Evangelistenschool
1982-04-02
Thuis hebben we aan tafel het boek Handelingen gelezen. Paulus en ook de andere apostelen en evangelisten die de wereld rondreizen om het Evangelie van de Here Jezus te brengen aan de toenmaals bekende wereld. U weet het wel. Van stad tot stad. Van gemeente tot gemeente.- Jaargang 26
- nummer 13
De ene verrassing volgt op de ander. De Joden gaan te keer en jagen Paulus en Silas weg in Thessalonica. In Efeze een groot oproer. In het gebied van Lystra, Iconium en Derbe een steniging. In Athene een samenspraak met de godzoekers.
Paulus geeft in de Galatenbrief zelf een opsomming van wat hij meegemaakt heeft. Reizende evangelisten van stad tot stad. En in de brieven die Paulus en anderen schrijven, wordt de gemeente opgeroepen heilig te wandelen en een getuige te zijn. Paulus bleef in de ene plaats kort en in de andere langer. Waar is de (reizende) evangelist in deze tijd? Of is deze niet meer nodig? Is het Evangelie al bekend gemaakt aan iedereen in dit land? Of heeft elke gemeente een evangelisatiecommissie, die samenkomsten belegt, en erop uittrekt om de verloren mensen het Evangelie van de Here Jezus te vertellen? Die huis aan huis gaan en op de markten staan om de mensen te vertellen dat er geen andere Naam onder de hemel gegeven is waardoor wij behouden moeten worden: Jezus, de Heiland en Verlosser dezer wereld?
In onze kerk is geen evangelisatiecommissie.
We hebben er de laatste jaren ook niet over gepraat. We hebben het erg druk met vele problemen.
We kwamen zelf nauwelijks aan huisbezoek toe. Ook van anderen hoorde ik dat er geen evangelisatie plaats vindt. Hoe staat het met de evangelisten in de gemeente?
Moeten we niet tot de conclusie komen dat gebrek aan evangelisatie betekent, gebrek aan geloof? Paulus ging de wereld rond omdat hij vol was van Jezus. Hij was vast besloten niet anders te verkondigen dan Jezus Christus en die gekruisigd, met betoon van Geest en kracht. Een dwaasheid voor de wereld, maar een kracht Gods, tot behoud voor een ieder die gelooft. (1 Cor. 1 en 2). Geloven we dat? Of geloven we het wel? 'k Hoor bij mezelf allemaal al weer tegenargumenten: we leven in een andere tijd; we moeten oppassen voor allerlei methoden, iedereen kan het toch weten, enz.enz. Ik denk dat ook vaak. Maar voor mezelf moet ik zeggen dat het gebrek aan geloof is, gebrek aan liefde, gebrek aan moed en durf om uit te gaan en anderen te vertellen van de Here Jezus.
Mattheüs 5: "Gij zult Mijn getuigen zijn in Woord en Daad, laat zo uw licht schijnen opdat de mensen uw goede werken zien en uw Vader in de hemel verheerlijken!"
Het verlangen naar daadwerkelijke evangelisatie is zelf groeien in de genade en kennis van de Here Jezus, groeien in het kruis en de opstanding van de Here Jezus (Efeze 1 en 2; Collossenzen, enz. enz.). Als de Here Jezus in ons persoonlijk leven meer centraal komt te staan, zal Hij ons door Zijn kracht verlangen en praktische mogelijkheden geven om uit te gaan. Met alle verschillende gaven en mogelijkheden die Hij ons naar onze aard en talenten heeft gegeven.
De nood in dit land is groot. Nederland is een zendingsland. De straten en steden van dit land leven zonder de kennis van God. Het is liegen, moorden, stelen en echtbreken (Hosea 4).
Naar mijn mening is dringend noodzakelijk dat er weer evangelisten aan onze gemeenten worden toegevoegd en opgeleid. Tot ondersteuning van de ambtsdragers en predikanten. Evangelisten vol van de Heilige Geest, die ook in de gemeente anderen helpen om meer te getuigen, die er met gemeenteleden op uit trekken naar de heggen en steggen.
Het kunnen reizende evangelisten zijn, die een aantal gemeenten dienen en van stad tot stad trekken.
Hoe het organisatorisch moet, weet ik niet zo precies. Het zal om allerlei redenen wel weer niet kunnen. Geen geld, past niet in de structuur, geen belangstelling, een raar idee, enz. enz. We moeten er over nadenken bij onze theologische opleidingen en ook bij de bijbelschoolopleidingen zijn wellicht mogelijkheden. Misschien moeten we wel een evangelistenschool beginnen.
Ik kwam er niet onder uit om u dit voor te leggen.
Bent u bereid dit biddend, denkend en werkend te overdenken? Als ook u hier mee bezig bent, ben ik graag bereid om uw idee hierover te horen.
Samen weten we meer.