persschouw

1981-12-04
  • Jaargang 25
  • nummer 44
Onder de gereformeerden komt steeds meer kritiek op het I.K.V. Speciaal ten opzichte van Mient Jan Faber. Ik geef hier eerst een stuk uit het "Centraal Weekblad" waarvan Prof. Runia hoofdredacteur is. En daarna uit het "Gereformeerd Weekblad" waarvan o.a. Prof. Plomp redacteur is. Ik geef de beide knipsels door zonder kommentaar mijnerzijds. Hier zijn ze:

De kerken konden het weten

In Trouw (16'11) had Aldert Schipper een gesprek met dr. Mient Jan Faber van het LKV. Na over de demonstratie gesproken te hebben werd hem gevraagd over de koers van het I.KV. ná de de monstratie. Het I.K.V. zou een soort vakbewegingmoeten worden. Het gevaar bestaat dan dat de band met de kerken losser zal worden. Faber wil daar niet van weten. Hij zegt: "Voor sommige kerken zou dat misschien een oplossing zijn, omdat die ontwikkeling hun verantwoordelijkheid zou verkleinen. Maar dat is de juiste tendens niet. Er moet geen onderscheid zijn tussen een campagne en het LKV. De campagne is het I.KV. De kerken hebben die campagne aanvaard en hebben er voor gecollecteerd. Ze hebben de verantwoordelijkheid aanvaard, inclusief de onvermijdelijk democratisering. De kerken moeten het platform voor de vredesbeweging blijven vormen, ook nu de politieke invloed er van groter is geworden.
De kerken hebben in 1966 het LKV. ingesteld en toen konden zij al weten dat het deze kant op zou gaan. Nu moet blijken of ze die verantwoordelijkheid ook durven dragen."


Niet christelijk,wel oecumenisch

In het vervolg van zijn gesprek met Aldert Schipper zei dr. Mient Jan Faber, dat hij af wil van de gedachte dat het LKV. een christelijke vredesbeweging zou vormen.
"Het moet veel meer een oecumenische beweging worden, waar iedereen bijhoort, christen of niet-christen, een algemene vredesbeweging,"zegt hij.
"Het beraad werkt nu eigenlijk al als een beleidsgroep op afstand, die zich afvraagt wat er binnen de campagne gebeurt en dat als het ware sanctioneert.
En dat kan alleen doordat alle leden van het beraad ook in kerken functioneren en daardoor bij de kernen betrokken zijn."

Toevallig interkerkelijk

Het weekblad De Tijd (13-11) bracht een uitvoerige reportage over het I.KV. onder de titel 'Oorlog in het I.KV.'. Men sprak met I.KV.'ers van laag tot hoog.
Met de interne democratisering blijkt het niet zo best gesteld te zijn. De plaatselijke kernen varen meestal op eigen kompas.
Een vraag: Zijn de actievoerders niet bang dat de kerken het I.KV. de rug zullen toedraaien. De kerken zijn nog steeds de basis van de beweging.
"Officieel zijn ze nog steeds de basis van de beweging. "Precies, ha. officieel", zegt Meinema (Den Bosch).
"Voor een hoop mensen in de kerken geeft dat onze club een extra dimensie, werkt het drempelverlagend. Maar we zijn uiteraard allang een politieke pressiegroep geworden. Het woord interkerkelijk, nou ja, toevallig is dat zo ontstaan."
Actievoeren kan, kortom, ook zonder een steuntje van de kerken in de rug?
"Je maakt een keuze en dan is het alles of niets, wij kunnen geen concessies doen. De kerk' moet veranderen; een actiekerk worden. .Wij moeten daarbij een voorbeeld geven. Hier lukt dat soms, wij kennen pastores en dominees die lid van een I.KV.-kern zijn."
En dan, onverschillig: "Eigenlijk zal het me een rotzorg zijn of iemand gereformeerd, katholiek of ongelovig is, als we die persoon maar kunnen winnen voor de actie"."

De kerken en hun achterban

Het I.KV. denkt aan het in leven roepen van een campagneraad. Deze campagneraad zou een platform moeten worden dat weerwerk biedt aan de top, waarin ook de kerken zitting hebben. Deze raad zou moeten bestaan uit vijftig mensen: twintig afgevaardigden uit de kerken en dertig van de plaatselijke kernen.
In deze campagneraad zullen dan de echte besluiten vallen. Faber zegt: "Er is één moeilijkheid:de vertegenwoordigers van de kerk zullen zich tegenover hun achterban moeten verantwoorden.
Dit wordt niet makkelijk als (ik theoretiseer nu even) de kernen er in de compagneraad een voorstel doordrukken het atheïsme tot basis van het LKV. te maken, omdat het christendom fnuikend is voor onze samenleving - wat je heel goed kunt beargumenteren."

De hele meute stond op

Mient Jan Faber is niet bang dat de kerken in een nieuwe structuur zullen afhaken.
"Ze kunnen hier eigenlijk geen nee meer zeggen. We zijn al een politieke organisatie met een geweldige macht. Wat roepen de kerken niet op als ze weglopen?
Je hebt het een jaar terug bij de gereformeerde synode gezien, daar dreigde de band met het I.KV. veel slapper gemaakt te worden. Nou, je hoefde maar met je vingers te knippen, een advertentie in Trouw, de hele meute stond op en de band bleef dan ook heel."
Dreigend: "Natuurlijk, het contact met de kerken is essentieel, maar het I.KV. kan zijn actie niet opofferen aan hun bedenkingen.
Als wij een stapje terug moeten doen lever ik mijn zaakje in, dan vertrek ik."

Kerk is geen potentiële machtsfactor

In het weekblad De Gereformeerde Kerk zet prof. J. Plomp nog eens de gereformeerde positie ten aanzien van het I.KV.
uiteen: "In De Tijd van vorige week (13-11) staat een uitvoerig artikel van Frénk van der Linden over het LKV. en de daarin bestaande spanningen. Er zijn allerlei interviews in verwerkt. Ook één met de secretaris van het LKV. Miens Jan Faber.
Een citaat: Zelfverzekerde blik. Mient Jan Faber is allerminst bevreesd dat de kerken afhaken als het I.KV. wordt gedemocratiseerd.
"Ze kunnen hier eigenlijk geen nee meer tegen zeggen. We zijn al een politieke organisatie met een geweldige macht. Wat roepen de kerken niet op als ze weglopen? Je hebt het een jaar terug bij de gereformeerde synode gezien, daar dreigde de band met het I.KV. veel slapper gemaakt te worden.
Nou, je hoefde maar met je vingers te knippen, een advertentie in Trouw, de hele meute stond op en de band bleef dan ook heel."
Ik wil hier drie dingen bij aantekenen.

1. Dit is taal om van te griezelen. Het minst onschuldige beeld dat ze bij mij oproept is dat van een circusbaas die alle diertjes en poppetjes maar laat dansen.
Wat een taal!

2. Tegen de beweringen van de heer Faber zou heel wat in te brengen zijn.
Ik volsta met aan enige besluiten van de synode van Delft (van april 1980) te herinneren (die, dit maar even tussen haakjes, reeds in concept gereed waren toen de advertentie in Trouw verscheen);

- Het spreken van de Gereformeerde Kerken als landelijk kerkverband is voorbehouden aan de generale synode. (Dit besluit had de synode al enige maanden eerder genomen.)

- Het deputaatschap voor het oorlogsvraagstuk (en dus niet het l.K.V.) is het orgaan dat onder verantwoordelijkheid van de synode namens onze kerken is belast met studie, beraad, voorlichting en toerusting ten aanzien van het oorlogsvraagstuk.
De gereformeerde deelnemers in het I.K.V. zijn geen deputaten van de generale synode.

- Al acht de synode zich verantwoordelijk voor het (feit van het) samenwerken met andere kerken in het LK.V., dit betekent geen verantwoordelijkheid op voorhand voor de woorden en daden van het LK.V. of van de gereformeerde deelnemers daarin.

- De relatie van de synode tot het LK.V. loopt uitsluitend over het deputaatschap voor het oorlogsvraagstuk.
(Het I.K.V. heeft dus geen eigen toegang tot de synode).
Dagelijks verkondigt het I.K.V. dat het handelt "namens de kerken". Ik kan niet anders zeggen dan: men toetse toch deze bewering, wat de Gereformeerde Kerken betreft, aan de boven genoemde besluiten."
Dit alles moet de vragen oproepen: Is het I.K.V. "kerkelijk" en is het nog "beraad".

C.V.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief