HET RAAM

1980-10-17
  • Jaargang 24
  • nummer 39
"Als je echt schoongemaakt bent, kun je veel licht doorgeven”

Bij één gesprek is het niet gebleven.
Ik ben nog vaak de krakende trap opgeklommen om via de omloop langs het orgel bij het raam te komen.
Het was dan ook een bijzonder plekje, daar bij het raam.
En het uitzicht over de stad was werkelijk uniek. Belangrijk vond ik ook, dat ik daar even los van alle stadsdrukte was.

Het tweede gesprek dat ik met het raam had, ging over het getuigezijn.
Je zult je herinneren dat het raam mij bij de eerste ontmoeting gezegd had: "Naar jou zullen de mensen, hoop ik, wèl luisteren. En je hebt twee getuigen ... het orgel en mij."
Twee getuigen, en één daarvan nota bene een raam dat spreekt. Naar een orgel luisteren, goed. Maar wie luistert er nu naar een raam? Nog erger, wie luistert er naar een man die gesprekken voert met een raam?
En toch ...
In het verleden zijn er meer onbezielde dingen als waarnemers gesteld om mensen tot nadenken te zetten. Ooit moest Jozua een steen als getuige opstellen onder de terebint te Sichem. "Deze steen", zei Jozua, "zal tegen ons tot getuige zijn, want het heeft al de woorden des Heren gehoord, die Hij tot ons gesproken heeft".
Een ander voorbeeld zijn de vogels uit het boek Prediker.
"Vervloekt zelfs in uw gedachten de koning niet, en vervloek in uw slaapkamer de rijke niet, want de vogels des hemels zouden het geluid overbrengen en te kennen geven wat gij gezegd hebt".

Na deze uitweiding moet ik dan toch maar het tweede gesprek met het raam doorgeven.
Ik vroeg het raam toen naar de zin van een andere belangrijke eigenschap, namelijk die van het doorgeven van licht.
"Je hebt dus ook die eigenschap van ramen ontdekt", zei het raam .
"Ja, zo moeilijk was dat nu ook weer niet", antwoordde ik.
"We staan er alleen te weinig bij stil, denk ik".
"Belangrijk is wel, dat mijn glas goed schoon moet zijn, wil ik optimaal licht kunnen doorgeven", zei het raam vervolgens.
"En", ging het verder, "omdat een raam zichzelf niet kan schoonmaken, moet het schoongemaakt worden.
Bij jullie is dat toch ook zo?
Als je echt schoongemaakt bent, kun je veel licht doorgeven. En: je weet zelf wel wie werkelijk schoon kan maken".
"Ja, ik weet "Wie je bedoelt", antwoordde ik.
Meer kon ik op dat moment niet zeggen. Ik wist dat het raam veel gehoord had. In de eeuwen dat het als raam in de kapel functioneerde had het veel licht doorgegeven.
Naar binnen en naar buiten. Het raam was, zogezegd, een getuige met zeer veel dienstjaren.

Thuisgekomen schreef ik nog eens die belangrijke regel op.
"Als je echt schoongemaakt bent, kun je veel licht doorgeven".
Dat is nou precies datgene waar alles om draait in de gemeente.
En je bent gemeente, omdat je in Christus een gemeenschap van schoongemaakte mensen bent. Gewassen in Zijn bloed.
Dat kun je natuurlijk niet voor jezelf houden. Dat moeten anderen -- ook weten. Weten dat het mogelijk is een nieuw .en schoongemaakt mens te worden. Herboren te worden, als het ware. Als gemeente kennen we het geheim daarvan. Het geheim dat die geboorte niet volgens de natuurlijke wet is, maar een geestelijke geboorte uit God.
Daarvan is getuigd door Johannes de evangelist. En wij moeten dat weer verder doorgeven, want een betrouwbaar getuige is een redder van levens. Dat doorgeven van licht hoeven we, ook na schoongemaakt te zijn, niet in eigen kracht te doen. Nog steeds geldt: "Genade van Jezus Christus, de getrouwe getuige ... ".


Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief