De almacht van God
1985-05-17
In de belijdenis, dat God almachtig is, spreken wij uit te geloven dat God ook de aarde onderhoudt en regeert. Deze belijdenis past niet in het moderne wereldbeeld. Vroeger meende men) dat hemel en hel invloed konden uitoefenen op onze wereldgeschiedenis. Wij mensen van de 20e eeuw weten wel beter. Het hele wereldgebeuren) zo leren ons sommige filosofen ligt ook wat de toekomst betreft vast. Misschien hebben we wel de indruk) dat er nog een beetje elasticiteit in zit, maar dat ligt aan de beperktheid van onze blik. Het ene feit vloeit, zo meent men, onherroepelijk uit het andere voort - Jaargang 29
- nummer 20
Wij hebben de indruk, dat b.v. de toekomstige verhouding van de grootmachten van deze tijd, Amerika. Rusland en China nog deze of gene kant uitgaan.
Het kan nog vriezen of dooien. Dit is echter, zo stelt men, gezichtsbedrog. Als je heel intelligent zou zijn, zou je het toekomstig gebeuren precies kunnen voorspellen. Het leven lijkt als het ware op een film, die vertoond wordt. Deze film houdt de toeschouwers wel in spanning, maar in werkelijkheid staat al vast wat later volgt, Het is immers al op het celluloid vastgelegd. Mensen, die dit geloven raadplegen dan ook vol vertrouwen hun horoscoop waarin beschreven staat wat voor. hen is weggelegd. Het leven, zo denken deze mensen, voltrekt zich volgens eeuwige wetten, die door de sterren worden bepaald. Wanneer deze beschouwing juist zou zijn, dan is er van een ingrijpen van God natuurlijk geen sprake. Dan kunnen we maar beter gelaten afwachten wat over ons komt. Dan is het verstandiger ons gebed maar te staken. Dan kan er geen sprake zijn van een almachtige God.
Gelukkig mogen wij weten 'en geloven, dat onze God en Vader hemel en aarde bestuurt en onderhoudt en dat niets buiten Hem omgaat en niets tegen zijn wil geschiedt. Wij mogen bidden in het geloof, dat de toekomst nog open ligt. God heeft de wereld niet aan zichzelf overgelaten. Hij is en blijft de dirigent, die alles bestuurt en overal de hand in heeft. Goddank, we mogen op Hem rekenen en tot Hem bidden. Die leiding van God betreft ook de gewone, alledaagse dingen van het leven. Daarom mogen wij ook tot Hem gaan met onze kleine zorgen en beslommeringen. De Bijbel is vol van de almacht van God. Al in het begin van Genesis maakt God zich bekend als de almachtige. Daarvan spreekt heel de Bijbel. Aan het slot van de Bijbel lezen we ook weer dat God van zichzelf spreekt als de God die is en die was en die komt, de Almachtige, Telkens weer ook wordt er in de Schrift op gewezen, dat Gods almacht zichtbaar is in de werken, die Hij doet. Hij is de Schepper en Onderhouder. Hij doodt en doet herleven. Hij maakt rijk en arm. Hij vernedert en verhoogt. Hij wekt Christus op uit de doden. Hij vernieuwt het ,hart vaneen zondaar. Er is kortweg niets dat Zijn vermogen te boven gaat. Geen macht ter wereld kan de zijne beperken.
Hij is de Koning der eeuwen, de zalige en enige heerser.
Hoewel de Schrift dus duidelijk over de almacht van God spreekt hebben veel mensen, ook christenen, heter moeilijk mee. De twijfel over de almacht van God wordt zelfs steeds groter. Men ziet geen kans om Gods almacht te rijmen met Gods liefde. Als God echt een God van liefde is en Hij ook alles kan, dan is het toch niet mogelijk dat het op deze wereld zo'n troep is?
Je kunt wel zeggen, dat de Bijbel spreekt over Gods almacht. maar daarmee ben je niet uit de problemen. Het bestaat eenvoudig niet, dat een almachtige en liefdevolle God zou toelaten, dat het op deze aardbodem zo'n treurige bende is. Een tijdje geleden wees ik op het boek van rabbi Kushner, die ook zat met het probleem van een almachtige God; die toelaat. dat deze aarde een jammerdal is.
Zijn conclusie was, dat God dus niet almachtig is.
Ds P. H. Suurmond gaat in zijn boek “God is machtig - maar hoe?" een zelfde richting uit. Als jongen, .zo schrijft Suurmond, liep hij al vast met de vraag hoe God de mensen zou kunnen voorbestemmen voor de hel en hoe Hij ziekte, oorlog, honger en dood gewild heeft. Ais dat waar is, moet God wel een monster zijn; zo is zijn conclusie. Maar dat is niet mogelijk. God is geen monster. Hij is immers uit de hemel neergedaald om aan een kruis deze verschrikkelijke wereld vast te houden.
God is enkel liefde. Ook Suurmond zet dus een vraagteken achter Gods almacht. Wij projecteren, zo meent hij, menselijke eigenschappen op God. Zo op deze manier: vaders kunnen een hoop, burgemeesters en koningen kunnen nog meer, maar God kan echt alles. Deze gedachtespinsels verdwijnen echter, ais je gaat zien dat God Jezus is en als je vanuit Gods liefde over zijn eigenschappen gaat nadenken. Juist omdat er in deze wereld van God onnoemelijk veel dingen gebeuren, die God nooit gewild heeft, moet Hij telkens weer nieuwe antwoorden zoeken in de onveranderlijke, onuitputtelijke vindingrijkheid van zijn liefde. Tenslotte nog een derde theoloog die achter Gods almacht een vraagteken zet: dr. Okke Jager in "De dood in zijn ware gedaante."
Jager merkt op, dat na de oorlog in het godsbeeld een verschuiving gekomen is, Eerst was God de almachtige, die alles bepaalt. Daarna, na Auschwitz, is God de lijdende, de machteloze, die overschreeuwd wordt door de dood.. God zal wel almachtig worden, aldus Jager, maar Hij is het nog niet. Hij is nog gewikkeld in een gevecht met allerlei tegenmachten waarvan de dood de meest vijandige is. God heeft de dood niet gewild, Hij is een God van levenden.
Nu zijn er ook vroeger wel mensen geweest, die achter Gods almacht een vraagteken plaatsten.
Men beweerde zelfs te kunnen bewijzen dat God niet almachtig kan zijn. De vraag werd gesteld of God een voorwerp kon maken zo zwaar dat Hij het zelf niet kan tillen. Met deze vraag loop je vast met de almacht van God. Immers, als je zegt, dat God iets kan maken dat Hij zelf niet kan tillen, geef je toe, dat Hij niet almachtig is. Zegt men, dat Hij wel een dergelijk voorwerp kan maken, dan betekent dit dat er iets zou kunnen zijn, dat Hij niet kan tillen. Nu is dit verhaal echt een gedachtespinsel, waarbij we menselijke eigenschappen op God projecteren. Men had ook niet zover behoeven te zoeken. De Bijbel spreekt zelf over dingen, die God niet kan.
God kan niet liegen. Hij kan geen berouw hebben. Hij kan niet veranderen. Kan God onrechtvaardig zijn? Kan hij tegen zijn eigen wetten handelen? De almacht van God is niet de optelsom van alle menselijke macht. Wanneer de Bijbel zegt, dat God de almachtige is, betekent dat niet dat God willekeurig alles kan. Het begrip almacht mogen we niet gaan gebruiken als een aparte goddelijke eigenschap. We mogen niet over de almacht van. God spreken los van wat God zelf is.
God kan niets doen wat tegen zijn eigen wezen ingaat. In dit verband spreekt men wel over een vreemde onmacht van God. We moeten erop letten, dat God aan de mens ook een eigen verantwoordelijkheid gegeven heeft. We moeten niet doen alsof God een soort manager is, die alles wel even zal regelen. De Schrift leert ons dat er geen strijd is tussen Gods almacht en zijn liefde. Zijn almacht staat juist in dienst van zijn liefde. God handelt met ons als een vader met zijn kinderen. Hij doet vaak een paar passen terug om onszelf aan het werk te zetten.
Eens deed Hij zelfs' veel passen terug, toen Hij toeliet, dat zijn Zoon aan het kruis geslagen werd. ) Wat een monsterlijke daad, zouden wij zeggen. Een Vader, die zijn zoon aan het kruis liet doden.
Maar het was juist een teken van zijn oneindige liefde.
Pas later zullen we helemaal kunnen begrijpen, hoe die almacht van God dienstbaar was aan zijn liefde.
We moeten er verder op letten, dat God se Schepper, boven zijn schepping staat. Wanneer we vragenstellen als: "kan God onrechtvaardig zijn!" dan halen we God neer in het geschapene.
De wetten gelden niet voor God, maar Hij gaf ze voor ons, zijn schepselen. Calvijn stelde terecht, dat God niet aan zijn wetten gebonden is. God staat boven zijn wetten. Dat moeten we aan de andere kant weer niet opvatten als willekeur; zoals Karl Barth in feite doet.
God staat wel boven zijn wetten, maar niet als een tiran, die zich in willekeur aan geen enkele wet houdt en op Wie we dus niet aan zouden kunnen. God houdt zich vrijwillig aan zijn wetten. Daar is geen enkele wet of norm buiten God. .In dit verband wordt ook wel de vraag gesteld of iets, b.v. de naastenliefde, goed is, omdat God het gebiedt, of gebiedt God ons de naaste lief te hebben, omdat dat goed is. Velen menen het laatste. God gebiedt ons de naaste lief te hebben en Hij moet dat wel doen, zo meent men, omdat naastenliefde in zich zelf goed zou zijn. Maar als dat juist was, zou er toch weer een norm, een wet buiten God om zijn. Dan plaatsen we God toch weer onder een wet en loochenen we zijn almacht. Daar is geen enkele wet of norm buiten God. Omdat God het gebiedt, daarom is het goed. Daar zijn geen grenzen aan de macht van God. Met ons menselijk verstand kunnen we dat niet begrijpen. We kunnen het niet narekenen. Ons sommetje zal nooit kloppen. Eén voorbeeld slechts.
God roept ons tot geloof en dat geloof moet ons door God geschonken worden, Dat is voor ons menselijk verstand een absurde situatie: De Bijbel laat ons geregeld denken in zulke tweezijdigheden, waarvan de diepere eenheid, die we in geloof aannemen, ons denken overschrijdt.
Wij nietige mensen, kunnen onze Schepper niet narekenen. Wij kunnen en mogen God niet neertrekken in het geschapene. Evenmin mogen wij ons boven het geschapene verheffen. Reeds in het paradijs' was er de begeerte als God te zijn. Hoe machtiger de mens zelf meent te worden, des te moeilijker krijgt hij het met de almacht van God. Nu de macht van de mensen zo is toegenomen, meent men dat men de macht van God en die van de mens naast elkaar kan stellen. Maar wanneer we de mens zelfstandige macht gaan toekennen en dus tornen aan Gods almacht, dan gaat God verdwijnen. Dan raken we God kwijt.
Maar is er dan geen verbinding tussen de Schepper en ons schepselen? Jawel, maar niet door God neer te halen en zijn almacht af te zwakken. De mens heeft een religieuze band met God. Daarin zet God de mens naast zich, hoewel Hij hem mens doet blijven. God buigt zich neer tot de mens, hoewel Hij God blijft. Wanneer de mens aan God ontrouw wordt en als God wil zijn, zendt God zijn eigen zoon, Jezus Christus op aarde: Dat is de enige Weg tot de almachtige God en Vader.
Daar is geen grens aan de macht van God onze Schepper. Daar zijn geen grenzen aan de macht van Jezus Christus. Immers: Hem is gegeven alle macht in hemel en op aarde.