Familie met een hoofdletter

2011-10-21
  • Jaargang 55
  • nummer 21
Ik heb maar heel weinig ‘echte’ familie. Mijn ouders, beiden enigst kind, mijn vader bovendien wees, kregen pas op latere leeftijd kinderen: mijn ene zus en ik. Toen ik opgroeide, waren er dus geen ooms en tantes, geen neefjes en nichtjes. Toch zul je mij nooit horen zeggen dat ik geen familie heb. Want ik heb het voorrecht om bij een kerkelijke gemeente te mogen horen: allemaal broers en zussen waar ik echt bij hoor. Niet alleen op papier, maar ik mag ook heel gewoon ervaren dat er een grote verbondenheid is, dat je er voor anderen mag zijn en dat die anderen er voor jou zijn! In de gemeente van Christus zijn we verbonden door een wel heel speciale bloedband: de verbondenheid in Christus. We hebben allemaal dezelfde Vader in de hemel. En in elkaar mogen we Vader herkennen!
Bij de begrafenis van mijn vader merkte ik hoe rijk ik gezegend ben met deze familie. De begrafenisondernemer wist dat er naast mijn zus geen directe familie was. Hij rekende dus waarschijnlijk op weinig mensen, temeer daar de begrafenis midden in de vakantieperiode viel. Bij de dienst zat de zaal echter helemaal vol. Heel verbaasd werd er toen gevraagd: wie zijn al die mensen? Jullie hebben toch geen familie? We werden omringd door Familie met een hoofdletter. Ook voor praktische hulp kun je op die Familie rekenen: geef maar aan wat je wilt, en het wordt geregeld. Mee naar de dokter? Geen probleem! Ziek, dan een lekker pannetje soep. En de postbode in ons dorp is er maar druk mee, met het bezorgen van al die kaartjes. Zulke familieleden wens je iedereen toe!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief