De katholieke kerk
2008-07-04
Het juninummer van Kontekstueel is gewijd aan één thema: 'Wij zijn ook katholiek' (naar een vorig jaar verschenen boek met die titel). Het nummer sluit met een intrigerende Kroniek van de hand van drs. J. Wienen: - Jaargang 52
- nummer 14
Onlangs sprak ik een oude kennis. Die vertelde me dat zij was overgestapt naar een andere kerk. Ze was er erg enthousiast over. Nu is dat niet echt opzienbarend, maar juist dat feit zet mij aan het denken. Het Iijkt voor heel wat mensen een heel gewone stap te zijn, die ze zelfs rustig een paar keer in hun leven maken. Je stapt over naar een andere kerk. Een stapje verder gingen een oom en tante van me, die emigreerden naar Canada en na verloop van tijd daar niet alleen van kerk veranderden, maar zich in hun nieuwe gemeente ook opnieuw lieten dopen. Ook dat is niet meer zo opzienbarend. () Je kunt zeggen dat het goed en mooi is dat we steeds meer zijn gaan zien, dat er broeders en zusters zijn in andere kerken. De bijzondere gewoonte om in het buitenland geen gemeenschap te zoeken met broeders en zusters ter plaatse, maar landgenoten op te zoeken om daar Nederlandse diensten, meestal zonder ambtelijke verantwoordelijkheid, te houden, leidde tot de geweldige ontdekking dat je een enorme verbondenheid kon voelen met christenen waar je in je eigen plaats met een boog omheen liep. () Maar er is ook een andere kant, die me onrustig maakt. Op de een of andere manier botst deze mobiliteit tussen kerken met wat we in het Nieuwe Testament over de kerk leren en met wat in belijdenissen over de kerk beleden wordt. De mobiliteit tussen kerken en de relativering van de betekenis van de eigen kerk gaan vaak hand in hand met een relativering van wat de kerk eigenlijk is. De kerk is niet meer heilig en katholiek, maar een door mijzelf uitgekozen groep mensen die ongeveer hetzelfde beleven in het geloof als ik. En als dat niet meer zo is, dan zoek ik een andere groep of ik sticht mijn eigen kerk.
Het is de vraag of voor velen het verschil tussen een willekeurige vereniging en een kerk of gemeente niet langzamerhand verdwenen is. De doorslaande relativering van de betekenis van de kerk en de voortgaande individualisering heeft een zorgelijke kant. De kerk is toch niet een virtuele gemeenschap van mensen met een vergelijkbare spiritualiteit? () Ze zijn wel te begrijpen, de mensen die aangeven dat ze, soms na lange worsteling, gekozen hebben om hun kerkelijke gemeenschap te verlaten, omdat hun geloof er wegkwijnde, omdat de prediking hen totaal niet (meer) aansprak, omdat ieder gesprek onmogelijk lijkt, omdat hun kinderen hier niet kunnen opgroeien in een positieve sfeer van geloof, omdat ze ook zelf het spoor bijster dreigen te raken in een wereld die ook niet helpt het geloof te beleven of gewoon omdat ze in een andere gemeenschap weer de vreugde en de schoonheid van het geloof beleven die ze zo gemist hebben. En je moet wel blij zijn dat ze weer een plek vinden waar hun geloof opbloeit, waar ze nieuwe inspiratie vinden. Maar ik voel ook treurnis, om wat verloren dreigt te gaan. Het gevoel van verantwoordelijkheid in de eigen gemeenschap, het besef dat de kerk meer is dan een moeder die je aanklaagt als ze het fout doet in jouw ogen. De kerk is de gemeenschap van broeders en zusters die samen met jou geroepen zijn. In die gemeenschap wil Christus wonen. Dan is iedere nieuwe afscheiding een nederlaag. Niet alleen een nieuwe vereniging die wordt opgericht, maar ook een nieuwe aanslag op het lichaam van Christus, een nieuwe wond in zijn zijde. Iedere overgang naar een andere kerk is tegelijk ook een verzaken aan de gemeenschap. Het is soms misschien het beste, maar het is ook altijd slecht. De veelkleurigheid van de kerk is heel mooi, maar het zou het mooist zijn als we die veelkleurigheid en de vrijheid in Christus zouden kunnen beleven in een Kerk, die waarlijk is wat we van haar belijden: heilig en katholiek. Maar is er een weg naar herstel van wat zo onherroepelijk gebroken lijkt? Is het nog wel reëel om in die Kerk te geloven, als de werkelijkheid zo totaal anders is en het erop lijkt dat talloze gelovigen alleen maar geloven in een katholieke kerk in de hemel, maar niet op de aarde?
De sleutel naar kerkelijke eenheid lijkt gebroken. Is er nog een Timmerman die die sleutel maken kan? In het geloof zijn onmogelijke dingen toch mogelijk, maar vraag me niet hoe. Als ik eerlijk ben denk ik dat er geen eenheid mogelijk is zonder de enige kerk die zowel de historische gemeenschap met de kerk der apostelen heeft behouden als die uitdrukking geeft aan het katholieke, wereldwijde aspect van kerk zijn. Misschien moeten we als protestanten voorlopig maar eens beschaamd stil zijn als de paus zegt dat onze kerken niet in de volle zin des woords Kerk zijn. We hebben het er naar gemaakt.
Drs. Menko Biewenga is predikant van de NGK in Enschede.