Buiten het boekje (vervolg)
1981-02-27
Zelden ben ik tijdens een kerkdienst meer verontwaardigd geweest dan de eerste zondag nadat de synode van, toen ook nog ónze, Vrijgemaakte gereformeerde kerken ds Schoep naar huis had gestuurd, omdat hij als ondertekenaar van de Open Brief in haar midden niet aanvaardbaar was. Eén van de predikanten die' daaraan had meegewerkt, bestond het die zondag te preken over een tekst waarin de woorden "recht en gerechtigheid"- Jaargang 25
- nummer 8
centraal stonden. Tegelijk was ik verbijsterd: hoe was het mogelijk dat iemand die aan zulke ongerechtigheid had meegedaan, niet inzag welke schuld hij daarmee op zich had geladen? Later heb ik enkele kerkelijke vergaderingen meegemaakt waarbij ik me opnieuw afvroeg: hoe kunnen broeders elkaar zó behandelen? Het recht struikelde op de straten, maar de rechters hadden daarvan zelf geen Nauw benul.
Althans, zo leek het, en ik hoop maar dat zij inderdaad, net als degenen voor wie de Here Jezus bad, niet wisten wat zij deden! Wat een verblinding en wat een liefdeloosheid!
En alles in naam van het goede gereformeerde spoor! Jaren lang was ons vanaf de kansel verkondigd hoe belangrijk het ambt in de kerk was en hoe zeer het nodig was "pal te staan", o.a. om "ware kerk" te blijven. En daar stonden 'we in 1969 bij de puinhopen van de vrijmaking! Wat" is er toen geschermd met de kerkenorde, als dat van pas kwam, en wat is er met dat recht gesjoemeld! Wat een geweld, wat een overheersing, Ja soms zelfs: wat een haat! Broeders, zonen van hetzelfde huis? Gij, geheel anders?
Opnieuw, net als in 1944, net als heel wat keren daarvoor in de geschiedenis van de kerk, werd duidelijk hóe verwoestend de satan kan werken en hóe zeer ook ambtsdragers maar gewone mensen zijn.
Nèt als de mensen over wie Maarten 't Hart en Abel Herzberg hebben geschreven. Net als de mensen van de wereld?
Gij, -geheel anders! Herzberg vertelt van Arend. Arend Struik. In de oorlog was de dochter van Herzberg bij Arend ondergedoken. Hij droeg een revolver op zak. "Als ze aan Bets komen", had hij beloofd, "dan schiet ik". Maar er was meer.
Arend heeft aan het verzet een dimensie toegevoegd. Hij was een man van zwaar gereformeerde huize.
Een der kleine luiden van de door hem hoog vereerde Abraham Kuijper. Er werd dus in het gezin van Arend dagelijks voor de maaltijd uit de Heilige Schrift gelezen, ook natuurlijk op de eerste dag dat het vreemde joodse meisje aan zijn tafel zat. Wat heeft Arend die avond voorgelezen toen hij de zware, veel beduimelde foliant van de familie opensloeg? Hij las in de statige taal van de Statenbijbel Jesaja 40. Hij las, en het kind, uit eigen huis verdreven, met haar angst omtrent de toekomst en met haar reeds opgedane bittere ervaring te midden van vreemden, het kind hoorde: "Troost, troost, mijn volk". Het kind is bereid die woorden te geloven. Zij openen een deur naar een huis en een hart. Troost, troost! Een eenvoudig man, door niemand voorgelicht, in een tijd waarin de tirannie hem dreigt te wurgen en hij niets rondom zich ziet dan botte macht, hij blijft geloven aan een gedachte die sterker is dan deze. "Wat krom is, zal recht worden ... " En zie nu, wat er na de oorlog gebeurt. Op een dag wordt Arend aangehouden, hij zit achter het stuur en heeft te veel gedronken. Dat wordt een rechtszaak.
Arend komt bij Herzberg om hulp: hij kán geen gevangenisstraf hebben. "Als je in de gevangenis hebt gezeten, ben je bij ons op het dorp voorgoed verloren", zegt Arend. "Je kan de straat niet meer op. Je vrouw kan de inkopen niet meer doen, de kinderen wordt het op school voorgehouden. Ik moet voorwaardelijk hebben." Herzberg ziet in dat de zaak hopeloos is; maar toch dient hij een verzoekschrift in, schakel relaties in. Men lacht hem niet uit, maar kijkt hem wel aan alsof hij van Lotje is getikt.
Is het een argument voor gratie dat de verdachte Jesaja 40 heeft voorgelezen aan een Joodse onderduikster?
En toch ... er was een regeringsjubileum op komst en er hing een algemene amnestie in de lucht.
Als de beslissing een beetje kon worden uitgesteld? Het is gelukt.
Werd het kromme nu recht, of het rechte krom?
Gij, geheel anders? Ik denk aan wat mijn vader is overkomen, toen hij de tachtig al gepasseerd was. Er was verkiezing voor een ouderling, er werden vijfentwintig stemmen uitgebracht. Het was maar een kleine gemeente waarvan hij al zo'n twintig jaar lid was geweest. Broeder A. kreeg dertien stemmen, broeder B. twaalf. Dus was A gekozen?
Nee hoor! A. was namelijk niet een tegenstander van de Open Brief en dus kwamen er bezwaren: hij had niet de absolute meerderheid, niet de helft plus één. En de benoeming ging niet door. Dat druiste volkomen in tegen het rechtsgevoel van mijn vader en hij protesteerde tegen zó'n gang van zaken. Het hielp niet, hij hield vol en het eindresultaat was dat hij werd afgehouden van het Avondmaal. Hij leeft nu niet meer en hij heeft nu de troost gevonden: wat krom was, is voor hem recht gemaakt. Het is maar een klein drama, maar zo is er veel geleden in de kerk. Gij, geheel anders? Zalig zijn de barmhartigen, want hun zal barmhartigheid geschieden. Zalig zij die hongeren en dorsten naar gerechtigheid want zij zullen verzadigd worden ... Troost, troost mijn volk!
En nu? Wat hebben wij van de geschiedenis geleerd? Binnenkort gaat de Landelijke Vergadering zich weer buigen over het kerkrecht.
Hoe gaan wij ons opstellen tegenover de kerken die grote moeite hebben met de nieuwe organisatie en met de nieuwe "orde"? God beware ons ervoor dat die dan weer "buiten het verband" komen te staan. Ongeveer twee jaar geleden heb ik in Opbouw gevraagd of iemand eens duidelijk uit wilde leggen hoe de verhoudingen liggen tussen een gemeente en haar kerkeraad.
Ik heb er geen antwoord op gekregen. Misschien krijg ik dat nu.
Als er zich spanningen voordoen, als er meningsverschillen rijzen, dan blijkt dat algemene waarheden maar heel slecht functioneren. We moeten elkaar aanvaarden, elkaars mening respecteren, broederlijk met elkaar omgaan. Dat weten we. Maar in concrete, praktische situaties gaat het erom wie beslist en hóe dat gebeurt!
Ik zie dat dit stuk te lang gaat worden.
Daarom stop ik nu eerst. Mijn vragen bewaar ik voor de volgende week.