"Wir Kinder von Bahnhof Zoo"

1981-09-18
  • Jaargang 25
  • nummer 33

(denkend aan Christiane F. - 13 jaar en verslaafd aan heroïne en haar vrienden van Bahnhof Zoo, Berlijn)

Je was geroepen om in vrijheid te reizen
naar een wereld, gaaf en gezond,
je was bedoeld om het leven te prijzen
als een nieuw mens met een nieuwe mond.

Om van mensen en dingen vriend te zijn,
om als kind naast je God te gaan,
om van anderen te kennen de nood en de pijn,
om het kwaad in jezelf te weerstaan.

Maar nauwelijks was je op reis gegaan
of je trein liep vast op dood spoor:
Bahnhof Zoo, station "nergens" - dáár kwam je aan,
en in 't land van de dood leef je door.

En nu ben je verslaafd en je gaat op roof
en verkrampt en versteend zit je neer,
voor ieder te koop, voor helpers doof,
tegen dealers geen enkel verweer.

Zo leven er kinderen in Berlijn,
vereenzaamd, verloederd en grauw,
zo sterven er kinderen in de woestijn
van de steden, in wanhoop en rouw.

En de engelen huilen en de hemel heeft pijn,
om de bloemen voortijdig vergaan,
om de aarde die geen woonplaats kon zijn,
om de bloemen voortijdig vergaan.

O God, geef nog mensen van liefde en kracht,
bereid om de stad in te gaan,
om het ieder te zeggen: God waakt nog en wacht
op hen die niet mogen vergaan.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief