Jezus alleen
2011-12-09
Er zijn behoorlijk ingewikkelde dingen in het christelijk geloof. En dat is ook niet zo vreemd, want als je je met het bestaan van God te maken krijgt dan zit het er dik in dat het niet allemaal even makkelijk te begrijpen is voor een mens. Als je niet gelooft in het bestaan van God heb je het, wat dat betreft, een stuk makkelijker. - Jaargang 55
- nummer 24
Al voor de grondvesting van de wereld is Christus door God uitgekozen, en nu is Hij aan het einde van de tijd verschenen omwille van u. (1 Petrus 1:20)
Neem nu zoiets als de eeuwigheid. Wat moet een mens daar nu van denken?
Een eeuwigheid die zich naar voren en naar achteren toe uitstrekt. Wie zal daar een zinnig woord over zeggen? Je kunt zeggen: dat is me te ingewikkeld, ik weet niet of ik dat nog wel kan geloven.
Maar ik zou zeggen dat het ook kan versterken in het geloof.
Want juist door zoiets groots dringt het gewichtige van God zich nog meer aan me op. Dan is Hij niet maar iets vaags waar je al dan niet wat mee kunt doen: ‘Zal ik iets met God doen? Ik weet het niet.’ Die eeuwigheid maakt het makkelijker om je te verbazen: er zijn ‘tijden’ geweest dat ik er nog helemaal niet was, geen mens was er, maar Hij wel.
Daardoor kan Hij stijgen in mijn achting. Het is toch wel iets bijzonders, als er een God is.
In Gods gedachten?
Nog meer bijzonder wordt het als die God daar in die eeuwigheid zich misschien ook nog eens met mij heeft bezig gehouden. Ik was er nog niet eens. En zou Hij mij dan in gedachten hebben gehad? Mij nog wel? Dat is namelijk wat Petrus hier lijkt te schrijven. ‘Al voor de grondvesting van de wereld is Christus door God uitgekozen, en nu is Hij aan het einde van de tijd verschenen omwille van u.’ Al voor de grondvesting van de wereld. Over wat dat betekent wordt verschillend gedacht, maar ik zou toch zeggen: voor de schepping. Buiten de tijd. Daar zijn ook dingen gebeurd.
Daar heeft de Vader zijn Zoon uitgekozen om een taak te gaan verrichten.
Jij moet gaan
Ik probeer me voor te stellen hoe dat ging. Dat de Vader de Zoon de opdracht gaf om te gaan. Waarom moet Ik gaan?
Omwille van die en van die en van die. Hun leven dreigt verloren te gaan. Ze moeten verlost worden. Omdat ze vast zullen lopen in een leven zonder Mij. Vader, waarom wilt U dit? Ik wil dat, Mijn Zoon, omdat Ik van hen houd.
Het is al te menselijk, zo’n voorstelling, dat weet ik ook wel, maar we moeten toch wat. Op deze manier kan ik mij opeens voorstellen dat daar toen ook mijn naam is genoemd.
Dat mijn naam in de eeuwigheid geklonken heeft.
Dat de eeuwige God gedachten over mij heeft, gevoelens.
Verschenen omwille van u
De Regisseur heeft zijn Hoofdrolspeler een script gegeven.
Hij staat klaar achter de coulissen en als het moment daar is (‘aan het einde van de tijd’) komt het teken: nu moet Jij op. En daar verschijnt Hij op het toneel. Hij treedt achter de coulissen vandaan. Dat is kerst. ‘Nu is Hij aan het einde van de tijd verschenen, omwille van u.’ Alles is bijzonder aan dit gebeuren. Maar het meest ontroerende zijn die laatste drie woorden: omwille van u. Niet omwille van zichzelf, om macht uit te oefenen, om te schitteren. Maar om u. Dat geeft toch een heel andere kijk op je leven. Dan kijk je daar niet alleen maar naar vanuit het gezin waarin je bent opgegroeid, de jeugd die je hebt gehad, dingen die je hebt bereikt of niet bereikt. Vanuit wat je is overkomen, waar je op hoopt. Nee, dan kijk je naar je leven allereerst vanuit God.
Vanuit de eeuwigheid.
Zoeklicht van boven
In oorlogen heb je van die zoeklichten. Grote bakken licht, brede bundels die de zwarte lucht in schijnen op zoek naar een vliegtuig. En als ze er dan één gevonden hebben laten ze niet meer los. Het vliegtuig blijft gevangen in de bundel.
Maar draai dat nu eens om. Niet een zoeklicht van de aarde af naar boven, maar een zoeklicht vanuit de eeuwigheid naar beneden. En het rust niet voordat het jou heeft gevonden.
Gevangen in Zijn lichtstraal. Omwille van jou is Hij verschenen.
En daar sta je dan. In het volle licht van Gods genade. Dat is kerst. Christus is verschenen omwille van u.
Het wordt je gezegd
Maar hoe weet ik dat? Hoe weet ik dat daar een God is die mij op het oog heeft? Hoe weet ik dat Hij mij wil verlossen?
Dat weet je omdat het tegen je gezegd wordt. Ook op dit moment. En dan is het aan jou om daar al of niet geloof aan te hechten.
Vind je het te wonderlijk? Ach kom, het hele bestaan van God is wonderlijk. Als je dat een bezwaar vindt moet je er niet aan beginnen. Maar misschien raakt dit toch een snaar.
Het zou toch ook werkelijk fantastisch zijn. Een eeuwige God die mij op het oog heeft. Die mij kent. Die zich om mijn leven bekommert. Dan ben ik dus lang niet zo eenzaam als ik wel eens denk. Dan hangt niet alles van mij af.
Dan is mijn dagelijks leven opeens heel anders. Want dat zoeklicht laat mij niet meer los. Geen dag. Het houdt mij gevangen in zijn bundel net zolang tot het achter de rug is.
Tot de verlossing compleet is.
Als je kiest voor een kerst met God dan haal je heel wat overhoop. Dan is het allemaal niet zo simpel meer. Maar wel een stuk lichter. Dat zoeklicht vanuit de eeuwigheid, daar kunnen geen duizend kerstkaarsen tegenop.
Ds. Gerrit Zwarts is emeritus-predikant van de NGK Breukelen.