Boekbespreking

1984-06-01
  • Jaargang 28
  • nummer 22
Hans Werkman: "Het hart op tafel" - Ervaringen en feiten rondom hartoperaties - met medewerking van Prof. dr P. J. Kuijpers, hartchirurg.
Uitgave van J. H. Kok, Kampen - 237 pag. Prijs f 27,50.

Dit boek - waarvan intussen een tweede druk verscheen - ligt al een hele tijd op bespreking in dit blad te wachten. Mijn excuus aan het adres van schrijver en uitgever voor dit verzuim. Uitstel van deze boekbespreking betekent overigens niet, dat ik geaarzeld heb wat betreft de inhoud. Integendeel.
De schrijver, die op een uitvoerige manier zijn ervaringen rondom een hartoperatie in Amerika op papier heeft gezet weet de lezer te boeien. Al ervaart iedereen op eigen wijze het ondergaan van een dergelijke operatie, er zijn vele dingen waarin ik mijn eigen omstandigheden van enkele jaren geleden herken. Ik ben toen zelf in het Antonius-ziekenhuis te Utrecht opgenomen geweest voor een dubbele klepoperatie. Je ziet er ontzaglijk tegenop. Maar als je terugkijkt kom je tot de konklusie, dat het allemaal anders is gegaan dan je aanvankelijk gedacht had. Het geloof is voor Gods kind een geweldige troost en bemoediging. Het bezig-zijn met de Bijbel ook vlak voor de operatie zoals Hans Werkman dat beschrijft heeft - het is ook mijn ervaring geweest - een aparte betekenis. Je krijgt kracht om je over' te geven aan je Heiland. Ik vind het fijn, dat de schrijver dat' zo nu en dan aan de orde stelt. Hij loopt er niet mee te koop en wil bij de lezer niets forceren. Zo komt het des te beter over. Het is een feit, dat je ook ná de operatie nuchter moet leren leven met de werkelijkheid.

Het boek bevat veel informatie en mooie foto's, die één en ander te zien geven van wat er met je gebeurt als je een dergelijke operatie moet ondergaan. Het lijkt allemaal erg griezelig, maar het is goed tijdig kennis te verzamelen van wat je te wachten staat. Door de deskundige inbreng van Prof. Kuijpers, die inmiddels overleden is, heeft het boek in medisch-technisch opzicht nog aan waarde gewonnen. Buiten een goede opvang in het ziekenhuis zèlf kan deze uiteenzetting helpen om de mensen op het ingrijpende gebeuren in hun leven voor te bereiden. Het is goed een dergelijke uitgave ook aan je familieleden in handen te geven. Zij voelen zich in het bijzonder in zó'n situatie vaak machteloos. Verder ben ik het met Hans Werkman helemaal eens als hij schrijft op blz. 43: "Aanstaande hartoperatie-patiënten moesten veel meer contact hebben met al geopereerde patiënten, die hen goede informatie kunnen geven."

Het boek is keurig uitgegeven en zijn prijs echt waard! Graag wil ik het hierbij aanbevelen.

A. Mooiweer-Janssens, Enschede

J. J. Arnold: "Dingen die wij niet zien" Prekenbundel - 167 pag.
Uitgave van Oosterbaan en Le Cointre, Goes. Prijs, gebonden, f 23,90.

Ds J. J. Arnold is geen onbekende figuur.
Hij heeft o.a. in de loop van ettelijke jaren heel wat boekbesprekingen geleverd in het "Nederlands Dagblad". Daaruit bleek steeds weer hoe hij nauwkeurig te werk gaat in de beoordeling van andermans werk. Welnu, diezelfde eigenschap blijkt ook zonneklaar uit dit boek, dat ons ter bespreking in dit blad werd aangeboden. De (vrijgemaakt) gereformeerde emeritus-predikant van Amersfoort-West heeft deze prekenbundel opgedragen aan genoemde gemeente, die hij vijfentwintig jaar dienen mocht. In zijn "Woord vooraf" verontschuldigt de auteur zich ten aanzien van de eigenaardige manier van zeggen waaraan hij zich schuldig maakt zoals hij het zelf uitdrukt. Wij willen dat excuus van harte aanvaarden, maar vinden het eigenlijk helemaal niet nodig. Ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is en dat de echtheid van de gemaakte en uitgesproken preken bijna geheel bewaard is achten wij een pluspunt! De bundel bevat vier preken uit Amos en acht preken uit de brief aan de Hebreeën. Van de preken uit Amos heeft ons met name die over Amos 5 : 4-6 aangesproken. In bedoelde preek wordt duidelijk getekend hoe God zijn uitnodiging tot het heil aan het adres van zijn volk motiveert: "Onze God wil een koésterend vuur zijn en niet een vertérend vuur." (p.60). In de preken uit de brief aan de Hebreeën komt sterk naar voren, dat het volk van God het in deze wereld alleen vermag uit te houden door de kracht van het geloof. Er zijn veel dingen, die wij nog niet zien. Daardoor wordt de spankracht van ons geloof beproefd. Maar de predikant, die hier aan het woord is, is vuurbang voor de om zich heen grijpende kracht van het ongeloof. Dat ongeloof is als een besmettelijke pestziekte. We hebben elkaar aan te sporen - dat is nog iets anders dan elkaar alleen maar vermanen - om trouw te blijven en te strijden aan de frontlinie, die de Here heeft uitgestippeld. "We zijn elkaars herders" (p. 83). Als dat eens wat meer werd gehonoreerd zou de gemeente er anders gaan uitzien. In de preek over het offer van Abel konkludeert m.i. de auteur te véél uit de spaarzame 'gegevens, die Genesis 4 ons aanreikt. Er is iets in het leven van beide broers geweest, dat Gód alleen kon ontdekken en taxeren in het kader van het geëiste geloof en de gevraagde liefde. De preek over Hebr. 11: 1-3 - Thema: "De zekerheid van het leven in geloof als moedeloosheid dreigt", achten wij subliem! Er zit in de prediking van kollega Arnold een bepaalde dynamiek. Je kunt al lezend merken hoe hij op dreef kwam toen hij bezig was het Woord, uitgaande van die bepaalde tekst, voor de gemeente te ontvouwen. Deze preken zijn sterk exegetisch. De zgn. toepassing ontbreekt niet, maar had o.i. wel meer persoonlijk toegespitst mogen worden. Wij betreuren het, dat in verschillende preken te weinig Schrift met Schrift vergeleken is. Niet, dat men in elke preek de hele Bijbel moet doorwandelen, want dan wordt het geheel puur ongenietbaar. Maar toch wel zó, dat gewezen wordt op het Schriftverband. Deze preken hebben alle een thema en verdeling. Daar hebben wij als zodanig geen bezwaar tegen. Of de hoorders het allemaal vast kunnen houden blijft voor ons een open vraag. Zeker wanneer één en ander zo nu en dan wat wijdlopig dreigt te worden. Wij willen onze waardering uitspreken voor wat Ds Arnold in deze prekenbundel ons biedt. Het verrijkt je Schriftkennis en doet je de HERE, de God van het Verbond, zien in zijn genade en gericht. En daar gaat het toch om in de prediking van het heilig evangelie!
Het boek is keurig uitgegeven. Wij bevelen lezing van dit werk hartelijk aan!

O. Mooiweer, Enschede

Bidden en bijbellezen

Enkele jaren vóór WO 11 verscheen bij Van Bottenburg, Amsterdam, een serie van 3 boeken "voor de rijpende christelijke jeugd". In fris gele band met helder groene opdruk uitgegeven. Als ik ze in mijn boekenkast zie staan herinneren ze me aan de periode-jeugdvereniging van toen. De jongeren hebben, ook in die tijd, veel steun gekregen van de ouderen, maar - en dat bemerk je eerst achteraf - het was veelal in een erg belerende stijl. Dat paste in die tijd. Déze boeken echter poogden "een gesprek met die jeugd zelf (te zijn) over kwesties, hun leeftijd rakende". Vandaar dat daarin zaken als beroep en studie, ontspanning, politiek enz. aan de orde kwamen, evenals "bidden en bijbellezen". Het hoofdstuk, dat daarover handelde, schreef de heer A. Janse, onder ons nog wel bekend. Het is nu afzonderlijk opnieuw uitgegeven in de brochure-reeks van het "Gereformeerd Schoolblad". Het leest gemakkelijk, juist ook omdat de gesprekstoon gewoon is. Je wordt áángesproken. En op een eenvoudige manier. Over werkelijkheden, die je in je eigen leven tegenkomt.
Eén voorbeeld daarvan, over de manier van bidden. "Scrupuleuze mensen kunnen als ze op audiëntie zijn bij H.M. de Koningin, zó confuus worden door op zichzelf te letten, of ze wel alles goed doen, dat ze hun nood en wensen niet voldoende kunnen uiten en de welwillendheid van hun Vorstin niet voldoende waarderen. Ze staan zichzelve in de weg. Bij 't bidden tot God komt deze houding nog veel meer voor. Want de zelfhandhaving tegenover God is zo geheel naar het natuurlijk hart des mensen, dat er een nieuw hart voor nodig is, om met de eigenwillige gebedsgodsdienst in beginsel te kunnen breken. Altijd weer zal het hart begeren van nature, om door ónze godsdienstigheid des gebeds, Gode welbehagelijk te worden. Het welbehagen in onszelf wil zich zo voordoen aan God, dat Hij ook een welbehagen in ons krijgen zal." (pag. 5). Zó dus niet tot de HERE gaan. Wel zoals de Here Jezus Zijn discipelen leerde bidden "Onze Vader", vanuit de kinderverhouding-om-Christus’-wil (pag. 13).
Een tweede voorbeeld van dat gewone, werkelijke, in het bijbellezen ,,'t allermeeste gaat het in de Schrift niet over óns en óns leven, noch over de gelovigen, wier namen in de Schrift vermeld staan, maar over ónze God en over onze Heer, Jezus de Christus. En dan moet ons hart nog méér luisteren dan wanneer het over óns in verband met de Schrift gaat." (pag. 23).
De inhoud van wat nu als brochure is uitgegeven, is nog steeds bij-de-tijd; we mogen de redactie van genoemd school orgaan wel dankbaar zijn dat zij deze - en vele andere - brochures heeft uitgegeven. En zo'n dankwoord is ook daarom op zijn plaats, omdat er een gewijzigde opzet te wachten is. De Vereniging van Gereformeerde Onderwijzers en Leraren (VGOL) is nl. aan het begin van dit jaar opgeheven. In haar plaats zal nu een werkgroep-Gereformeerd Schoolblad de reeks voortzetten.
Deze werkgroep bestaat uit: ds J. C. Janse, Ermelo; F. Leenman, Wezep; J. Schaafsma, Zuidhorn; C. J. Stahlie, Uithoorn; J. L. Struik, Heino en G. Treurniet, Berkel en Rodenrijs. We wensen de broeders veel voorspoed bij dit werk.
Abonnees op de serie ontvangen voor f 12,- vier brochures per jaar. Ze zijn ook afzonderlijk verkrijgbaar, maar dan betaalt U meer. Voor de besproken uitgave is dat f 4,20 en als U dit bedrag overschrijft op postrekening 800093 van de Rabobank te Heino t.g.v. J. L. Struik, rekeningnr.32.7150.602 ontvangt U het besproken boekje franco thuis.

M. de Jonge, Voorburg


Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief