Pastorale notities

1984-06-08
  • Jaargang 28
  • nummer 23
Vorige maand kwam er weer een boek uit van Maarten 't Hart, die in Maassluis geboren en getogen is. "Het roer kan nog zesmaal om" is de titel en op het omslag zie je de schrijver staan aan de haven hier. Op de achtergrond, over het water heen, staat de Grote Kerk en inderdaad getuigt het boekje van de afstand die er gekomen is tussen zijn schrijver en de kerk.
Dat vlak achter de auteur de sleepboot "Furie" ligt, zal wel niet als symboliek bedoeld zijn en 't Hart heeft misschien zelf niet geweten, dat hij pal voor het huis van mevrouw Cordia stond.
Hij kijkt, om zo te zeggen, haar huiskamer binnen. In eerder werk heeft hij de “bovenmeeester Cordia" als een schertsfiguur neergezet. Het zal de weduwe en dat de meester royaal eerherstel de kinderen-Cordia goed doen, krijgt van Maarten 't Hart, want Cordia heeft Maarten klaargestoomd voor het lyceum en daar veel voor over gehad (blz. 33-35).
De vrijgemaakte kerken staan er in dit boek gekleurd op, blz. 225-239. "Oom Nico" speelt uiteraard weer een rol, maar ook prof. J. Kamphuis komt het podium op. Gek, je hoort of leest nooit meer iets van of over hem en dan loop je hem opeens tegen het lijf in een boek van Maarten 't Hart. Kamphuis neemt na de kerkdienst in Blokzijl "oom"even apart om te spreken over de naderende scheuring, die "de Enige Ware Kerk zal opsplitsen in Twee Enige Ware Kerken".
Maarten 't Hart heeft de vrijmaking bestudeerd; in Maassluis kerkte hij 's morgens in de vrijgemaakte kerk, voor studenten in Leiden houdt hij er een lezing over, hij erkent de “zaaksgerechtigheid" van de vrijmaking en hij kent Vonk als prediker en via diens boeken.
"De voorzeide leer", schrijft Maarten 't Hart. Hieruit zie je maar weer, hoe ongelukkig de keuze voor de titel was van die reeks, want nu is het "de leer van de voorkant". Alleen wie het oude doopsformulier van buiten kent, weet wat er bedoeld is met "De voorzeide leer".
Aangrijpend is het gesprek met een meisje in Katwijk op de zondag na de scheuring daar.
Haar verkering met een jongen van de andere kerk loopt gevaar en Maarten tracht haar te troosten.
Hij gevoelt zich tot haar aangetrokken, maar weet dat "het" nooit iets worden kan, want zij is "werkelijk mooi" en hij bepaald niet. Ik denk dat er in die tijd wat meer over de molensteen gepreekt had moeten worden, over het ergeren van de kleinen. Dat leert dit boek aan het volk. Maar toch, dat boek. Jezus wordt "nogal een opschepperige man" genoemd en daar kan ik niet tegen.
Het omslag zegt dat het boek een behoorlijke dosis venijn bevat. Inderdaad. Ook hier vooral in de staart. Christelijke mensen kunnen aardig zijn en subjektief eerlijk, maar ze verkondigen leugens. Dat is de tendens van het verhaal. Ik vermoed dat het jongeren zal aangrijpen, zoals dat met mij het geval was. Als ze het verslonden hebben, moeten we erover proberen te praten met ze, want het boekje vreet aan je geloof.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief