Goed is het leven (slot)
1982-01-29
Op de laatste bladzijde loopt alles dus goed af. Voor iedereen. Want Boaz heeft de zaak die hem was toevertrouwd en de taak die hem was toegevallen tot een goed einde gebracht. Hij heeft allen kunnen zegenen. En vooral: hij zal nu de naam van de gestorven Machion in stand houden; zijn kind, dat hij hopelijk uit zijn huwelijk met Ruth ontvangen zal, staat hij af ten behoeve van de naam van zijn broeder.- Jaargang 26
- nummer 4
Hoe dat dan met zijn eigen naam zal gaan, weet hij niet. Maar hij vraagt niet verder en hij rekent niet met mogelijkheden en onmogelijkheden.
Want hij hoort de stem van God die hem roept, weg uit zijn eigen geslacht misschien wel, en hij gaat de weg naar de toekomst die voor hem verborgen is en die wel eens vol onheil zou kunnen zijn.
Maar het is - dat weet hij - in elk geval de toekomst van God en daarom in elk geval een toekomst vol zegen.
De mensen die er om heen staan vinden het prachtig. En ze overladen Boaz met zegenwensen. Jij bouwt het huis van Machlon, zeggen ze. Moge God nu jouw huis bouwen. Jij zorgt voor de naam van Machlon. Moge God nu jouw naam groot maken. Jij wilt aan Machion een kind geven. Moge God jou door Ruth veel kinderen geven: één"kind voor Machion en dan ook nog kinderen voor jezelf.
Ja natuurlijk, wat moeten die mensen anders wensen? Eén kind is prachtig. Maar alleen als er meer kinderen volgen komt ook Boaz aan zijn trekken.
Wisten die mensen dan niet dat Gods wegen altijd hoger zijn dan onze wegen?
Ze hadden het wel kunnen weten. Want ze herinneren zelf aan die geschiedenis van Tamar, een vrouw uit het voorgeslacht van Boaz. Ook zo'n vrouw die, net als Ruth, alles op alles zette om de naam van haar overleden man in stand te houden. Ook een heidin die door dik en dun trouw was. Die voor niets terugschrikt. Zelfs niet voor het verleiden van haar schoonvader Juda. Maar als die merkt hoe de vork aan de steel zit, zegt hij: ze was rechtvaardiger dan ik. Ze heeft zich schaamteloos gedragen, maar zwaarder dan dat weegt het feit dat ze trouw was. Niet door mij, door háár heeft God voor onze toekomst gezorgd.
Hoe? Door het kind dat straks geboren wordt? Maar het is er niet één. Het zijn er twee. En het jongetje dat eigenlijk het laatst geboren moest worden - de ander lag vóór - komt tenslotte als eerste. Daarom wordt het ook Perez genoemd,hij die doorgebroken is.
Het is tegen alle berekeningen in. Maar zo doet God het. Wij denken wel dat de weg naar het leven natuurlijk zus of zo moet lopen. Maar God laat telkens weer zien, dat onze verwachtingen beschaamd worden door Hem, als Hij een doorbraak maakt en een nieuwe, onverwachte, onmogelijke weg opent, de weg van zijn wonderlijke keus, de weg van zijn verkiezing.
Dat hadden ze daar in Bethlehem kunnen weten, als ze maar goed hadden nagedacht bij wat ze Boaz toewensten: we hopen dat je veel kinderen krijgt.
Want wat gebeurt er? Uit de laatste zinnen van het verhaal blijkt dat Boaz en Ruth maar één zoon hebben gehad, Obed, de grootvader van David. Alleen zo komt Obed niet alleen op naam van Machion te staan, maar ook op naam van Boaz. En alleen zo blijkt Boaz' leven uit te lopen op David, op de koning van Israël, op Jezus Christus. Jahwe moge je veel kinderen geven, hadden de mensen gezegd. God moge je zegenen, Boaz.
Maar dan geeft God aan Boaz en Ruth die ene zoon. En dat zal voor die twee wel een grote teleurstelling geweest zijn. Zou Boaz ook niet gezeten hebben met die vraag: waarom?
Goed, Ruth heeft rust gevonden, Naomi is getroost, Machlons naam is in stand gehouden. Maar ik? Waarom laat God mijn weg nu doodlopen?
Maar ondertussen laat God zien dat Hij ons op onze wegen wel vaak laat doodlopen, maar dat Hij zo juist ons zet op zijn weg van heil en vrede, de eeuwige weg.
Dáárom is het toch niet allemaal tevergeefs; Boaz die niet op zijn eigen belang uit is, maar zijn vleugels uitbreidt over de arme, de ellendige, Boaz die zijn ogen slaat op de mensen naast hem.
Niet tevergeefs. Omdat hij dan toch maar een vrouw krijgt en een kind, omdat hij onder de mensen een nóg betere naam heeft na deze geschiedenis?
Maar zijn naam wordt pas werkelijk gemáákt in Bethlehem, wanneer over de dorsvloer, waar Ruth naast hem lag, een nieuwe nacht aanbreekt en een ongelooflijk licht gaat schijnen en Gods heil en Gods vrede de wereld komen binnenstromen in de woorden van de engel: zie, ik verkondig u grote blijdschap, - dat u heden geboren is de Christus, de Heer, in de stad van David.
Het boek Ruth is een boek van het gewone leven, het gewone leven van ons, mensen. Maar het is bovenal het boek van God, die ons gewone leven binnenkomt met zijn levensdoorbraak in Jezus Christus. Daarom is ons gewone leven toch niet tevergeefs. En dat mag je bij alles wat kapot is en verwrongen, bij alles wat zo verschrikkelijk betrekkelijk en zo frustrerend en zo zinloos is, - dat mag je dan toch weer horen en geloven: daarom, weest standvastig, onwankelbaar, te allen tijde overvloedig in het werk van de Heer. Zodat je, schreeuwend misschien van ellende, toch overstroomt van dankbaarheid. Want het is niet tevergeefs.
Echt, het is niet tevergeefs.