van de zending
1980-10-17
Dhr. Sneep te Amersfoort schreef het volgende stukje: In het Informatieboekje van de Ned. Geref. Kerken vermeldt de kerk van Haarlem dat ds W. L. Kurpershoek op 16 sept. '60 "in dienst getreden" is als haar zendeling. "Zendingsspiegel" , in 1973 uitgegeven door Buijten en Schipperheijn in opdracht van de Haarlemse kerkeraad, biedt wat meer informatie over die beroeping; over het prille begin van het Haarlemse zendingswerk; en over de voortgang ervan gedurende de eerste tien jaren na de uitzending zelf. De lezers van deze kerkbode zijn zeventien jaar lang tweewekelijks (sinds enige tijd eenmaal in de drie weken) van alles wat van het zendingsterrein Nqutu, in Natal, Zuid-Afrika, te vermelden viel door ds Kurpershoek zelf op de hoogte gesteld in zijn 'vluchtige Notities', die allerminst vluchtig zijn gebleven, maar dikwijls diep ingaan op de vragen rondom de prediking van het Evangelie aan heidenen, i.c. de Bantu.- Jaargang 24
- nummer 39
De 'Nuusbrokkies' vervullen sinds enige tijd de rol die 'V.N.' eerst speelde: snelle informatie over actuele zaken.
Ds Kurpershoek 'Notities' laten zien wat voor moeilijkheden doordacht en overwonnen moeten worden bij het zendingswerk. Wie ze regelmatig volgt is ervan overtuigd dat niet alleen de eerste predikers van het Evangelie veel hebben verduurd bij hun moeilijke taak, maar dat dat werk ook nu geschiedt onder veel druk.
'Tropenjaren tellen dubbel' zei men vroeger. En al ligt Natal een graad of vier beneden de Steenbokkeerkring, en dus buiten de tropen, je kunt het ook zeggen van de jaren die onze zendeling heeft doorgebracht tussen vooroudergeesten vereerders om hun de Christus der Schriften te prediken als de Enige die hen verlossen en reinigen kan. Het leven onder hen is geen idylle, geen verblijf onder eenvoudige, natuurlijke, onbedorven mensen, maar onder mensen die - naar het woord van de Kampense zendeling ds Vonkeman - 'keiharde, vuile, bedrieglijke, bedorven' heidenen zijn.
Dominee en mevrouw Kurpershoek staan nu 20 jaar in de dienst der Zending.
Er is alle reden om hen, die onder zoveel spanningen leven, ter gelegenheid van dit vierde lustrum te laten blijken dat allen die met de Haarlemse Zending nauw verbonden zijn het op hoge prijs stellen dat zij volhardend, biddend, in beproefde trouw hun mooie, hun zware werk doen.
Br. W. M. van der Vooren te Heemstede is gaarne bereid om allen die het daarmee eens zijn gelegenheid te geven gezamenlijk dit plan uit te voeren. Hij stelt zijn girorekening open om giften in ontvangst te nemen.
En als een der broeders buiten Haarlem die van het begin af in de thans voorbije twintig jaren hebben meegeleefd met, meegedacht over, en meegebeden voor het werk in Nqutu, nam ik op mij de lezers van onze kerkbode van het plan op te hoogte te stellen en het een warme aanbeveling te geven.
Wat het 'bemoedigingsgeschenk' zal kunnen worden hangtaf van de snelheid en omvang van de respons waartoe ik allen in Noord- en Zuid-Holland die het zendingswerk én die het uitvoeren liefhebben bij deze moge uitnodigen.
Postrek. van drs W. M. van der Voorn is: 2426516, Spaarnzichtlaan 9a, 2101 ZL Heemstede.