Klokkenluider

1985-04-05
  • Jaargang 29
  • nummer 14
Er was iemand die me erop attent maakte dat ik bij de ondergewaardeerde kerkelijke functies : de klokkenluider niet besproken heb. Dat was ik me wel bewust, maar ik dacht: er zijn er zo weinig en áls er nog een klok in de toren is, wordt die elektrisch bediend zodat er geen kunst meer aan is. Ik zou bovendien de klokkenluider: niet rangschikken onder de vergeten en te laag gewaardeerde functionarissen, maar onder de stoottroepen. De klokkenluider vervult een speerpuntjunctie.

Hetgeen regelmatig blijkt, Neem bijvoorbeeld de Wieringermeerbode van 23 maart. Daarin treft men een advertentie aan over twee kolom, met deze inhoud: Iedere zondagmorgen om 9.15 uur slapen wij nog als een olifant en iedere zondagmorgen om 9.15 word om wij wakker gekletterd door de klok van de kerk op de hoek van de Lovinkstraat. Nu is ons vriendelijk verzoek aan de baas van die kerk of de klok misschien om 11.00·of 12.00 uur geluid kan worden. Daar wij geen idee hebben wie de baas is willen wij dat hier per advertentie vragen. Bij voorbaat dank; bewoners prof. ter Veenweg".
Er is met de klokken van die kerk (Geref. Kerk in Middenmeer) al vaker iets aan de hand geweest. De klepel is eens naar beneden gestort en heeft een geparkeerde auto vernield. Persoonlijk ongelukken deden zich niet voor. De klokkenluider heeft zeker nogal een stevige hand van luiden. Overigens zou ik tot hem willen zeggen: niets: aantrekken van die mensen aan de Ter Veen weg, want wie slaapt er nog om 9.15 uur? Te gek gewoon.

lk heb ergens gewoond waar het traditie was dat een koor samen met een muziekcorps in de kerstnacht door het dorp ging om te zingen en te blazen. Er was toen eens iemand die een raam opendeed en de,inhoud van de slaapkamerpo(t) naar beneden wierp. De zangers en de muzikanten zagen dit als een begin van de verdrukkingen en ze waardeerden het niet dat ik begrip kon opbrengen voor het gebaar van protest dat uit die woning kwam, Misschien werden er wel kinderen wakker van de muziek. Eén van het corps antwoordde mij, dat de engelen ook zongen in de kerstnacht, maar ik zei daarop weer; dat ze het niet in het dorp deden doch in het veld, bij mensen die wakker waren. Ik bedoel maar, dat we met onze evangelisatiemethoden ook irriterend bezig kunnen zijn. Door aan te bellen of op te bellen zonder dat je weet of het gelegen komt. Toen we daarover eens een diepgaand gesprek voerden, zei iemand, dat Paulus toch aan Timotheüs geschreven heeft, dat hij het woord verkondigen moest of het nu gelegen of ongelegen kwam . (2 Tim. 4: 2). Daarover heb ik toen iets nagelezen. De hoogleraar E. L. Smelik, die vorige maand stierf, zegt ervan dat het “gelegen of ongelegen" tot Timotheüs gericht is. Die moet preken, ook als het hém minder goed uitkomt. Smelik sluit zich daarin bij Calvijn aan. Het vraagt nogal wat goede intuïtie om aan te voelen, wanneer 'iemand open staat voor een evangelische opmerking of voor een gesprek. Het werkt gauw averechts als ie plompverloren begin te “preken".

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief