Het volgen van Jezus (3)

1981-11-20
  • Jaargang 25
  • nummer 42
Tenslotte is er die derde man in het bijbelgedeelte, dat we overdenken. Ook die man komt, net alsde eerste, spontaan, al is hij lang zo enthousiast niet. Hij ziet veel leeuwen en beren op de weg. Hij beseft, dat het volgen van Jezus heel wat kosten zal en hij ziet daar tegen op. Met weemoed denkt hij aan zijn huisgenoten. Hij wil Jezus wel volgen, maar zijn hart trekt riaar zijn huis; hij moet daar kennelijk veel achterlaten. Hij vraagt dan ook of hij nog afscheid mag gaan nemen, Maar hij krijgt dan te horen: "Niemand, die de hand aan de ploeg slaat en ziet naar hetgeen achter hem ligt, is geschikt voor het Koninkrijk Gods." Weer - zo constateren we - maakt Jezus het zijn volgelingen niet bepaald gemakkelijk. En omdat we dat niet zo direkt begrijpen, vragen we naar het "waarom" van dat sterke dilemma. Je kunt zo vinden wij misschien in ons harttocht best afscheid nemen en je toch geven aan de zaak van Gods Koninkrijk. Maar als we het zo zeggen stellen we een ander dilemma dan wat hier in Luk. 9 gesteld wordt, We moeten wel goed zien, wat hier nu het eigenlijke dilemma is. Het gaat hier er om, waar je jezelf aan bindt: aan het verleden, of aan het Koninkrijk, aan je huis, tuin en keuken, of aan de zaak van God.
Jezus gebruikt in dit verband het woord: geschikt. Dat is zo'n woord, wat in onze taal door het gebruik eigenlijk helemaal afgesleten is: het heeft z'n oorspronkelijke kracht ver loren, Het heeft van oorsprong te maken met dingen, die zo geschikt, gerangschikt worden dat ze op de meest doeltreffende manier gebruikt kunnen worden. Zo wordt het b.v. gezegd van het brandhout 'Ophet altaar (Gen. 22).
En zo kan ook een mens zich schikken tot een taak, tot een ontmoeting. Geschikt voor het Koninkrijk van God wil zo dus zeggen, dat de innerlijke bereidheid en de toerusting tot, de instelling op het klaarstaan voor dat Koninkrijk aanwezig zijn. Wie geschikt is voor of beter: tot het Koninkrijk, is bereid zich te laten gebruiken, op de plaats waar, de manier waarop, en de tijd wanneer de Regeerder van dat Koninkrijk het nodig oordeelt. Jezus zegt nu tegen deze man, die Hem volgen wil: Mij volgen, bij Mij horen en Mij dienen, dat vraagt al je aandacht. Dan kun je niet tegelijk aandacht hebben voor dat, wat achter je ligt. Achterom zien is: Al je aandacht richten op het verleden, en wel zo, dat je je, al of niet onwillekeurig, op die manier onttrekt aan de opdracht van het heden.
Jezus zegt hier dus niet, dat ieder afscheid verkeerd is.
Maar een afscheid kan wel degelijk gevaarlijk zijn, omdat het weemoed oproept, waardoor je aandacht voor het heden, voor dit ogenblik verslapt. Hang naar het verleden, in weemoed, omdat het toen zo goed was, kan er de oorzaak van zijn, dat een mens z'n ogen gesloten houdt voor wat er heden aan de gang is. Wij mensen hebben allemaal wel een beetje de neiging om te denken of te zeggen dat het vroeger allemaal zoveel beter was, om met weemoed of vertedering te denken aan wat we vroeger meegemaakt en beleefd hebben en dan vervallen we zo gemakkelijk tot heimwee: dat is zonder daden, zonder plannen, zonder verwachting teruggaan in het verleden. Van mensen die zo doen, zegt Jezus, dat ze halfslachtig bezig zijn. Op een andere plaats in het Evangelie van Lukas lezen we, hoe Jezus herinnert aan de vrouw van Lot, die ook met een hartstochtelijk verlangen omkeek naar datgene, wat ze zo moeilijk los kon laten (Luk. 17 : 32). Zij werd het monument van de gevaren van het afscheid! Wij mogen ons niet laten binden door het verleden. De binding aan Gods Koninkrijk vraagt om een voorwaarts gerichte blik. Jezus vergelijkt dat met het werk van iemand die aan het ploegen is. Ploegen is: het openbreken van een stuk land, het doorsnijden van samengegroeide kluiten en wortels. Ploegen is: met vaste hand en gerichte blik, je werk doen op de akker, zonder steeds maar om te kijken, in het besef van verantwoordelijkheid, met het oog op de nieuwe oogst. De ploeger ploegt het land, waarin het nieuwe zaad moet ontkiemen. Een ploeger, die niet al zijn aandacht bij het ploegen heeft, maakt scheve voren; als je steeds maar achterom loopt te kijken, breng je er zeker niets van terecht. Zo wil Jezus duidelijk maken, dat je voor het volgen van Hem al je aandacht nodig hebt, heel je hart, beslistheid, een volledige toewijding. Nu is het natuurlijk niet zo, dat werkers in Gods Koninkrijk geen belangstelling voor het verleden zouden mogen hebben. Jezus zelf heeft zich uiteindelijk ook aangesloten in Zijn prediking bij de geschiedenis van het volk van God. Maar Jezus wist tegelijkertijd dat het doel van zijn arbeid niet lag in het verleden, maar in de toekomst, in de dag der heerlijkheid, in de wederkomst. Naar dat punt lopen ook de lijnen van het leven van ieder mens, en dat is dan ook het punt waarop wij onze blik gericht moeten houden. Dan zijn we geschikt voor het Koninkrijk, Dan zijn we besliste navolgers van Jezus, die niet steeds maar achterom kijken omdat ze nog zo graag zouden willen blijven bij het leven van vroeger, waar ze maar geen afscheid van kunnen nemen. Nee, Jezus volgen betekent een niet aflatende strijden en volledige inzet, opoffering soms en lijden, zoals we zagen in wat Jezus zei aan het adres van die eerste man! (vss. 57, 58), vervolgens is het volgen van Jezus een boven alles gaande en geen uitstel gedogende zaak (vss. 59, 60) en tenslotte vraagt het volgen van Jezus beslistheid en laat geen bedenkingen toe van onze kant. Hij, Jezus Christus, is het, die ons een rijke toekomst bereiden zal. In dit verband denken we aan een woord van Paulus in Fil. 3: "vergetende hetgeen achter mij ligt en mij uitstrekkende naar hetgeen voor mij ligt, jaag ik naar het doel, om de prijs van de roeping Gods, die van boven is, in Christus Jezus.
In Christus heeft God Zijn Koninkrijk gesticht en in Hem zal Hij het voltooien, Zijn Koninkrijk, Zijn heil en Zijn gerechtigheid. Een mens kan dan misschien wel eens moedeloos zijn bij het horen van de voorwaarden die Jezus stelt aan mensen, die Hem willen volgen: "Hoe kan ik dat volbrengen?" Neen, niet uit eigen kracht, dat kan nooit. Maar God zelf wil mensen de kracht geven om Jezus te volgen. Want Hij heeft 's mensen heil en redding op het oog. Daarom is het ook zo belangrijk om goed te luisteren naar wat Hij zegt en heel dicht bij Hem te leven en te bidden om een hart, dat maar één ding wil: Jezus volgen en liefhebben.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief