De tragiek van de antithese

2008-06-20
  • Jaargang 52
  • nummer 13
Toegegeven: het opschrift dat de Vrijgemaakte dominee B. Luiten zelf meegeeft aan het hieronder geciteerde artikel (in De Reformatie van 17 mei) luidt anders: 'Lang leve de antithese!' En hij doelt daarmee op - met namejonge mensen, die het woord 'antithese' misschien nog nooit gehoord hebben, maar die wel in de wereld van vandaag aan het front staan, in de ontmoeting met de niet-christelijke tijdgenoot.
Daarover hier niet; wel over de manier waarop in verleden en heden van antithese wordt gesproken. En daar mag gerust - Luiten doet dat ook - het woord 'tragiek' voor worden gebruikt.
De echte antithese immers is veel te vaak vervangen door de strijd tussen christenen onderling.
Luiten maakt eerst duidelijk dat het hier niet gaat om het 'gij geheel anders' uit de Bijbel; de antithese is veel confronterender dan enkel het vertonen van een ander gedrag. Zeker:

Wij gingen () naar de kerk op zondag, en onze kinderen speelden die dag niet buiten. leder kon zien, dat God belangrijk is in ons leven! Ja, maar of het ook werd verstaan? Dat was de vraag.
Mensen zagen ons ook elke zondag voorbijrijden met auto's vol om al onze tijd te besteden met geloofsgenoten.
Zo kon dat overkomen. Daarom kan ander gedrag nooit in de plaats komen van de antithese: de persoonlijke interesse in het leven van de niet-christen om te ontdekken wat daarin van waarde is en wat niet, en daarop het goede antwoord geven. Gans ander gedrag, hoe gelovig ook, kan passief en introvert zijn, zonder vrucht voor de naaste.
De antithese is een activiteit, die om inzet en aandacht vraagt, die alleen tot stand komt wanneer wij ons bewust opstellen op kruispunten van wegen. () Daar komt nog iets anders bij, namelijk dat we vaak naar een ander front zijn geroepen. We hadden de strijd met de synodalen, zoals we ze vroeger noemden.
De vrijmaking kostte al onze energie.
Daarna het conflict met de buitenverbanders.
Vervolgens moesten we een wal opwerpen tegen de evangelischne. Vandaag eist de invloed van charismatici de ruimte op in onze kolommen.
De betekenis daarvan is evident.
En toch is het steeds een ander front dan waar de antithese oorspronkelijk werd geformuleerd. ()

Wij werden genoodzaakt ons geschut te richten op andere christenen.
Tragisch, maar waar. Voor hen werden soms grote woorden gebruikt, om de afstand te markeren. Toch kwamen ze steeds dichterbij. Dus moest op steeds kortere afstand het verschil heel duidelijk worden gemaakt. Grote woorden werden nog groter. Toch worden hun invloeden tegenwoordig ook in de gemeenten gesignaleerd. Dus wordt nu het geschut gericht op de eigen broeders en zusters. Alsof de antithese overal aanwezig is.

In zekere zin is dat ook zo. Diep in ons aller hart geeft de heilige Geest antwoord op ons eigen ongeloof. Maar daardoor leren we dan ook onderscheiden tussen vrienden en vijanden van God.
Het is heel goed en alle inzet waard om het geloof naar Gods Woord zuiver te bewaren. Laat daar geen misverstand over zijn. Tegelijkertijd dienen wij te beseffen, dat iedere geest die Jezus Christus belijdt, uit God is (1 Joh. 4:2).
Dus voortkomt uit dezelfde bron als waaruit wij drinken. Zo iemand benader je niet als uit een andere wortel of van een andere geest. En vooral: het kan niet zo zijn dat we onderling elkaar zoveel werk geven, dat onze plek leeg blijft waar de antithese echt plaatsvindt. Waar het nodig is serieus in te gaan op de motieven van het ongeloof, om het christelijke antwoord daarop te geven. Kerkdiensten die specifiek zich daarop richten, in deze tijd, verdienen al onze steun en waardering.
Evenzo de christelijke organisaties in politiek en maatschappij, die voortdurend het debat aangaan in naam van de Heer van heel deze aarde.
Stel je voor dat je serieus in gesprek gaat met de niet-christenen om je heen. Niet om meteen wat te roepen, maar eerst om te luisteren. Je zult dan ontdekken, dat het niet geloven ook goede argumenten heeft, waar je niet zomaar mee klaar bent. Je zult op slag iervaren hoe spannend het is aan het front. Je zult om je heen kijken en zoeken naar hulp om aan doeltreffende antwoorden te komen. Tot je grote vreugde zie je broeders en zusters vlakbij je, van God gegeven als je bondgenoten in deze geestelijke strijd. Je gaat met ze bidden en met ze zingen, je zult ze koesteren en vooral dichtbij je houden.

Maar stel je voor, dat je de ware strijd ontloopt. Dan heb je ook geen bondgenoten nodig. Je broeders en zusters bekijk je dan heel anders. Je kunt ze gerust ver weg zetten als ze in enig opzicht anders denken. Al je kritische energie kun je op hen ontladen.
Ziedaar een levensgroot verschil. Men zou kunnen zeggen, met een variant op een bekende uitdrukking: 'Laat me zien hoe je met je broeders en zusters omgaat, en ik zal zeggen aan welk front je staat.'

M.H.T. Biewenga

Drs. Menko Biewenga is predikant van de NGK in Enschede.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief