Christenen
1982-11-19
Overkomt het u de laatste tijd ook wel, dat u u schaamt een christen te heten? Als u hoort van het gruwelijke bloedbad, dat christelijke falangisten aanrichtten onder de Palestijnen in West-Beiroet. Als u die verschrikkelijke dominee in Ierland tekeer hoort gaan en zijn volgelingen hoort ophitsen tegen hun rooms-katholieke land genoten.- Jaargang 26
- nummer 43
Als u hoort hoe zwarte en blanke christenen niet aan één Avondmaalstafel kunnen zitten en hoe dat goedgepraat wordt met de Bijbel in de hand. Als steeds meer aan de dag komt de rol die christenen in verleden en heden speelden bij afschuwelijke progroms tegen de Joden.
Zou u in een gezelschap van niet-christenen, waar zo juist berichten door de radio of beelden op het tv-scherm over deze toestanden doorkwamen de moed hebben om een evangelisatieblaadje uit te delen met de opmerking om christen te worden?
Ik heb in "Handelingen" nog eens opgezocht, hoe Lukas ons vertelt, dat in Antiochië de volgelingen van Jezus Christus - de Jood. Jezus, die tegelijk de Redder der wereld is - christenen werden genoemd. Een gedenkwaardig feit, met verstrekkende gevolgen en adel verplicht! We worden er sindsdien aan gehouden en op aangekeken! In Antiochië voor het eerst. Als u 't op de kaart opzoekt, ziet u hoe Antiochië lag ten noorden van Libanon, met Beiroet, daar waar...
Antiochië, hoofdstad van Syrië, op twee na de grootste stad van het Romeinse rijk.
De koningin van het Oosten" genoemd. Bepaald geen uithoek! Er woonden in die tijd veel Joden, die profeteerden van de grote handelsfaciliteiten, en van het burgerschap in deze vrije stad.
Na Jeruzalem heeft geen andere stad zo'n belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van het christendom. De vervolging, waarvan Stefanus slachtoffer werd, dreef vele gelovigen uit Jeruzalem naar Antiochië, waar ze met rust gelaten werden en vrijelijk getuigen konden van hun .geloof. Niet alleen in de synagogen, maar ook onder de Grieken in de stad vond hun geloofsgetuigen gretig gehoor. De tijd was er kennelijk rijk voor. Het mooie was, dat aanvankelijk alleen maar “lekenpredikers" het Evangelie hebben verkondigd en Lukas getuigt ervan, hoe daardoor velen tot geloof kwamen en zich bekeerden tot de Heer. Pas later 'komt Barnabas uit Jeruzalem, vol van de Geest en van geloof, en treden hij en Saulus van Tarsen als full-timewerkers in het Evangelie op. Een vol jaar werkten die twee samen aan de uitbreiding en opbouw van de gemeente. Een bloeiende gemeente!
Een tweede ding, dat van de gemeente van Antiochië verteld wordt is, dat zij de eerste zendende kerk geworden is! Ze hebben daar begrepen, dat het Evangelie, uit Jeruzalem tot hen gekomen, in Antiochië geen eindpunt bereikt had, maar verder de wereld in moest.
En zo hebben ze na verloop van tijd Barnabas en Saulus uitgezonden: de eerste zendingsreis binnen het grote romeinse wereldrijk!
Een derde is, dat de gemeente van Antiochië op voorbeeldige wijze barmhartigheid bewezen heeft aan de broederschap. Want wat gebeurde? In die dagen stond er een profeet op, Agabus, die door de Geest te kennen gaf, dat er een grote hongersnood zou komen over het hele rijk en die is ook gekomen tijdens de regering van keizer Claudius (bij tv-kijkers nog wel bekend!). En hoe hebben de volgelingen van Jezus in Antiochië daarop toen gereageerd? Allicht had er paniek kunnen ontstaan en had men hevig aan het hamsteren kunnen slaan. Maar de Heilige Geest maakt van mensen, die van nature allereerst aan zichzelf denken, mensen, die allereerst aan anderen denken. Ze besluiten een grote inzameling te houden voor de behoeftige broeders en zusters in Judea, die geen geld hebben om voorraden in te kopen en op te slaan. Kijk, zo zijn ze daar in de gemeente van Antiochië!
En dan is er nog een vierde ding: als eerste zendende kerk kwam men in Antiochië ook het eerst in aanraking met het grote zendingsprobleem van die dagen: de verhouding tussen de gelovigen onderling, met zo'n uiteenlopende achtergrond als gelovigen uit de Joden en gelovigen uit de heidenen. Dank zij de wijsheid van de Geest in deze gemeente heerste, is later in de grote vergadering van Jeruzalem deze zaak op een bevredigende wijze geregeld. Er vloeide geen bloed uit en er kwam geen scheuring van. Als we nu dat alles samenvatten, mogen we wel zeggen: wat fijn, dat juist in Antiochië de volgelingen van de Heer voor het eerst christenen zijn genoemd!
Een gemeente, die met zoveel vreugde het Evangelie aannam en de Heer beleed.
Gelovigen, die het Evangelie niet voor zichzelf houden, maar aanstonds doorgaven aan de wereld om hen heen. Volgelingen van Jezus, die met hun geld en goed zich dienstbaar maakten aan de minderbedeelden. Een kerk, die bij alle verscheidenheid de , eenheid wist te bewaren van: één Heer, één geloof, één doop, één hoop, want één God en Vader van allen!
We weten niet door wie en met welke overweging de christennaam het eerst gebruikt is.
't Kan best als scheldnaam bedoeld zijn, maar wat doet het er toe. Als christenen met elkaar en tegenover anderen zo leven als in Antiochië, dan mag het een erenaam zijn! Niet ter ere van mensen, maar van onze Heer Jezus Christus, Kwam er onder deze nieuwe naam nu geen nieuwe "kerk" of "partij" of "sekte" bij, naast alle religieuze toestanden die er toen al waren in die hellenistische wereld?
Maar in de christennaam wordt de naam van Christus bewaard en opgeheven in de wereld, voor alle volken en voor alle rassen: één Naam is onze hope! Wie uit die Naam lééft behoeft zich die Naam niet te schamen.
Als allen, die zich christenen noemen zich ook zo eens openbaarden, als de eerste christenen in Antiochië, zouden heel wat cabaretiers hun stof elders moeten zoeken dan bij ons.