Fritz en Jansje Krüger moesten eerst inburgeringsexamen doen
2011-08-19
ZAANDAM - Sinds 10 juli is dr. Fritz Krüger predikant van de Zaankerk (GKV/NGK) te Zaandam. Hij is Zuid-Afrikaan en was vóór zijn komst naar Zaandam actief als zendingspredikant van de NGK Leerdam in het Nqutu-district in KwaZulu Natal, ten zuidoosten van Johannesburg. Ondanks de grote verschillen tussen de Zuid-Afrikaanse en Nederlandse samenlevingen is volgens ds. Krüger de overstap tot nu toe boven verwachting verlopen. Voor Fritz, zijn vrouw Jansje en dochters Anja en Marijke breekt een tijd aan van wennen aan de nieuwe omgeving. - Jaargang 55
- nummer 16
Nederland was voor Fritz en zijn gezin geen onbekende plek. ‘We zijn hier al vaker geweest voor bezoeken aan de steunbiedende kerken van de Nederlands Gereformeerde Zendingsvereniging Nqutu,’ zegt Fritz. ‘We kunnen dus al aardig de weg vinden in Nederland.
Het valt ons op dat alles in Nederland goed geordend is en dat de mensen zich over het algemeen aan de regels houden. Afrika is totaal anders: onvoorspelbaar, vaak chaotisch en je doet maar wat je zelf goed vindt. Maar juist dat geeft weer een gevoel van spontaan, bruisend en avontuurlijk leven. In vergelijking met de vrede van het leven op
het platteland van Zuid-Afrika is het hier druk en alles moet snel gebeuren.’
UWV en IND
Voor de komst van ds. Krüger en zijn vrouw en dochters naar Nederland moest een veelheid van zaken geregeld worden, zoals het verkrijgen van een werk- en verblijfsvergunning, het verschepen van spullen, het boeken van de vliegreis en het voorbereiden van de huisvesting. In de Zaanse gemeente zijn diverse mensen daarmee druk in de weer geweest, waarbij kerkenraadsvoorzitter Eelco Holwerda het voortouw had. Het was volgens hem ‘een bijzondere klus om het gezin Krüger naar Nederland te krijgen.
Maar we hebben er de zegen van God in ervaren. Het was vaak een kwestie van goed communiceren met overheidsinstanties, maar ook binnen de gemeente, omdat we het werk verdeeld hadden over verschillende commissies’.
Voordat het zover was dat de Krügers toestemming kregen om naar Nederland te komen en hier aan de slag te gaan, heeft Holwerda vooral te maken gehad met het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) en de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). ‘De aanvraag bij UWV en IND van een werkvergunning was een belangrijke stap in het hele proces’, licht hij toe. ‘Die aanvraag hebben we gedaan op basis van de beroepingsbrief, de financiële bijlage en kopieën van de bevolkingsgegevens van ds. Krüger en zijn gezin.
Zo is het werk dat de immigrant gaat doen van belang voor het al dan niet krijgen van een vergunning. In dat kader is ds. Krüger aangemerkt als geestelijk bedienaar.
regelgeving opent in dat geval een wat gunstiger route in vergelijking met andere beroepen’.
Regelmatig deed Holwerda bij de instanties navraag naar de voortgang van het proces en daardoor wist hij vertraging te voorkomen.
Hij is tevreden over de samenwerking met het UWV en de IND. ‘Alles bij elkaar had het een heel jaar kunnen duren, maar nu heeft de IND al na vijf maanden besloten om een machtiging tot voorlopig verblijf af te geven’. Het feit dat de Zaanse gemeente over een pastorie beschikt heeft volgens Eelco Holwerda het proces vergemakkelijkt. ‘We konden in elke fase al een vast woonadres opgeven’.
Rijbewijzen
Tegelijkertijd leverden Fritz Krüger en zijn gezin in Zuid-Afrika hun bijdrage aan een vlot verloop van hun overstap naar Nederland. Om in aanmerking te komen voor een inreisvisum moesten Fritz en Jansje Krüger een inburgeringsexamen afleggen op de Nederlandse ambassade in Pretoria. ‘Eén van de onderdelen was Kennis van de Nederlandse Samenleving,’ geeft Fritz aan. ‘Daar hebben we ons op voorbereid met behulp van een boek en een dvd die we in Nederland besteld hadden.
Het ging om de meest elementaire dingen over het leven in Nederland: het regent er vaak; er zijn veel auto’s en fietsen op de weg; je moet respectvol omgaan met vrouwen; Nederland grenst aan België en Duitsland. Allemaal erg eenvoudig.
Een ander deel van het examen ging over Taalvaardigheid.
Daarvoor was geen cursusmateriaal beschikbaar, maar met onze kennis van het Zuid-Afrikaans was dat geen probleem. We moesten zinnen naspreken, eenvoudige vragen beantwoorden in het Nederlands, twee gesproken verhalen beluisteren en dan zo volledig mogelijk navertellen.
Tijdens het examen spreek je geen mens – alleen een computer in Nederland waarmee je verbonden bent via internet.
Toen we naar huis gingen, keken we elkaar aan en zeiden tegelijk: waarom waren we hier eigenlijk zo bang voor?’ Hoewel ze voor dit examen geslaagd zijn, is voor Fritz en zijn vrouw het hoofdstuk ‘inburgering’ nog niet afgesloten.
Binnenkort begint Fritz aan een inburgeringscursus voor ‘geestelijke bedienaren’ en Jansje zal zich via een ander traject verder verdiepen in de Nederlandse taal en gewoonten.
De extra inburgeringscursus die Krüger als predikant gaat volgen, is vooral gericht op begrip voor mensen met andere godsdienstige overtuigingen. ‘Aan die cursus doen mensen met geestelijke beroepen mee uit diverse landen en met verschillende overtuigingen. In één van de cursusonderdelen moet je praktijkopdrachten doen, die vooral betrekking hebben op de begeleiding van mensen met sociaal-maatschappelijke problemen. In principe heb ik drie jaar de tijd om de cursus af te ronden.’ Iets wat de Krügers minder leuk vinden, is dat ze niet direct mogen autorijden in Nederland.
‘Jansje en ik moeten opnieuw ons rijbewijs halen’.
Zorg en liefde
De procedure om een voorlopige verblijfsvergunning en een werkvergunning te krijgen, duurde korter dan het gezin Krüger had verwacht.
‘Als mensen maken we ons vaak grote zorgen over hoe alles moet gaan en hoe we de dingen voor elkaar moeten krijgen, maar in deze periode was de Heer ons steeds voor,’ heeft Fritz Krúger ervaren.
‘Nog voor we konden gaan tobben over hoe en wat, was alles al geregeld en heeft de Heer de weg voor ons gelijk gemaakt.’ De soepele gang van zaken neemt niet weg dat het achterlaten van Zuid-Afrika pijnlijk was. ‘Het afscheid nemen van onze ouders en zussen en vele lieve vrienden was niet gemakkelijk. Maar de Heer zelf maakt het ook weer goed door ons midden in een gemeente te plaatsen waar een overvloed van zorg en liefde voor ons is en waar we zo goed opgevangen zijn, dat dit de pijn geneest’