Naar het einde
1981-09-04
In een van zijn boeken "Wacht op mij" beschrijft de bekende schrijver Nevil Shute het einde van de mensheid als gevolg van een atoomoorlog.- Jaargang 25
- nummer 31
Via een oorlog tussen Israel en de Arabieren raken de grote mogendheden met elkaar in strijd. Daarbij wordt gebruik gemaakt van kobaltbommen.
Eerst wordt heel de noordelijke helft van de aarde besmet met radioactiviteit, waardoor alle levende wezens sterven. Daarop trekt de radioactiviteit zuidwaarts en brengt zo de dood over heel de aarde.
Tenslote komt als laatste land Australië aan de beurt. Melbourne is daar de laatste grote stad, waar mensen kunnen leven. Men weet echter, dat men nog maar enkele maanden en daarna nog enkele weken en tenslotte nog enkele dagen te leven heeft.
Dan is men onherroepelijk ook aan de beurt en is het met de mensheid afgelopen.
Iedereen zal met radioactiviteit besmet worden en in een paar dagen volgt de dood. Wil men snel een pijnloos einde, dan staat een pil ter beschikking.
Leven met de dood voor ogen
Ondanks de wetenschap, dat binnen korte tijd een zekere dood zal volgen, werken en leven de mensen gewoon verder. Men spreekt en handelt alsof het leven niet zal ophouden. Men praat over de toekomst, terwijl men weet dat er geen toekomst meer zijn zal.
Sommigen trachten de angst voor de komende dood door drank weg te drukken, maar de chaos, waarvoor men gevreesd had, blijft uit.
Zelfs de sportwedstrijden gaan gewoon door. Men aanvaardt vrij rustig, dat iedereen binnenkort zal sterven.
Het einde
En dan komt het einde. Het is afgelopen. De mensheid heeft opgehouden te bestaan. Alleen de konijnen zullen het nog een jaartje uithouden.
Van God en godsdienst merk je in dit boek weinig. Een der hoofdpersonen gaat wel geregeld naar de kerk, maar we horen niet wat die kerkgang voor hem betekent.
Alleen op de laatste bladzijde, als een meisje als een der laatsten op het punt staat te sterven (zij heeft een pil met cognac geslikt) mompelt zij dronken het Onze Vader.
Zo zou men zich inderdaad het einde van de wereld zonder God kunnen indenken. De Bijbel laat echter een ander einde zien van deze aarde. Immers, bij de wederkomst van Christus zal dat wel zijn op een zwaar geteisterd, maar niet op een ontvolkte aarde.
Ons einde
Na het lezen van dit boek drong de vraag zich bij mij op: hoe zouden wij leven in een situatie als in dit boek beschreven?
Zouden wij ook maar gewoon door leven, alsof het leven geen einde kent? Misschien uit gewoonte nog naar de kerk gaan, zonder dat het ons" iets doet? Maar verder niets bijzonders?
Het antwoord op deze vraag is niet zo moeilijk. Immers wij leven in een wereld, die niet zoveel verschilt met die welke Nevil Shute beschrijft.
Wij weten, dat ook voor ons het einde de dood is. Misschien zal een atoomoorlog binnen enkele jaren heel ons land met alle bewoners wegvagen.
En als dat niet het geval is, dan komt de dood toch onherroepelijk. Voor de een is de dood vlakbij. Voor de ander wat verder weg. Misschien zal een enkele Opbouw-lezer nog 80 jaar te leven hebben, maar het einde is toch de dood.
Hoe leven wij?
Hoe leven wij in die situatie?
Eigenlijk toch weinig anders dan die mensen in Australië. We doen alsof het leven op aarde blijvend is. Een enkele keer bekruipt ons wat angst om het einde, als bv. vlak bij ons een opvallend sterfgeval plaats vindt.
Een zenuwstillend middel kan dan geen kwaad.
En zelfs als die dood ons persoonlijk nader schijnt te komen, verandert ons leefpatroon meestal weinig.
En zo is het altijd geweest. Zo was het ten tijde van Noach. Zo zal het zijn op de jongste dag.
Altijd bereid
Maar we behoeven niet in angst en zorg te leven, omdat we eens zullen sterven? Zeker niet, wanneer we weten, dat we in leven en sterven het eigendom van Christus zijn.
Alleen maar, dat betekent niet, dat we de dood altijd maar veraf moeten schuiven en doen alsof deze er niet is.
De dood is een werkelijkheid. Het is een vijand, ja de laatste vijand.
Maar een vijand, die door Christus overwonnen is.
Hoe moeten we dan leven met die vijand in zicht?
We moeten wachten, bidden en ons erop voorbereiden, alsof de Heer morgen komt.
We moeten altijd bereid zijn. Maar we moeten ook bouwen, planten en werken op aarde alsof het nog 1000 jaar duurt.
Gelukkig, de dood behoeft ons geen angst meer aan te jagen. Immers Christus heeft alles voldaan.