Een andere vorm
1981-01-30
Over een speciale kerkdienst - Jaargang 25
- nummer 4
Laatst maakten we in een Nederlands Hervormde Kerk een godsdienst mee, waaraan o.a. een kinderkoor meewerkte. De preek ging over David en Goliath, terwijl de Schriftlezing uit 1 Samuël 17 : 1-40 en 47 werd verzorgd door de kinderen. Gedeelten van dit bijbelgedeelte werden door kinderen van het koor gelezen, terwijl andere gedeelten werden gezongen waarbij woorden en melodie werden gemaakt door de dirigente.
Het geheel laat ik hier volgen, het is een poging tot navolgen waard.
Schriftlezing 1 SamuëI? vers 1-40, 47
David en de Filistijnen
koor:
Oorlog, oorlog met de Filistijnen oorlog, oorlog vele jaren lang.
tekst:
De Filistijnen verzamelden hun troepen voor de strijd. Zij sloegen hun kamp op bij Soko, dat bij Juda hoort.
Ook Saul en de Israëlieten verzamelden zich en stelden zich in slagorde op tegenover de Filistijnen.
De Filistijnen stonden op de berghelling aan de ene kant. Tussen hen in lag het dal.
koor:
Hé, kijk daar, zie je daar die reus?
Hij is wel drie meter lang! Wat een goede keus.
't Is Goliath, 't is Goliath, 't is Goliath, ja heus.
solo:
Ik ben Goliath, ik ben Filistijn.
Als één van jullie mij verslaat, zullen wij slaven zijn. Maar als ik sterker ben dan hem, dus als ik hem versla dan dienen jullie ons voortaan! Wij kennen geen gena.
tekst:
Iedere dag kwam Goliath naar voren, bespotte God en daagde het volk uit. Iedere ochtend ...
40 dagen lang.
tekst:
Isaï, die in Bethlehem woonde, riep zijn jongste zoon bij zich en zei:
koor:
David, David, kom eens even hier.
Wij zijn fijn thuis en veilig en hebben veel plezier.
Maar ach, je broers zijn erg ver hier vandaan.
Ik vraag me af hoe 't met hen zal gaan.
koor:
Neem dit brood en ook deze kaas.
Breng de schapen naar de zoon van hiernaast.
Ga naar het dal van de Terebint.
God gaat met jou, m'n lieve kind.
tekst:
David deed wat zijn vader hem gevraagd had: hij bracht de schapen weg, nam het eten mee en ging op weg naar het dal van de Terebint. Bij het kamp aangekomen, gaf hij het voedsel aan een bewaker en ging op zoek naar zijn broers. Juist toen hij ze gevonden had, kwam Goliath naar voren.
solo:
Ik ben Goliath (zie hier boven)
tekst:
Alle Israëlieten sloegen op de vlucht toen zij Goliath zagen. David was hier zeer verbaasd over en hij vroeg aan een paar soldaten: "Wie is die Filistijn dat hij de levende God durft te tarten? Wat gebeurt er met de Israëliet die hem verslaat en de schande van Israël wegneemt?" En de soldaten antwoordden: "Degene die deze Filistijn verslaat, zal trouwen met de dochter van de koning en zijn familie zal geen belasting meer hoeven te betalen."
Koor + kk:
De grote mensen durven niet, heel Israël is bang voor Goliath, die grote reus, die sterk is en heel lang. Daar staat hij midden in het dal, hij Iacht hen uit en spot: "Waar blijft de man die vechten zal en waar is jullie God?"
tekst:
Hierop ging David naar Saul en zei tegen hem: "Verlies de moed niet. Ik zal met Goliath gaan vechten!" Maar Saul antwoordde: "Maar dat kan toch niet. Je bent nog jong, je hebt geen ervaring met vechten en die Filistijn is een echte vechtersbaas."
"Ik hoed al jaren de schapen van mijn vader. Soms roofde een beer of een leeuw één van de schapen, omdat hij honger had. Maar dan joeg ik achter hem aan en redde het schaap. En als het dier mij aanviel, doodde ik het. Ik heb leeuwen en beren neergeslagen en die Filistijn zal hetzelfde lot ondergaan, omdat hij de levende God durft te tarten. Jahwe, die mij gered heeft uit de klauwen van leeuwen en beren zal mij ook redden uit de handen van Goliath."
"Ga dan, God zal met je gaan."
Saul liet David zijn wapenrusting aantrekken en gaf hem zijn helm en zijn zwaard. David kon zich echter onmogelijk bewegen in deze kledij, zodat hij alles weer uittrok. Hij nam zijn stok en zocht in de beek 5 gladde stenen uit, die hij in zijn tas deed. Met zijn slinger in de hand, ging hij op Goliath af.
Koor + kk:
Maar David met zijn herdersstok ging helemaal alleen de berg af naar die grote reus en doodt hem met een steen.
Reus Goliath, reus Goliath, 't uit met jouw geweld,
want David heeft op God vertrouwd en David is een held.