ARK

1981-07-03
  • Jaargang 25
  • nummer 26
De schrijver aan de brief aan de Hebreeën vertelt wat er stond in “het heiligdom voor deze wereld”.
De ark was daarin het belangrijkste. Daarin kunnen wij niet nu in bijzonderheden treden, schrijft hij. Ik heb altijd gedacht dat hij een lang verhaal kort wilde maken en daarom niet op details inging. Maar toen ik met Jeremia 3:16 en Openbaring 11: 19 bezig was, realiseerde ik me dat de schrijver van de brief misschien uit schaamtegevoel liever zweeg van de ark.
Over een pijnlijke periode in je leven praat je niet graag. Want zo was het dan toch maar: een fraaie tempel, doch ledig. Men vermoedt wel eens dat Sisak, ten tijde van Rehabeam, de ark heeft weggevoerd. In ieder geval is ze zoek tijdens en na de Babylonische ballingschap; het staat op de rol van Jeremia. Ze is niet opnieuw gemaakt. Niemand sprak meer van de ark. De Here Jezus ook niet. De apostelen evenmin; behalve dan die ene, die als laatste overbleef, Johannes. Opeens zag hij de ark van verbond! Boven, in de hemel, in de tempel van God. De HEER …. Zijn verbond staat voor altijd, een licht hoog op de berg ontstoken! Zijn kind’ren geeft Hij nimmer prijs, steeds blijft Hij Zijn verbond gedenken.
Daar denk je aan als je ’s zondags de gemeente ziet en wanneer kinderen en kleinkinderen rondom de tafel zitten. Dan is psalm 111 vlakbij.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief