Opklimmen tot God

1983-03-11
  • Jaargang 27
  • nummer 10
De Vader heeft een lichaam van vlees en beenderen, even tastbaar als dat van de mens; de Zoon eveneens, maar de Heilige Geest heeft geen lichaam van vlees en beenderen, doch is een Persoon van geest. Indien dit niet zo ware, kon de Heilige Geest niet in ons wonen.

(Leer en Verbonden 130: 22)

Andere Heilige Boeken
Voor Mormonen is het Boek van Mormon een heftig boek, hebben we al gezien. Het vertelt de geschiedenis van mensen die vóór Columbus in Amerika woonden. Even gewijd, maar met een andere inhoud, zijn de overige twee boeken die Mormonen als gezaghebbend aannemen.

De Leer en Verbonden "bevatten openbaringen, die aan de PROFEET JOSEPH SMITH werden gegeven en tevens enige toevoegingen door zijn opvolgers in het presidentschap der Kerk".
De 136 afdelingen van het boek geven in chronologische volgorde de inhoud van openbaringen weer, die Smith tussen 1823 en 1844 ontvangen heeft.

De Parel van Grote Waarde is ook een verzamelwerk. Het is "een keuze uit de openbaringen, vertalingen en geschriften van Joseph Smith".
Het omvet vier delen: het Boek van Mozes, het Boek van Abraham, Geschriften van Joseph Smith en de Artikelen des Geloofs.

Deze werken lijken mij althans fragmentarischer toe dan het Boek van Mormon. Los daarvan acht ik de inhoud van deze twee boeken, vanuit orthodox-christelijk standpunt gezien, ketterser nog dan het Boek van Mormon. Niet dat ik het laatste genoemde boek zo gemakkelijk te pruimen vind- verre van dat! Toch staan er in de andere twee werken - die overigens ook van ietwat later datum zijn dan Smiths "vertaling" - nogal wat dingen over de Leer van God, de Christologie, de eindtijdverwachting, de Sacramenten, de visie op zonde en verlossing (kortom, de hele dogmatiek) die ik verder van de Bijbel vind afwijken dan het eerste boek.
Het kost weinig moeite om saillante punten uit deze boeken aan te halen - ze zijn er genoeg.
Vanaf dit moment daarom een poging om - veelal met citaten uit bovengenoemde werken ondersteund - de verschillende mormoonse geloofssteliingen nader te bekijken.

God of Goden?
Houden de Mormonen er een ketterse godsleer op na? Een simpel antwoord valt niet te geven. Anders dan de Jehova's Getuigen ontkennen ze niet nadrukkelijk het Zoonschap Gods van Christus. Ook lijken ze de Drie-enigheid niet af te wijzen.
Blijkens artikel 1 van de mormoonse geloofsartikelen geloven de Mormonen in "God de eeuwige Vader, en in Zijn Zoon Jezus Christus en in de Heilige Geest".
In Alma 22 : 44 (Boek van Mormon) lezen we onder andere: "en allen zullen voor de rechterstoel van Ohristus, de Zoon, en God, de Vader, en de Heilige Geest, Die één Eeuwige God zijn, worden geleid en gehoord om naar hun werken te worden geoordeeld, hetzij die goed of kwaad zijn."
Die duidelijke uitspraken lijken echter te worden ontkracht door wat dn de Parel van Grote Waarde, te lezen valt, In Abraham 4: 3-6 wordt het woord "Elohim" (een woord met een meervoudsuitgang in het Hebreeuws) konsekwent met "Goden" vertaald: "En zij - de Goden - zeiden: Er zij licht. En er was licht.
En Zij - de Goden - doorgrondden het licht, want het was helder; en Zij scheidden het licht, of deden het van de duisternis gescheiden worden.
En de Goden noemden het licht dag, en de duisternis noemden Zij nacht.
En het geschiedde dat Zij het van de avond tot de morgen nacht noemden; En de Goden zeiden ook: Er zij een uitspansel in het midden der wateren, en het zal den wateren van de wateren scheiden."

Is God nu voor de Mormonen een drie-enige God? In een Mormoonse konkordantie, Eldin Ricks "Wegwijzer voor de Schriften" lezen we (p. 36) dat de drie Personen "ofschoon volmaakt één in denken, werkwijze en doel - drie afzonderlijke en van elkaar gescheiden wezend zijn".

Lichamelijk
Wie is schepper, God of de Goden?
Het wordt niet erg duidelijk. Wat te zeggen van het citaat bovenaan dit artikel?
Is God een lichamelijke God?
In dat kader is ook het volgende citaat belangrijk: "Naar het beeld van Zijn eigen lichaam, man en vrouw, schiep Hij ze, en zegende hen en noemde hun naam Adam ten dage, dat zij werden geschapen en levende zielen werden in het land, op de voetbank van God. (Mozes 6: 9 - Parel)

Veranderlijk
Is God tot in alle eeuwigheid dezelfde? "Ja", zeggen de Christenen.
Bij de begrafenis van Oudste King Follett sprak Joseph Smith echter de volgende woorden: God was eens wat wij nu zijn en hij is een mens op een hoger niveau, en is gezeten in de hemelen daarginds .... als u Hem zou kunnen zien, zou u Hem met een menselijke gestalte ... Hij was een een mens zoals wij, ja ... God Zelf, ons aller Vader, woonde op aarde, net als Jezus Christus Zelf ... ".
Die woorden, uit 1844, zijn ook later door Mormoonse schrijvers herhaald.

In de serie Discourses van Mormoonse leiders komen we de opmerkingen tegen "de God die Ik dien is een God die eeuwig veranderlijk is ... " (Brigham Young, deel 1, pag. 93), en "Bedenk dat God, onze hemelse Vader, misschien ook eens een kind en een sterveling geweest is net als wij en dat hij stapje voor stapje is opgeklommen. (Orson Hyde, deel 1, pagina 123).

Het idee van een zekere evolutie, een beweging van laag naar hoog, is ook te vinden in het al genoemde "King Follett Discourse" van 1844.
Door zei Joseph SmitIh het volgende: "Hier dan is eeuwig leven - het kennen van de enige wijze en ware God; en u moet leren om zelf goden te zijn en koningen en priesters van God, op dezelfde wijze als alle Goden voor u gedaan hebben, namelijk door steeds iets verder te komen. .. tot u de opstanding uit de dood deelachtig wordt en in ... heerlijkheid kunt wonen, net als diegenen die in eeuwige macht gezeten zijn ... "
Deze verklaring ligt niet zo ver af van wat we lezen in de "officieel gewijde literatuur". In het boek De Leer en de Verbonden lezen we, in het kader van de leer van het "eeuwige huwelijk": (en de verheerlijkte mensen) zullen de engelen en de goden, die daar zijn geplaatst, "voorbijgaan naar hun verhoging en heerlijkheid in alle dingen, zoals op hun hoofd is verzegeld, welke heerlijkheid voor eeuwig een volheid en een voortzetting van de nakomelingschap zal zijn.
Dan zullen zij goden zijn, omdat zij geen einde hebben; daarom zullen zij van eeuwigheid tot eeuwigheid zijn, omdat zij voortgaan: dan zullen zij boven lles zijn, omdat alle dingen aan hen zijn onderworpen.
Dan zullen zij goden zijn, omdat zij alle macht hebben, en de engelen aan hen zijn onderworpen.
Abraham ontving bijvrouwen, en zij baarden hem kinderen, en het werd hem tot gerechtigheid gerekend, omdat zij hem werden gegeven, en hij Mijn Wet onderhield; en eveneens deden Izak en Jakob niets anders dan hetgeen hun werd geboden; en omdat zij niets anders deden dan hetgeen hun werd geboden, zijn zij hun verhoging ingegaan overeenkomstig de beloften, en zijn op hun troon gezeten, en zijn geen engelen, doch zijn goden."
(L. & V. 132 : 19,20,37)

Wie dàt geen “evolutionisme" vindt mag zeggen wat het dan is!

Adam èn God
Tenslotte moet iets worden gezegd over een (later omstreden) gedachte van Brigham Young als zouden Adam en God (Elohim) aan elkaar gelijk zijn. De gewraakte uitspraak luidt als volgt: "Toen onze vader Adam in de Hof van Eden kwam, betrad hij die met een volmaakt lichaam ("Celestial body") en bracht Eva, één van zijn vrouwen met hem. Hij hielp bij het maken en organiseren van de wereld. Hij is Michael, de Aartsengel, de Oude van Dagen, over wie heilige mannen geschreven en gesproken hebben. Hij is onze vader en onze God, en de enige God met wie we te maken hebben" (Journal of Discourses deel 1, pagina 50).

Voorzover deze schrijver bekend is deze uitspraak (die onder andere door Leer en Verbonden 27: 11 gestaafd lijkt te worden) door de Mormoonse theologen niet teruggenomen, maar wel van verschillende interpretaties voorzien die het volle effekt ervan wat verzachten.

De zondeval is goed
De mormoonse visie op de zondeval is voor niet Mormonen zeker ook opmerkelijk.
In de eerste plaats moet artikel 2 van hun geloofsbelijdenis vermeld worden, dat gelooft' "dat de mens zal worden bestraft voor zij neigen zonden en niet wegens Adams overtreding".
Maar het wordt merkwaardiger als de mens dan gevallen is, prijst hij God; want door de zondeval komt niet alleen de zonde en de ellende in de wereld. Ze is ook oorzaak van de geboorte van nageslacht en ze geeft de mens, die een vrije wil heeft, de kans bij God te horen.
Het Boek van Mormon zegt: Welnu, indien Adam niet had overtreden, zou hij niet zijn gevallen, doch in de hof van Eden zijn gebleven.
En alles, wat was geschapen, had in dezelfde staat moeten blijven, waarin het verkeerde, nadat het was geschapen; en aldus zou het voor eeuwig zijn gebleven en zonder einde zijn geweest.
En Adam en Eva zouden geen kinderen hebben gehad. Zij zouden daarom in een staat van onschuld zijn gebleven, en geen vreugde hebben gehad, want zij kenden geen ellende, en geen goed hebben gedaan, want zij kenden geen zonde.
Doch ziet, alles werd gedaan in de wijsheid van Hem, Die alles weet.
Adam viel, opdat de mensen mochten zijn; en de mensen zijn, opdat zij vreugde mogen hebben."
(2 Nephi 2 : 22-25)

Een bevreemdender - en onchristelijker - gedachtengang valt haast niet voor te stellen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief