Bij het overlijden van mijn moeder *)
1981-06-26
Nu moeder is gestorven, betekent dat dat de laatste van een generatie er niet meer is. Daar ligt iets aangrijpends in. Dat betekent een afsluiting van iets dat nooit meer terugkomt. Zo is het heel de geschiedenis door al geweest, generaties komen en generaties gaan.- Jaargang 25
- nummer 25
Moeder heeft het de laatste jaren van haar leven niet gemakkelijk gehad. De bijbel spreekt in 2 Korinthe 5 over de afbraak van onze aardse tempel, over de aftakeling van het lichaam. Moeder was een echte doe-het-zelver en het heeft haar veel verdriet gedaan dat ze steeds minder zelf kon, steeds minder kon ontdooiden, steeds minder wist, vaak zelfs niet meer wist hoe oud ze nu wel was.
En ze vroeg zich af wat haar taak nog in het leven was, wat voor zin haar leven eigenlijk nog had.
Maar toen ze nog woorden kon vinden, heeft ze veel gebeden voor haar kinderen en kleinkinderen.
Het is goed voor ons om dat te onthouden en er dankbaar voor te zijn. Zoals ze zelf kinderlijk blij was als iemand haar voorlas uit de bijbel. Fijn vond ze het de bekende psalmverzen te horen opzeggen of, tot in de laatste weken toe, het samen zingen ervan.
De laatste twee weken waren moeilijker dan de tijd daarvoor.
We hebben een paar dagen gehad om fijn met haar te praten over leven en sterven, ze was bereid om te sterven maar wilde ook graag nog wat verder leven. Ze zei eens 'och, achtentachtig is nog geen honderd'. Tot het eind toe heeft ze haar gevoel voor humor behouden, ze kon er nog om lachen, ook al ging het wat moeilijk, als één van ons zei dat ze eigenlijk een 'ouwe taaie' was. En ze heeft vaak gevraagd wat wij er nu eigenlijk van dachten en of ze soms nog wat moest doen. Ze heeft vaak gezegd dat wij haar moesten helpen omdat zij het niet meer kon, ze was doodmoe. Ze heeft veel met de Heer gesproken, tot in de meest verwarde ogenblikken toe.
Ze wist dat ze een mens was met gebreken en vroeg de laatste dagen herhaaldelijk 'doe ik het eigenlijk wel goed?'. Bij alle vragen die ze had geloofde ze het dat God Zijn werk aan haar af zou maken, het zou voleindigen zoals in Psalm 138 staat. Tientallen keren heeft ze het in de laatste weken gezegd 'Vader, U weet het .. .'.
Je kon met haar praten over het sterven en ze geloofde wat staat in Psalm 139 'als ik ontwaak, ben ik nog bij U'.
Naast verdriet is er vandaag dankbaarheid. Moeder heeft ons met vader de weg naar de Heiland leren kennen, dat is een niet te doorgronden voorrecht. Ook in moeders leven heeft God iets laten zien van Zijn niet tegen te houden genade, waartegen zondige mensen het tenslotte mogen afleggen. Ze was een verlost mens en zó kon ze het de dag voor haar sterven nog duidelijk zeggen: 'Die God is ons een God van heil'.
Moeder is blij geweest met alle vormen van genegenheid die ze de laatste jaren en met name ook in de laatste weken van haar kleinkinderen mocht ondervinden.
Midden in de verwarring waarin ze de laatste dagen van haar leven vaak verkeerde, zei ze tegen één van haar kleinkinderen: '0, ben jij het, kom je het oudje nog eens opzoeken?'. Ze genoot van het eten dat ze kreeg - om nog één ding te noemen - en de biskwietjes die ze, toen ze nog lopen kon, uit de kast haalde. En toen ze de dag voor haar sterven 's morgens de vla niet meer op kon, vouwde ze ze haar handen en zei: 'Here, U weet het dat ik het eten altijd lekker heb gevonden, maar nu kan ik echt niet meer'. Zó goed is God dat Hij zondige mensen maakt tot kinderlijke gelovigen.
Moeder heeft veel van bloemen gehouden, ze heeft azalea's van 25 jaar en ouder gehad. We hebben besloten op de kist waarin ze nu ligt een azalea te leggen.
De laatste jaren dacht ze wel eens dat God haar vergat. Ze wou graag sterven en als je bij haar kwam zei ze vaak, soms op een manier waaruit teleurstelling sprak: 'Ja, ik ben er nog steeds'.
Ik wil eindigen met het eerste couplet van Lied 275 uit het liedboek, waarbij ik de eerste regels wat heb veranderd: Er was een kind dat zwaar en diep verzuchtte 'k wou dat God mij riep' en dacht 'de Heer is mij vergeten'.
Maar toen Hij kwam heeft Hij geweten waar Hij haar leven zoeken zou, al blijft Hij ver, Hij is ons trouw.
*) Toespraak vóór de begrafenis van mijn moeder op 16 maart 1981.
Het is een persoonlijk woord, maar er zijn onder ons méér moeders die op hoge leeftijd sterven.