EIGEN MENSEN
1981-09-18
Ds H. J. Heijnes kon prachtig schrijven over Noord-Hollandse mensen. Hij had het eens over hun bruiloften en partijen, waarin ze, hoe onkerkelijk ook, graag een geestelijk woordje hoorden en zeiden.- Jaargang 25
- nummer 33
Zo had eens een feestredenaar een klucht op rijm, en hij eindigde met de woorden: "Zingt nu met uw aangezicht vers vier van 't honderdst psalmgedicht" .
Dat kon toen. Als je in 1981 aan een zaal vraagt een bepaald psalmvers of een gezang te zingen, dan wordt van alle kanten geroepen: Welke berijming? Welke bundel?
De Christenen in Nederland hebben maar twee liederen meer die ze gezamenlijk zingen kunnen (en dan staande), nl. Ere zij God en het Wilhelmus.
Elke kerk, elke secte en elke geestelijke groep heeft een eigen bundel, liefst van "eigen mensen". Hoewel, de bekende ds A. M. Lindeboom heeft er in z'n boekje over de kinderdoop, de aandacht op gevestigd, dat in de proefbundel van de vrijgemaakte kerken 64 psalmen van de hand zijn van mensen die zich in de jaren zestig niet vrijgemaakt hebben en dat terwijl men in vrijgemaakte kring over zulke lieden in den regel zeer negatief deed.
Men staat dáár kennelijk open ook voor anderen dan de "eigen mensen". Althans, dat denkt ds Lindeboom.
Ik las onlangs nog weer een betoog, dat de oude vertaling en de oude berijming beter zijn dan al het nieuwe, omdat betrouwbare en vrome mensen dat oude werk geleverd hebben. Kom nou. De bekendste psalmen in de berijming van 1773 zijn van N. S. v. Winter, die ook fabels dichtte, in deze verheven sfeer: "Malijs die vrij wat droog van lever, ze doorgaans nathield met genever ... "
en wat daar verder volgt.
Van mij mag hij. Maar laat men dan niet met verhalen komen over de vrome levensstijl der ouden. Tussen haakjes, die beginregels van de fabel heb ik uit "Het Orgel" januari 1980, een artikel van Christiaan Verburg.
Op de landelijke vergadering van Breukelen is gesproken over een eigen gezangboek en dan met werk ook van "eigen mensen". Van mij hoeft het niet. Mevr. IJskes-Kooger wordt voorgelezen in elke vergadering van de Herv. vrouwenvereniging en je vindt haar wekelijks in de Chr. Geref. kerkbode. Als het vers maar spreekt van het geloof, dan maakt het niet uit, of 't van eigen mensen is of niet.