De basis van eenheid is heel smal geworden

1985-02-15
  • Jaargang 29
  • nummer 7
Onder dit opschrift schreef Ds. L. H. Kwast te Kollum aan het eind van het vorige jaar' een artikel in de Friese Kerkbode; Op een eerlijke wijze analyseert hij verschillende moeiten; die mede het huidige beeld van de gereformeerde kerken in Nederland bepalen. Hij merkt o.a. het volgende op:

En zo gaan, we dan verdeeld en uiteengeslagen met de hervormden samen op weg. Het perspectief ziet er niet aantrekkelijk uit. Het enige voordeel is dat de hervorm!den veel meer ervaring hebben in de omgang met richtingen in de kerk. Ze zijn na een intermezzo in de jaren veertig en vijftig teruggevallen op hun oude gewoonte: laat elkaar met rust! De gereformeerden zijn bezig dat van de hervormden te leren.
Ook onder ons komt groepsvorming voor maar deze is het regelrechte gevolg van de geruisloze terzijdestelling van de gereformeerde belijdenis. Geen synode heeft hardop gezegd dat de binding aan de belijdenis is opgeheven maar in feite functioneert die binding niet meer.

Waarom zijn we nog bij elkaar?
Het mag dan wel een mirakel heten dat - afgedacht van wat in Blokzijl, Urk en Joure is gebeurd - de gereformeerden nog onder één kerkelijk dak verkeren. Vroeger zouden confessionele verschillen allang tot kerkscheuring geleid hebben. Waarom blijft dat vandaag achterwege?
Het zijn mijns inziens twee factoren die daartoe bijdragen. De eerste factor bestaat - het klinkt lelijk wat ik ga schrijven - in de onkunde van vele kerkleden van wat gaande is en van wat op het spek staat. Als de catechismusprediking al sedert tien jaar en meer is afgeschaft, als het grootste deel van de kerkleden geen oriënterend kerkblad onder ogen krijgt, als in gezins- en familiegesprekken de zaken van geloof en kerk buiten de zijlijn geraakt zijn, is het begrijpelijk dat kerkleden gevaar lopen confessionele analfabeten te worden. Ze zijn al tevreden als in de eigen plaatselijke gemeente geen gekke dingen passeren. De tweede factor is het inzicht (dat ik deel) dat kerkscheuringen ook niet alles zijn. In het verleden hebben ze meer verdriet, dan vreugde geproduceerd. De weg van 'onze' vrijgemaakte gereformeerde zusters en broeders is ook, dooi, ravijnen gegaan: Kerkscheuringen zijn de leveranciers van veel onheilig vuur. En de problemen waaruit ze voortkomen, worden onder een ander vloerkleed gedeponeerd. Zo blijven gereformeerden bij elkaar. Maar de basis van hun eenheid is heel smal geworden. Ze kunnen nog samen uit één Liedboek zingen. Dat brengen ze nog op. Waar ligt de grens tussen de schuld en het lot van de gereformeerden?

Wij verkneuteren ons in geen enkel opzicht in de neergang van de kerken waaruit wij zijn voortgekomen. De signalen, die we vanuit genoemde kerkgemeenschap opvangen, moeten ons stimuleren om in eigen gelederen de vinger aan de pols te houden. Want bij een voortgaande de confessionalisering moeten altijd eerst de Dordtse Leerregels het ontgelden, komt vervolgens de Nederlandse Geloofsbelijdenis aan de beurt, terwijl tot slot het confessionele restant, nl. de Heidelbergse Catechismus op de snijtafel komt te liggen. De Catechismusprediking is een groot goed! Laten we die niet gaan verwaarlozen!
Dat kan gauw gebeuren juist in vakante kerken, maar het is niet prijzenswaardig!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief