TITELS

1981-01-09
  • Jaargang 25
  • nummer 1
“Opbouw” vermeldt de titels niet van degenen die in het blad schrijven. Ik weet niet, waarom de redaktie besloot dit na te laten.
Waarschijnlijk was ze van mening, dat de woorden die geschreven worden, hun eigen gewicht moeten hebben en niet het gewicht van de titels of de positie van de auteur. Het gaat erom, wát iemand zegt en het is van veel minder belang, wie het zegt. Maar nu zie je het gebeuren, dat bladen, die stukjes uit Opbouw overnemen, in misverstanden terecht komen. “Ds P.C. v. Wijk schrijft in Opbouw… De predikanten De Boer en Schuurman waren namens de Ned. Geref. kerken op de GOS in Mîmes… Ds J. Meulink geeft zijn mening van het CDA”. Men kan zich niet voorstellen dat mensen, die geen predikant zijn, verwaardigd worden tot het schrijven in een “kerkelijk” blad. Het lijkt er veel op, dat bekende namen, titels en gewaden de woorden kracht moeten bijzetten. Er stormde een echtpaar met volwassen kinderen ons kerkgebouw binnen, vlak voordat ik naar de preekstoel zou gaan. ik stond nog in de hal, maar kreeg geen kans me voor te stellen. Ze renden me voorbij en vroegen me alleen, of de plaatsen vrij waren. Na de dienst dronken ze met de gemeente mee een kopje koffie in het lokaal. Ze zeiden tegen een broeder: “Wij wilden dominee Algra eens horen, maar we troffen het dus slecht: preeklezen door de koster”.
Ik denk dat ik meer werk maken moet van m’n image en bijvoorbeeld een lang gewaad aantrekken. Hoewel, vroeger in Korinthe was het al zo, dat men meer wilde dan de woorden alleen. Ze hadden graag, dat Paulus een “krachtige verschijning was”, want “zijn spreken betekent niet” (2 Kor. 10).
Toch zijn het de woorden, die het moeten doen. Niet de titel of de toga.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief