Bijbelgebruik in het gezin (5)

1981-04-17
  • Jaargang 25
  • nummer 15

Kinderen aan tafel
Wij hebben bij de doop van onze kinderen beloofd, dat wij hen zullen onderwijzen in de voorzeide leer. Deze belofte is op de Schrift gebaseerd, onder andere op de woorden van Psalm 78: "Hij stelde een wet in Israël, die Hij onze vaderen gebood hun kinderen te leren."
En op de bekende woorden uit Deut. 6: "Wat Ik u heden gebied, zal in uw hart zijn, gij zult het uw kinderen inprenten en daarover spreken, wanneer ge in uw huis zit, wanneer gij onderweg zijt, wanneer ge nederligt en wanneer gij opstaat." De eerste en grootste opdracht om kinderen van de Here God te vertellen, ligt bij ons als ouders. De christelijke school en de catechisatie ontslaan ons nooit van het zelf vervullen van deze taak.
Mozes spreekt in bovengenoemde tekst van in huis zitten, onderweg zijn, neerliggen en opstaan. Daarmee duidt hij aan, dat wij in elke levenssituatie de verantwoordelijkheid dragen voor de geestelijke ontwikkeling van onze kinderen. Voortdurend staan ten opzichte van hen in een onderwijssituatie. Bijbellezen zal dus moeten zijn: Les in bijbelse geschiedenis, onderricht in de omgang met onze hemelse Vader en training in het toepassen van Gods Woord in het leven van de kinderen.
Daarbij zullen we moeten spreken in voor hen begrijpelijke taal.
Het is nodig af te dalen tot het begripsniveau van het kind en het heel eenvoudig de eerste beginselen van het evangelie te leren. De gewone bijbeltaal is veel te moeilijk en dus ongeschikt voor onderwijs aan het kleinere kind. Om te voorkomen, dat de kinderen een hekel aan bijbellezen krijgen, zal het in de meeste gevallen beter zijn niet uit de Bijbel zelf te lezen, maar een "kinderbijbel" of een boek met bijbelse platen te gebruiken en hen daaruit te leren.

En de ouders dan?
Men kan tegenwerpen, dat als de Bijbel aan tafel dicht blijft, zullen de oudere kinderen en de volwassenen aan tafel te kort zullen komen.
Zij hebben toch ook de dagelijkse versterking van hun geloof nodig! Deze tegenwerping is slechts ten dele waar, want het bezig zijn met Gods beloften, geboden en grote daden op kinderlijk niveau werkt voor iedereen verhelderend.
Van moeilijke zaken geldt, dat iemand het zelf pas goed begrijpt, als hij het aan een kind kan duidelijk maken.
Verder is het voor de ouderen heel goed mogelijk om voor zichzelf een ander moment van de dag te vinden om de Bijbel te openen en te luisteren naar het Woord van God.
Maar laten we toch niet de fout maken kinderen te dwingen stil te zitten en te luisteren naar lectuur, waar ze soms weinig of niet van begrijpen. Het contact met de Here moet een feestelijke en fijne zaak zijn en niet één van de meest vervelende momenten van de dag.
(Later hopen we nog in de gaan op enkele, goede methodes bij het bijbellezen in gezinnen met kleine, en met grotere kinderen. De volgende keer zullen we het bijbelgebruik in een gezin dat uit volwassenen bestaat, ter sprake brengen.)

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief