Het Liedboek

1982-09-10
  • Jaargang 26
  • nummer 33
LIED 142· "Het hele lied is opgebouwd uit begrippentegenstellingen: klein en groot, duister en licht, tijd en eeuwigheid. De grote nadruk op de armoede en nietigheid van het Kind Christus was voor Luther een geliefd thema". (Comp. p. 390). "De melodie stamt uit de kring Wittenberg, maar was allang vóór de Reformatie bekend. Ze heeft een uitgesproken feestelijk karakter" (Comp. p.391).
Tekst: 3; melodie: 3.

LIED 143 Dit Lied behoort tot de meest gezongen kerstliederen. "Maar in geen enkel kerkelijk gezangboek dat zichzelf respecteert - in de Duitse, noch in de Scandinavische of Engelse - komt het voor. Dat het wèl staat in het enige werkelijk nieuwe kerkelijk gezangboek dat over heel Europa zelfs maar in het verschiet is, stemt wel bitter." Dit "versje" mag wel als karakterloos worden aangemerkt, zowel wat de tekst als de melodie betreft." De hoogste lof die men er aan zou kunnen toekennen is deze, dat er geen onvertogen woord in staat.' Ons "stille nacht" heeft met het oorspronkelijke vrijwel niets te maken". (Comp. p. 392).
Tekst: 1; melodie: 1.

LIED 144 "Een lied van nodiging tot r: blijdschap die in de kribbe van Bethlehem voor de mensen is weggelegd" (Comp. p. 396). De verlossing van zonde en dood, van lijden en verdriet door de komst van Christus krijgt in de diverse strofen terecht alle nadruk. "Deze melodie is wel een van de meest uitbundige die Crüger ooit schreef" (Comp. p. 396).
Tekst: 3; melodie: 3.

LIED 145 Ook dit Lied is te groeperen in de reeks van allerwege bekende kerstliederen. In oorsprong behoort het bovendien tot een van de oudste. Wat de tekst betreft mag misschien de indruk bestaan dat het nog een middeleeuws lied is, er zijn al zoveel moderniseringen in aangebracht, dat het dit in wezen niet meer is. In haar huidige vorm is de tekst goed verstaanbaar.
De melodie, waarvan de oudste notatie reeds uit de 10e eeuw stamt, heeft haar grootste bekendheid gekregen in een notatie uit het begin van de 17e eeuw, die in het Liedboek is aangegeven.
Tekst: 3; melodie: 3.

LIE,D 146 Dit Lied schijnt in Duitsland gedurende de gehele 1ge eeuw het meest geliefde kerstlied te zijn geweest en hoewel het uit de tijd der "Verlichting" stamt vinden we daar nauwelijks typische accenten van. (Comp. p. 399). Bij het aandachtig lezen valt het op dat strofe 4 eigenlijk niet past op de plaats waar het in dit Lied voor komt. Opmerkelijk is dat dit in het oorspronkelijke (Duitse) gezang dan ook niet het geval is. De mooie melodie die met Lied 133 is uitgevallen, blijft met dit Lied gelukkig behouden.
Tekst: 3; melodie: 3.

LIED 147 Van dit kerstlied waren in de liederenbunde11938 alleen de strofen 1,2,3 en 6 opgenomen, waarschijnlijk "vanwege het wat naïeve, al te kinderlijke genre van strofe 4 en 5, dat weinig van een' kerklied heeft" (Comp. p. 400). Ook het Gesangbuch van de Ev. Ref. Kirche der Deutssrpachigen Schweiz mist de strofen 4 en 5. Naar onze mening terecht. De mededeling van de vertaler dat dit Geer nu compleet vertaald kon worden opgenomen vanwege de waardering van beide strofen nu, is dan ook allerminst duidelijk. ' "Dat de tekst van het Lied grote artistieke kwaliteiten heeft zal niemand beweren." De melodie van de cantor Nikolaus Herman is prachtig.
Tekst (uitgezonderd strofen 4 en 5): 3; melodie: 3.

LIED 148 De herkomst van dit Lied, waarvan de tekst voor 't eerst in 1962 is gepubliceerd, is historisch niet meer na te gaan. Het geheel doet denken aan een oud lied (ca. 1700) afkomstig uit Antwerpen. Wel is het merkwaardig dat dit kerstlied twee en een halve eeuw onopgemerkt is gebleven. (Comp. p. 401). De bijzonder sterke melodie wordt aangeduid als "een niet te verklaren wonder, van creativiteit". "Men lette bij het zingen goed op de eerste 5 noten: die zijn lang! In vorige gezangboeken stond dat foutief."
Tekst: 1; melodie: 3.

LIED 149 De dichter zegt van dit Lied o.m.: "Het is een lied over de verborgenheid van de zich openbarende God. God komt tot ons in Christus als de Immanuël- maar wie herkent God in Hem? Maar ook: Christus komt tot ons in de minste van Zijn broeders - maar wie herkent Christus in hen? Deze moeite wordt hier voor God beleden. Het gaat om een existentiële nood van hedendaagse mensen. Al onze moeite met God is tenslotte de keerzijde van het stralend geheim, dat een mens alleen maar kan worden ingefluisterd: Immanuël - God met ons". (Comp. p. 401).
Tegen deze achtergrond kan de tekst van dit Lied goed schriftuurlijk worden verstaan.
Melodie en tekst passen goed bij elkaar: "de melodie is een eenvoudige weerspiegeling van de tekstopbouw." (Comp. p. 403).
Tekst: 3; melodie: 3.

LIED 150 De tekst van dit Lied is speciaal gemaakt om het thema "in den beginne was het Woord" als kerstzang op de wijze van Psalm 134 geheel tot zijn recht te laten komen: Het gaat over de zelfopenbaring naar buiten van het Woord, dat niet rust voordat het wordt gehoord", aldus de dichter.
"Het is precies de geschiedenis van Golgotha en opstanding en daarin is vervat onze antigeschiedenis van niet willen horen" (Comp. p. 404).
Tekst: 3; melodie: 3.

LIED 151 De dichter geeft bij dit Lied de volgende aanwijzing: "U moet dit Lied vooral horen tegen de achtergrond van het overheersende hedendaagse gevoelen, dat woord en daad tweeërlei zijn. Een boosaardig misverstand, dat bezig is zijn duizenden te verslaan, Juist in God zijn Woord en Daad één - Zijn Woord geschiedt, het neemt terwille van de mensen vlees en bloed aan. En het vraagt antwoord van ons". (Comp, p. 405). Een goede en eenvoudige melodie: Tekst: 3; melodie: 3.


A. t.a.v, de tekst der liederen: het cijfer 1 bij niet voluit Schriftuurlijke tekst, b.v, vanwege het humanistisch karakter of door een sterk piëtistische inslag;
het cijfer 2 bij een weliswaar Schriftuurlijke, maar niet direct begrijpelijke, en aanspreekbare tekst;
het cijfer 3 als de tekst volkomen Schriftuurlijk en zonder meer verstaanbaar is.

B. t.a.v. de melodie der liederen:
het cijfer 1 voor een niet-aanvaardbare melodie;
het cijfer 2 voor een onbekende melodie die na enige oefening, eventueel met behulp van een koor, door de gemeente wel te zingen is en voorts ook voor een melodie die niet bepaald tot "de beste" behoort;
het cijfer 3 voor "een goede" melodie, geschikt voor de gemeentezang.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief