Het Woord in de context

1985-05-17
  • Jaargang 29
  • nummer 20
Over het vraagstuk van de verinheemsing van kerk en theologie in zendingsgebieden.
Kijk op Zending. Zendingsbezinning binnen de gereformeerde gezindte.
Redactie: Chr. Fahner, J. Glas, J. E. de Groot, J. Loek, C. Sennevelt.
Kok, Kampen, 1984
162 pag., f 26,-.

Het is een goede zaak dat binnen de gereformeerde gezindte er een bezinning op gang gekomen is op vragen die de zending der kerk raken. Nu is dit niet helemaal correct geformuleerd, want die bezinning was .er natuurlijk al lang binnen die gezindte, om me nu maal te beperken tot twee namen, die van J. H. Bavinck en J. Verkuyl, Ook zij werkten en werken binnen dezelfde gereformeerde gezindten. Maar hier presenteert zich het rechter gedeelte van deze gezindte: gereformeerde bond in de Hervormde kerk, gereformeerde gemeenten, christelijke gereformeerde kerken, althans een bepaalde representant van deze kerken in de persoon van ds J. van Amstel, vrijgemaakte kerken. Vanuit deze hoek is al eens eerder een grotere zendingspublicatie verschenen: “Gij die eertijds verre waart .." , De Banier, Utrecht, 1978, met o.a. uitstekende artikelen van de proff. Versteeg en Graafland, om andere nu maar niet te noemen.
Dat in deze gereformeerd hoek nu een bezinning op zendingszaken op gang gekomen is, valt toe te juichen, te meer wanneer we bedenken dat juist gereformeerden achter gebleven zijn in zendingsijver en bezinning, al haast ik me er aan toe te voegen dat dit ook weer wat al te eenzijdig en generaliserend gesproken is.

Jammer dat onze kerken niet mee (mogen?) doen in deze bezinning, of horen wij niet tot de gereformeerde gezindte? In elk geval wij kunnen onze winst doen met de hier gepubliceerde artikelen en bijdragen. Al eerder verscheen een deel in deze serie, getiteld “Evangelie als cultuur?" met o.a. goed leesbare bijdragen van Van Laar en Fahner. Het gaat in deze publicatie om een zeer centrale zaak in de zendingspraktijk, de verinheemsing, Wat gebeurt er met het Woord als het wordt gesproken en gedaan in een andere situatie dan die van de kerkelijke gemeente in het Westen? Heeft een andere cultuursituatie ook invloed op de wijze waarop dat Woord gestalte krijgt in liturgie, theologie, organisatie e.d.? In de jonge kerken ontstaan uit het westerse zendingswerk wordt de roep om een eigen culturele en confessionele identiteit hoorbaar. De aanvankelijk uitheemse boodschap gebracht door zendelingen uit het Westen moet inheems worden, thuis raken in de eigen culturele context van de gemeenten. Hoe moet dat gebeuren, hoe gaat dat in zijn werk, maar vooral: welke normen en principes moeten daarbij in rekening worden gebracht? De eerste bijdrage is van drs Sonnevelt die een uitgebreide oriëntatie geeft in de problematiek.
Als ik het goed begrijp is dit zijn doctorale scriptie theologie (Utrecht). Helaas zijn alle noten en literatuurverwijzingen -weggelaten, waarschijnlijk om der wille van de leesbaarheid voor een wijder publiek. Ik betreur het; we kunnen nu drs Sonnevelt moeilijker narekenen, terwijl het stoort in de tekst constant citaten tegen te komen zonder verwijzing naar de vindplaatsen. Ik geef de redactie in overweging ons dat niet aan te doen in volgende publicaties: het vermindert de waarde ervan. De literatuurlijst is uitvoerig en nuttig.

Allereerst geeft hij een kort bijbels-theologisch exposé: er zijn drie manieren om de Bijbel te gebruiken bij het opstellen van theorieën van verinheemsing, Men kan proberen bijbelse voorbeelden van verinheemsing op te zoeken; of men kan bepaalde bijbelse themata als uitgangspunt nemen, bij voorbeeld de incarnatie; ook kan men ui-tgaan van het gegeven dat de Bijbel alszodanig een voorbeeld van verinheemsing is, omdat de Openbaring ingegaan is in een bepaalde concrete, historische cultuur: de Bijbel is toch geschreven in historisch lokaliseerbare talen. Ons valt Sonnevelts behandeling niet mee; het is te kort allemaal om bevredigend te kunnen zijn, terwijl zijn eigen positie niet altijd even duidelijk uit de verf komt.
Ik zelf had dit onderdeel wel wat uitvoeriger en gedetailleerder willen zien. Maar toch: voor wie voor het eerst kennis maakt met de problematiek, is dit een handzame inleiding. Misschien dat Sonnevelt ook niet meer beoogt dan dit.

Dan volgt er een historisch overzicht: hoe heeft de kerk van alle eeuwen geworsteld met de vragen die hier liggen, welke oplossingen heeft zij beproefd?
Allerlei bekende theelogen uit de eerste tijd komen ter sprake, maar ook de jongste ontwikkelingen worden niet vergeten. Een gemis vind ik het dat de Kerk Groei School van Mc. Gavran niet behandeld wordt. Juist deze bekende en invloedrijke school in de evangelische wereld had vermeld behoren te worden, temeer daar zij akelig dicht in de buurt komt van ordinologische speculaties à la Gutmann en Keyser.

Verder had Sonnevelt de afstand tussen Gutmann, Keyser en consorten en dr D. Bosch veel scherper moeten laten uitkomen dan hij nu voorzichtig doet, Bosch komt juist vanuit de Zuid-Afrikaanse situatie van apartheid tot scherpe veroordeling van de Duitse zendingswetenschap van voor de oorlog op dit punt. Men kan hen niet allemaal vangen onder het hoofdje 'continuïteit'. Ook het bekende moratoriumdebat wordt verslagen, wat interessant is, temeer daar ik vermoed dat onder ons niet velen zullen weten waar het om gaat. Afgerond wordt met eigen beschouwingen die de moeite van kennisname waard zijn. Ik kan er nu verder niet op ingaan want dat zou de beperkingen van een boekbespreking ver te buiten gaan: Leest u dus zelf.

Daarna volgt er een verslag van verinheemsing in de praktijk: Peru, geschreven door drs De Groot. Interessant om te lezen. Latijns-Amerika is in het nieuws, o.a. door de opmars van de Theologie van de Bevrijding. Er worden ook een aantal boekbesprekingen gegeven door dr Fahner, o.a. over “The secular Saint” van Chr. Webber, De vraag die in dit boek aan de orde wordt gesteld is of evangelische christenen een boodschap hebben aan het welzijn van de wereld om hen heen, en zo ja, hoe kunnen ze daaraan op de beste wijze gestalte geven? Een vraag die ook gereformeerde christenen bezig behoort te houden. Lezing van dit boek lijkt me de moeite waard ook om de evangelische positie op het spoor te komen. Ook een tweetal boeken over gereformeerd zendingswerk op Irian Jaya worden besproken, Tenslotte staat er een kroniek in met een verslag van vrijgemaakt zendingswerk op Curaçao.

Zo weet u ongeveer wat u in dit boekjetegen kunt komen. Men wil oriënteren in moderne zendingsvraagstukken. En dat is een uitstekende zaak. Natuurlijk, als het gaat over "het Woord in de context", dan zijn er vragen en wensen te over. lik zou wel eens wat willen hebben horen over de bevrijdingstheologie in dit verband, maar dat komt wellicht nog aan de beurt. Niet alles kan in één deeltje worden samen geperst. Maar het is goed deze serie aan te schaffen en de geboden bezinning te volgen. Misschien dat de redactie de gereformeerde gezindte wat breder gaat opvatten zodat ook van andere kerkelijke huizen aan de bezinning kan worden deel genomen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief