Gods liefde delen in Europa
2011-12-09
Europa heeft het evangelie hard nodig. Andere continenten uiteraard ook, maar in Europa heeft de kerk een beladen geschiedenis. Daardoor heeft de kerk de link met veel Europeanen verloren. Dat maakt Europa een urgent continent voor het evangelie. En één die om een geheel eigen aanpak vraagt. - Jaargang 55
- nummer 24
‘Ten diepste zijn we allemaal geschapen met behoeften die het evangelie aanreikt.’ Aan het woord is Hans Kuijpers, directeur van de Nederlandse tak van de internationale, interkerkelijke zendingsorganisatie European Christian Mission (ECM). ‘We verlangen allemaal naar liefde, betekenis, aanvaarding, houvast en verbondenheid.
Dat is voor een Afrikaan niet anders dan voor een Europeaan. Wat dat betreft heeft het evangelie overal
hetzelfde te bieden. Warme liefde die mens wordt in Christus en zijn navolgers.’
Contextualisatie
‘Hoe deze liefde tot uiting komt, verschilt echter wel van plaats tot plaats.
Wat op de ene plek zinvol is, is ergens anders niet wijs,’ aldus Hans Kuijpers.
Europa neemt dan met haar lange christelijke traditie en sterk doorontwikkelde culturen een bijzondere positie in. Als je het delen van het evangelie in Europa daarom ergens mee wilt typeren, dan is het wel dat het niet te typeren valt. De aanpak moet verschillen van land tot land en zelfs van dorp tot dorp. Contextualisatie is het sleutelwoord. ECM, een gemeentestichtende organisatie, hecht er dan ook aan om aan te sluiten bij bestaande, lokale kerken.
Vind het wiel opnieuw uit
Wilfred Kampjes, ECM-werker in Oost-Spanje (zie kader), kan met zijn ervaring het belang van contextualisatie beamen. ‘Het werk in Onda is ooit begonnen met een megacampagne.
Sport, mime, muziek, er kwamen genoeg mensen op af, maar er is niemand tot geloof gekomen. In het even verderop gelegen l’Alcora hebben collega’s onlangs een concert georganiseerd.
Dat werkte wel. Met enkele jongeren die ze daar hebben leren kennen zijn er nog regelmatige ontmoetingen rond de Bijbel. De aanpak verschilt dus echt van dorp tot dorp.’ Ook Kees Postma, werkzaam in Tramore aan het zuidoosten van Ierland (zie kader), weet wat aanpassen aan de lokale cultuur is. ‘De rooms-katholieke kerk hier kent drie missen per dag, zeven dagen per week. Na een kwartiertje, twintig minuten, sta je weer buiten. Ieren die voor het eerst in een protestantse dienst komen, schrikken zich dus rot als de dienst anderhalf uur duurt. In het nabijgelegen Ferrybank, waar we deze zondag beginnen met diensten, gaan we dus experimenteren met een bijeenkomst van maximaal 45 minuten.’ Europa’s beladen kerkgeschiedenis vraagt om een eigen aanpak. Hans: ‘Waar de kerk een lange geschiedenis heeft, kunnen al gauw vastgeroeste tradities en vormen in de weg gaan staan. Dat geldt voor de rooms-katholieke en de orthodoxe kerk, maar net zo goed voor de protestantse. Wil je mensen met het evangelie bereiken, dan moet je daardoorheen breken.
Lukt dat niet, dan hebben we het al snel over onvruchtbare, harde grond.
Of dan worden we als “sektarisch” getypeerd in de hoek gedrukt. Op dat moment moeten we ons achter de oren krabben of we wel de juiste snaar weten te raken. Of we de vinger op de gevoelige plek kunnen leggen, net als Jezus dat bij vreemdelingen deed. We moeten oppassen dat we niet hoge muren van vooroordelen optrekken, maar dat we in de eerste plaats waarlijk liefhebben. Liefde spreekt alle talen.’
Kees Postma heeft aan den lijve ondervonden dat om mensen in Ierland te bereiken, je ze moet liefhebben en je werkelijk in ze moet interesseren.
‘Je moet komen om te dienen, niet om je eigen maniertjes mee te nemen.
Denk vooral niet dat als je het wiel in Nederland uitgevonden hebt, het wiel precies zo draait in Ierland. Je moet enorm veel van jezelf achterlaten en goed luisteren voordat je ook maar iets kunt betekenen.’
| Onda, l'Alcora en Benicarló in Spanje Wilfred en Marisa Kampjes wonen sinds 2003 in Spanje en sinds 2007 in het Oost-Spaanse stadje Onda. Daar hebben ze een jonge gemeente geholpen met uiteenlopende activiteiten. Deze gemeente staat nu op eigen benen en ondersteunt een gemeentestichting in l’Alcora. Ook hebben ze een project ‘begeleid wonen’ opgezet, waarin mensen met verslavingsproblemen tijdelijk onderdak geboden wordt en begeleiding krijgen om in de maatschappij te re-integreren. Wilfred en Marisa hopen binnenkort naar Benicarló te verhuizen, een kleine honderd kilometer ten noorden van Onda. Daar hopen ze het project ‘begeleid wonen’ voort te zetten en de jonge gemeente aldaar te helpen groeien naar zelfstandigheid. Ook willen ze vanuit die gemeente enkele dorpen in het binnenland bezoeken om daar relaties met jongeren aan te knopen. Veel van deze jongeren hebben weinig perspectief en ‘hangen maar wat rond’. Wilfred en Marisa zijn uitgezonden vanuit de Samenwerkingsgemeente van de GKv, CGK en de NGK in Deventer. |
Vanuit de lokale gemeenschap
Omdat gemeentestichten overal in Europa zo anders werkt, kent ECM geen standaard kerkmodel. Gemeentestichtingsinitiatieven moeten helemaal de ruimte krijgen om aan te sluiten bij lokale behoeften.
Hans: ‘Soms ontstaat er dus iets dat helemaal niet lijkt op een kerk met een voordeur en openingstijden. Het gaat erom dat gestalte gegeven wordt aan een christelijke gemeenschap waarin levens getransformeerd worden.
De broodnodige aansluiting bij de lokale cultuur kan het best bereikt worden in partnerschap met lokale initiatiefnemers.’
Wilfred Kampjes ziet duidelijk de gevolgen van het al dan niet samenwerken met lokale christenen. ‘In Benicarló, waar we binnenkort heen hopen te verhuizen, is er in korte tijd een kerk ontstaan. Twee Duitse echtparen zijn met behulp van Duitse vrijwilligers in 2008 begonnen met enkele activiteiten. Vanuit Duitsland was er geld om een gebouw te huren en andere onkosten te betalen. Mensen kwamen tot geloof en nu komen er al zo’n vijftig mensen naar de kerkdiensten.
Het is zeker mooi wat er gebeurt.
Maar helaas zijn de bezoekers nauwelijks betrokken. De collecte brengt niet eens genoeg op om de elektriciteit te betalen. Het team hoopt hier verandering in te brengen door de bezoekers meer in te schakelen.’
Wilfred en Marisa hebben er in Onda voor gekozen om vanaf het begin de gemeenteleden in alles te betrekken.
‘We kunnen nu dan ook rustig vertrekken, want het jeugdwerk, de muziek, alles wordt nu door lokale christenen getrokken. Vanuit Onda zijn we een nieuwe gemeentestichting begonnen in het nabijgelegen l’Alcora.
Die plaats hebben wij als zendingswerkers niet uitgekozen, dat hebben we als gemeente van Onda besloten.
Vanaf het begin zijn gemeenteleden meegegaan naar l’Alcora. Ze bidden mee. Ze vervullen zelf leidersfuncties. Het is van hen.’
Europa heeft het evangelie hard nodig. Als zendingswerkers hun eigen cultuur af durven leggen en werkelijk liefhebben wie ze dienen, dan is er veel mogelijk. ‘Waar liefde handen en voeten krijgt, wordt dat gezien in een samenleving’, zegt Hans Kuijpers vastberaden.
‘Laten we onze nek maar uitsteken, als christenen hebben we God immers aan onze zijde. Als wij maar zorgen dat Gods passie en liefde in ons persoonlijk blijven doorwerken, dan mogen we met Gods genade veel verwachten voor Europa.’
Rianne Bonk is medewerker van ECM Nederland.
Zie verder:
www.ecmnl.nl, www.ecmi.org
| Tramore in Ierland Kees en Wieteke Postma wonen met hun kinderen Ruben en Thirza in Tramore, aan de zuidoostkust van Ierland. Ze zijn er in 2009 komen wonen en ondersteunen de Tramore Bible Church, een gemeente die in 2000 door ECMwerkers is opgestart. De gemeente wordt steeds zelfstandiger, zo zijn er twee Ierse diakenen en helpen Ieren mee met het kinder- en jeugdwerk. Ook omdat er nieuwe ECM-werkers in Tramore zijn aangekomen, bezinnen Kees en Wieteke zich momenteel op een nieuwe stap, mogelijk binnen Ierland. Vanuit Tramore is er een gemeentestichtingsinitiatief in het nabije Ferrybank opgestart, waar een aantal zendingswerkers heen verhuisd is. Het plaatselijke ECMteam onderzoekt momenteel de mogelijkheden om verder over het land uit te waaieren. Kees en Wieteke zijn uitgezonden door de Vrije Baptistengemeente Bethel in Drachten. |