Goed is het leven (4)

1982-01-08
  • Jaargang 26
  • nummer 1
Een pikant verhaal. Nog pikanter dan uit de meeste vertalingen blijkt.
Want door middel van een stuk of wat dubbelzinnigheden wordt op z'n minst gesuggereerd dat Ruth, nadat ze zich heeft opgemaakt, in het donker van de dorsvloer languit naast Boaz gaat liggen op het moment dat hij - een beetje aangeschoten misschien en slapend - het minste verweer heeft en dat ze dan, als hij wakker schrikt en vraagt, wat dat in vredesnaam heeft te betekenen, tegen hem zegt: sla je jas eens om me heen. Met andere woorden: neem me maar.
Het verhaal dus van een vrouw die zo vulgair als het maar kan een man aan de haak ziet te slaan.

Maar dan moet je wel heen lezen over de woorden waarmee Ruth haar verzoek motiveert. Ze zegt n.l.: want jij bent de losser. Dat is dus niet de man, die ze voor zichzelf zoekt. Maar de man die ze voor de overleden Machion zoekt: Boaz moet er nu voor zorgen dat Machion toch nog een kind krijgt. Daarom gooit Ruth zich in de armen van Boaz, zo drastisch als ze maar kan: Ze zoekt zichzelf niet. Ze is trouw aan Machlon, Daarom geeft ze zich restloos aan Boaz.

En Boaz heeft dat onmiddellijk door. Hij begrijpt haar motieven. En maakt dus geen misbruik van de situatie. Foetert haar ook niet uit.
Maar zegt: ik zal graag doen wat je vraagt, ik zal met je trouwen. Want: je bent een deugdzame vrouw.

De mensen in Bethlehem - stel dat ze het wisten van dat nachtelijk bezoek - zouden zeggen: hoe haalt ze het in haar hoofd? En hadden ze geen gelijk?
Maar Boaz zegt: je bent een deugdzame vrouw, - dat heb ik vannacht nog eens weer goed gemerkt.

Zou Ruth niet gedacht hebben: en jij bent een deugdzame man? Zo kende .ik je ook af van het korenveld, waar ik aren raapte, en waar jij je oog op me hebt geslagen. Daarom heb ik het ook gewaagd. Daarom was ik ook niet bang en heb me restloos aan je toevertrouwd. Ik kon toch op je rekenen.

Ja, ze kan op Boaz rekenen. Hij zal, zo gauw het dag is, de zaak wel regelen. Dus moet ze maar op de dorsvloer hij Boaz blijven.

Dat kan natuurlijk helemaal niet. Maar het kan blijkbaar toch. Het kan blijkbaar toch bij. die twee, die elkaar ontmoet hebben bij Jahwe - en die zich aan elkaar toevertrouwen voor het aangezicht van Jahwe. De God, die hen doorgrondt en kent, die weet van hun zitten en opstaan, die hun gaan en hun liggen onderzoekt, die met al hun wegen vertrouwd is en die, als de duisternis om hen is, de nacht nog doet lichten als de dag. Z6 houdt Hij hen omgeven.
Is' het een wonder dat Naomi, als ze het hele verhaal hoort, tegen Ruth.
zegt: wacht nu maar rustig af, - die man zal er verder wel voor zorgen.

En daarin klinkt tegelijk mee haar vertrouwen in Jahwe: Hij zal niet rusten voordat Hij deze zaak tot een goed einde heeft gebracht. Want Hij heeft zijn goedertierenheid niet onttrokken aan de levenden. noch aan de doden. Ga maar rustig slapen, Ruth,. zegt ze. Ga maar slapen zonder zorgen. Hij, Jahwe doet je rusten tot de morgen en wonen in een veilig huis.
Of Ruth haar doel niet op een andere, betere, manier had kunnen bereiken?
Misschien wel.

Maar waar blijf je met je aanmerkingen ais je dat ene hebt gezien: dat ze haar toevlucht nam onder de vleugels van Jahwe? Wie vraagt dan nog of ze het niet anders had moeten doen? God vraagt dat niet. God maakt haar zó tot de moeder van Obed, van David, van Jezus Christus.

Of het dan niet riskant was op z'n minst? Natuurlijk was het riskant. Het is uiterst riskant, als je tenminste overgeleverd bent aan de mensen, of aan één mens, of aan jezelf.
Maar als je schuilt bij Jahwe? Heeft Hij niet gezegd, dat je nooit tevergeefs hoopt op Hem? ,

Ruth, 's nachts op de dorsvloer bij Boaz, - dat is dus toch geen pikant verhaal. Maar het evangelie van God. Want ze ging op de weg waarop ze zich door de God van Israël geroepen wist. En ze wist niet waar ze uit zou komen: Boaz was ook maar een mens en zij was ook maar een vrouw. Ja, maar ze vertrouwt zich onbevreesd toe aan Jahwe en laat zich dan"ook niet meer tegenhouden, door de mensen niet.
En door alles wat in haar zelf leeft ook niet. Maar ze gaat onbekommerd lopen op Gods weg, die goed is. Zelfs al is dat de weg die haar in de nacht naar de dorsvloer leidt, naar Boaz.

Riskant? Maar dat is nu juist het evangelie: hoe kan dit nu riskant zijn?

Want God houdt haar geheel omgeven
en leidt haar op de weg ten leven.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief