Het failliet van de Integratie"
is een wat provocerend artikel in de Tijd. Er wordt gewezen op de overvloed van publicaties èn op het uitblijven van wezenlijke oplossingen voor het in die publicaties gestelde probleem. "Misschien zijn er in ons land wel aohtduizend enquêtes; rapporten en beleidsnota's verschenen, allemaal gewijd aan het zogeheten minderhedenprobleem." In hetzelfde artikel lees ik dat zo'n zestig organisaties deelnamen aan de "Prinsenhofconferentie over discriminatie en racisme".
Maar iemand die zich met de studie van racisme in Amsterdam bezighoudt wordt geciteerd: "Racisme, vreemdelingenhaat, dat tref je in de hele samenleving aan, van links tot rechts."
Een Surinaamse journalist hier te lande merkt op: "Steeds meer ervaren de autochtone Nederlanders de nieuwe landgenoten als een bedreiging." Een hulpverlener geeft als commentaar: "Ze (de Turken en Marokkanen, PJvK) vrezen zelden hun buren, maar altijd die anonieme machten: de politiek, de ambtenarij, de politie, de abstracte Nederlander.".
Duidelijk is dat we als Nederlandse samenleving op een onoverzichtelijke en oncontroleerbare situatie kunnen gaan afkoersen.
En dat er heel wat lééd in .'onze samenleving voorkomt.
Leed dat kan toenemen ...

En verder ...
En verder zijn er talloze nieuwe publicaties verschenen, waarvan ik een aantal graag onder uw aandacht zou brengen. Wat is erveel goed en gedegen materiaal beschikbaar!
Verder is er in de samenleving, maar ook "op Christelijk erf” meer aandacht gekomen voor de vragen die de aanwezigheid van zo'n aantal "vreemdelingen binnen onze poorten" ons stelt. Een goed ding, ware het niet dat er zo'n kolossaal verschil in visie en optiek blijkt te bestaan! Het gevolg: er is bepaald sprake van binnenkerkelijke moeite in het vinden van een gemeenschappelijk beleid (en belijden) naar moslims toe. Het kerkvolk wordt op zeer uiteenlopende wijze voorgelicht over het probleem en de te volgen koers als gelovigen.
Er komen standpunten naar boven die elkaar niet alleen in de praktijk slecht verdragen, maar ook lijken voort te komen uit heel verschillende theologigische en andersoortige "invalshoeken".
Gezien ook het belang van goede informatie op dat laatste punt, wil ik een serie artikelen daarmee beginnen. Het zal wel een aantal artikelen vergen voordat de hoofdlijnen en de achtergronden van elke visie, en hun onderlinge relatie, duidelijk gemaakt zijn. Maar het is voor ons goed daarvan weet te hebben, meen ik.
Laten we alleen wel beseffen dat zolang we ons alleen maar. op uitgangspunten oriënteren nog niets concreets hebben bijgedragen aan de situatie van hen die zo vaak "gespreksonderwerp" worden gemaakt ...

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief