De reformatie van het kapitaal
1981-01-23
De redaktie ontving onderstaand artikel van een ongewone gedachtengang en strekking en is benieuwd wat voor reakties daarop uit de lezerskring komen.- Jaargang 25
- nummer 3
Iedereen die wat bezit, kent de vraag wel of een rijke het koninkrijk van God kan binnengaan, en ieder zal zijn eigen manier hebben gevonden om daar ja op te zeggen. Even bekend is in dit verband de gelijkenis van de onrechtvaardige rentmeester.
De meeste christenen zullen zichzelf moeilijk in die man herkennen, niet in zijn onrechtvaardigheid, maar ook niet in zijn slimheid.
En als Jezus dan zegt: "Maak u vrienden met de onrechtvaardige Mammon", zal ieder daar weer een eigen uitleg bij hebben.
Toch moet een ding opvallen. Toen de rentmeester ontdekte dat zijn heer rekenschap zou gaan vragen, ging hij tot aktie over. Niet om de zaak te consolideren, niet om zijn beheer zo schoon mogelijk te laten schijnen, nee, om vrienden te maken.
Jezus merkt hierbij terecht op, dat dit gaat over kinderen der duisternis, die ten aanzien van hun soort met overleg te werk gaan. Ook de schuldenaren waren niet zulke lekkere jongens. Daar valt weinig van te leren. Waar gaat het dan wel om?
Wel, de rentmeester schiep nieuwe , verhoudingen. Hij investeerde in je meest gunstige relaties voor de zaak die hij diende. Hij maakte zich vrienden, waar hij ze nog niet had.
Hij gaf adempauze aan mensen die zichzelf in scheve verhoudingen' hadden gemanoeuvreerd, en won zo hun gunst, misschien ook hun geest.
Het lijkt me denkbaar, dat ook een christen zijn kapitaal voortdurend probeert te investeren in die sectoren van de samenleving, die nog het minst door rechtvaardige wetten zijn geordend, in die sectoren waar het vertrouwen in de samenleving het meest wordt ondermijnd door blinde en amorele winzucht.
Hoewel ik mijn betoog verzwak door voorbeelden, wil ik toch de creativiteit van de lezer prikkelen.
Café's, disco's, bioscopen en de vermaakspers zouden door christelijke eigenaren veranderd kunnen worden in opbouwende activiteiten, waar aan de heropvoeding van de menselijke geest gewerkt wordt.
Mits voldoende professioneel, dus met voldoende overleg bedreven, hoeft de rentabiliteit daardoor niet in gevaar te komen, integendeel.
Juist het terrein, waar de gedachten van de mens gevormd worden, dreigt immers een vrij jachtveld te worden waar geen enkele morele restrictie meer geldt?
AI teveel hebben christenen enkel aan de kant van de wetgever gestaan, activiteiten en boodschappen inhoudelijk in te perken, terwijl ze het initiatief zo volledig aan nietchristelijke investeerders lieten.
Hoe meer de scheiding van kerk en staat doorzet, hoe belangrijker echter de persoonlijke verantwoordelijkheid wordt: namelijk dat het Evangelie dimensies beeft die boven de wet uitgaan.
Blijven we liever winstgevend nijptangen en afwasborstels produceren, dan iets te doen waarvan een positieve invloed op het denken van de komende generatie uitgaat? Het is ongelofelijk, waar we mee bezig zijn.
Het lijkt wel of er geen bewogenheid is met mensen die hun tijd nog niet in dienst van God kunnen geven, of we part noch deel aan zondaars willen hebben. In plaats van te tonen dat we beter weten en ze tegemoet komen met Gods boodschap, wachten we rustig af of ze misschien zelf komen.
Mijns inziens hebben we behoefte aan een christelijk scholingsinstituut, waar we samen leren nadenken over een manier van investeren, waarin moraliteit en rentabiliteit geen gescheiden levensterrein zijn.
Verantwoordelijkheid voor de nationale stroom van amusement en informatie hebben we al te lang afgeschoven op de staat, de kerk, de pers, de omroepzuil, en "het" bedrijfsleven.
De staat, de kerk, de pers, en andere collectieve instellingen kunnen echter niet verantwoordelijk zijn zonder een onderliggende structuur van gelijkgezinde privépersonen, die hun materiaal en kapitaal voor hetzelfde doel inzetten.
Hun kapitaal, en niet alleen de rente of 10% van de rente. Toen Marx beweerde dat de heersende ideologie van een samenleving wordt bepaald door onderliggende economische strevingen, had hij gelijk.
Daarom schrok de volmaaktheid die Jezus aanbiedt, de rijke joodse jongeling af.
Als christenen professioneel niet meer meedoen in het organiseren van onze vrije tijd, dan doet iemand anders het. En dat zullen we ook gaan merken in het overige arbeidsleven, wat inhoud en omvang van de vraag op de markt wordt in belangrijke mate door de privébestedingen gevormd. Er komt steeds meer vraag naar nutteloze producten, en onze arbeid en productie zullen worden betaald om te voldoen in' de behoefte. Uiteindelijk brood en spelen, waarin christenen geen stem hebben gehad.
Gaan we echter zelf gelovig aan de slag om vrijetijdsbesteding en informatie in eigen beheer aan te vullen met een succesvolle (evangelische) boodschap, dan komt het hoge Woord er in ieder geval uit, zodat onze woorden en daden één getuigenis geven. Overeenkomst tussen woord en daad is van de mens uit gezien immers een belangrijk waarheidscriterium.
Overigens waag ik me niet aan voorspellingen aangaande het effect van onze daden - wij hebben immers een hoop op de toekomende eeuw, niet op deze wereld.
Wat God wel of niet in onze dagen wil doen, hebben wij gelukkig niet in de hand - dat staat los van onze verantwoordelijkheid.
De vrijetijdsindustrie behoort al sinds de instelling van de sabbat, later van de tempelfeesten, Pasen en Pinksteren tot de zingevende sectoren van de menselijke samenleving.
Daar horen geen amorele figuren thuis.
Jezus predikte ook niet alleen op terreinen die neutraal waren.
Zonodig zocht Hij braspartijen op; steeds nam Hij verantwoordelijkheid voor de zonde van anderen.
Als we geen practiserende zondaars meer in ons eigen huis willen ontvangen met een Boodschap, zijn we dan niet terug in de farizeese eigengerechtigheid?
Bestaat er een duidelijker blijk van vergevensgezindheid, dan te investeren in mensen die in onze, en in Gods ogen verkeerd doen?
Tenslotte: Abraham moest zijn vertrouwde plekje ook al verlaten, en meermalen iets onverwachts doen.
Daar was hij een gelovige voor. Hij geloofde, en werd een groot volk, waardoor alle volken der aarde gezegend worden. Wat hij deed was , echter bovendien nogal opzienbarend, en voor ongelovigen die er kennis van nemen aanstootgevend.
Een waarschuwing voor doeners: als laakbare activiteiten van publiek iets opbrengen, dan mogen we geen procent van die opbrengst als eigen inkomsten beschouwen of voor regelmatige activiteiten en verplichtingen bestemmen. Zulke opbrengsten kunnen alleen dienen als rampenfonds, voor incidentele giften en voor nieuwe investeringen waar voldoende evangelisten zijn om het werk te leiden. Regelmatige activiteiten en levensonderhoud Kunnen alleen bekostigd worden uit fondsen of arbeid die om der aanstoots en des gewetens wil rechtstreeks en voor ieder zichtbaar in opbouwende activiteiten verworven of is verricht.