Leegloop van de kerken (slot)

1982-11-19
  • Jaargang 26
  • nummer 43
Per abuis kwam boven de eerste artikelen van deze serie als titel te staan: Leegloop van de kerken. Dat was niet de bedoeling en is inmiddels gecorrigeerd in: Leegloop van kerken.
Want gelukkig lopen niet alle kerken leeg. In mijn woonplaats b.v. zijn de laatste jaren nieuwe gebouwen verrezen voor de hervormden, de chr. gereformeerden en de vrijgemaakt-gereformeerden, terwijl de kerk van de oudgereformeerden momenteel sterk vergroot wordt. De gereformeerden namen ook een nieuwe kerk in gebruik, maar dat was ter vervanging van het medegebruik van een hervormde kerk. En om onze eigen diensten niet te vergeten: die lopen de laatste tijd zo vol, dat het "de spuigaten uitloopt" en er moet worden omgezien naar een groter kerkgebouw. Dat zijn verblijdende dingen! Het is dus niet overal "smart en kwel".

En als we wat verder kijken, zien we ontwikkelingen, die stemmen tot dankbare verwondering. Zo stonden onlangs in de krant twee berichten vlak onder elkaar: over de "afkalvende kerken in Europa"
èn over de kerk van Taiwan, die groeit ondanks de verdrukking. "Het aantal presbyterianen daar groeit in een tempo, dat voor West-Europeanen aan het ongelooflijke grenst". Een paar dagen later stonden in dezelfde krant vlak naast elkaar twee berichten, onder de volgende kopjes: "Theologische studenten in Johannesburg overwegen de N.G. Kerk te verlaten" en "Evangelist Hoekendijk heeft meer ruimte nodig". Vaak heeft leegloop van de ene kerk toeloop naar de andere kerk ten gevolge.

Zonder volledig te kunnen zijn, heb ik in de voorafgaande artikelen enige oorzaken van leegloop van kerken aangewezen. Maar nu moet toch de diepste oorzaak worden genoemd, waardoor de ene kerk leeg en de andere volloopt. En dan schrijf ik nog maar eens over de slotzin van het vorige artikel: "Wat is er een schreeuwende behoefte aan volstrekt bijbelse, voluit evangelische, hemel en aarde omvattende prediking van het Evangelie van het Koninkrijk der hemelen”! Over wie hebben we het gehad? Over mensen, jongeren, maar ook ouderen, die het met de kerk niet meer zien zitten, die met de knop van de kerkdeur al in de hand staan, soms als op het kerkplein lopen of nog verder van huis geraakt zijn of dreigen te raken. Om wat voor verschillende redenen ook.
Roept dat alles niet bij u het beeld op van “schapen, die geen herder hebben”?
Vaak vermoeide, opgejaagde, afgepeigerde schapen – vaak ook eigenzinnige, zoekende, dwalende schapen. We zullen ons nu maar niet wagen aan een psychologische of sociologische benadering van de schapen. Is dit niet de kardinale vraag, waar alles op aankomst, die de kerk zich altijd weer moet stellen en laten stellen: “Komt de stem van de Goede Herder nog door?”

Komt de stem van de Goede Herder nog door van de kansels, en in het pastoraat, in de theologie van onze tijd en in de onze verantwoordelijkheid voor elkaar in de kerk?

Deze stem:
"Komt allen tot Mij,
die vermoeid en belast zijt,
Ik zal u rust geven".

We zullen bij dat "vermoeid en belast" moeten denken aan "de afmatting van elke religie, waaraan de gedachte van zelfverlossing ten grondslag ligt en die het daarom zoekt in het vele doen” (aldus Herm. Ridderbos, K.V. op Matth.). Waar de verzoening door onze voldoening aan dit en aan dat – daar worden de schapen rusteloos opgejaagd. En zien we dat niet in onze tijd gebeuren?
En dan is de leegloop van kerken geen onbegrijpelijke reactie, omdat men voor heel wat ánders zondags naar de kerk gaat dan voor het steeds maar weer aanhoren van een soort “evangelie” dat een nieuwe wet geworden is? En als steeds meer van de Schriften gezegd wordt, dat ze van het tijdgebonden en cultuurbepaalde geloof van gelovigen van vroeger tijden getuigen, maar niet meer wat Christus toch zelf gezegd heeft: dat ze van Hem getuigen…
En als de kerkgangers de prediking moeten aannemen op gezag van de theoloog op de kansel in plaats van op gezag van het Woord van God zelf, dat in de Bijbel voor ons bewaard is gebleven – niet als dood kapitaal, maar waar de Heilige Geest levenverwekkend mee werkt – waarvoor zou je dan nog naar de kerk gaan, als het je tenminste begonnen is om "brood" en niet om "stenen" .

Ik denk nogal eens terug aan de tijd, dat ik als jonge dominee begon in Uithuizen, .in het Groninger Hogeland. Een dorp met heel wat kerken. Maar vlak onder Uithuizen lag Usquert, het "rooie dorp", zo onkerkelijk mogelijk. Toch stond daar een oude hervormde kerk.
Maar er werd niet veel dienst gehouden en dan nog maar voor een handjevol mensen. Vrijzinnige prediking trekt niet. Nergens. Nooit. Ze is zo leeg en ze laat zo leeg en maakt de kerken leeg. Maar wat gebeurde er in Usquert? Door een of andere onnaspeurlijke reden kwam er in Usquert een orthodoxe dominee. En zie, het was een wonder en een lust om te zien: binnen de kortste tijd preekte deze dominee de kerk weer vol!
Niet door hoe hij het bracht, maar door wát hij bracht. Deze man had weer brood voor hongerigen en water voor dorstigen! In zijn prediking klonk weer door de stem van de Goede Herder. Verwaarloosde en verschraalde schapen, verkommerde en bekommerde zielen vonden weer vrede en rust door de Blijde Boodschap! Deze dominee had wat te zéggen en het was weer de moeite waard om naar de kerk te gaan. Kijk, dát wonder voltrok zich toen in "het rooie dorp" Usquert. En van dat wonder moet de kerk nog altijd leven. Met alle kunstmiddelen buiten het Woord om krijgen we geen hond méér in de kerk. En met alle prediking van zelfverlossing en eigen wereldvernieuwing preken we de kerken leeg. Want die boodschap kan men immers overal elders ook wel horen.
We gaan naar de kerk om Gods aangezicht te ontmoeten in Jezus Christus,om Zijn stem te horen in de woorden van Jezus Christus,om Zijn liefde te ervaren in het offer van Jezus Christus,om Zijn heil te ontvangen uit de handen van Jezus Christus. Dat alles mag in Woord en Teken voor ons hoor- en zichtbaar worden. "Komt allen tot Mij, Ik zal u rust geven".

Prof. Dekker zei vorig jaar op een congres van de Reünistenorganisatie van SSR, dat "kerken afhankelijk zijn van de gunst van de mensen en dat wil zeggen, dat ze in zekere zin moeten zeggen en doen, wat de leden vragen aan de kerk, omdat ze anders weggaan naar andere kerken en groeperingen, en geen kerk kan bestaan zonder leden".
Maar de kerk in Nederland en waar ook ter wereld staat of valt met de vervulling van haar unieke opdracht, om haar leden te zeggen en te leren, wat de HERE God ons zegt en wil dat we doen.
Ergens las ik de vraag: "Heeft de kerk in deze tijd nog kansen?" Ik denk, dat dat een goede vraag is.
De Kerk van Christus heeft en houdt tot de jongste dag toe Gods Boodschap, Zijn gezaghebbend en bevrijdend Woord, als gave èn opgave.

"Waar 's HEREN Woord
weer klinkt met macht,
wordt aan het volk,
dat Hem verwacht,
de ware troost gegeven".

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief