In gesprek met God

2012-01-21
  • Jaargang 56
  • nummer 2
Waarom zou je de Bijbel lezen? Mijn antwoord zou zijn: omdat daar God met je in gesprek gaat. En een gesprek met Hem is fascinerend. In dit artikel krijg je handvatten om zelf de Bijbel te bestuderen. Om zelf op ontdekkingstocht te gaan en met God in gesprek te raken. Uiteraard zijn er ook andere manieren, maar hier krijg je een goede handreiking voor Bijbelstudie.

Hoe lees je de Bijbel? Er zijn uiteraard verschillende manieren om de Bijbel te lezen, maar de zogenaamde inductieve leeswijze biedt goede handvatten.
Bij deze manier van Bijbellezen begin je bij de basis - de tekst - en via het gericht stellen van vragen kom je dichter bij de betekenis van het geheel van het tekstgedeelte. Dat kan in de drie volgende stappen: (1) Wat staat er? (observatie); (2) Wat betekent het? (interpretatie); (3) Wat betekent het voor mij? (toepassing).
Deze manier van lezen staat ook bekend als OIT (observatie, interpretatie en toepassing) of als OIA (observatie, interpretatie en applicatie –naar het Engelse ‘application’).

Bijbellezen is ontmoeten
Deze leeswijze is echter niet zozeer een methode, maar een houding. Dat wil ik verduidelijken aan de hand van situatie binnen een huwelijk. Een man leest de krant. Zijn vrouw komt binnen en begint te vertellen over wat haar bezig houdt. Hij blijft lezen en luistert ondertussen. Als zij tegen haar man zegt dat hij niet luistert, geeft hij terug wat ze net aan hem heeft verteld. ‘Maar ik heb niet het gevoel dat je luistert’, is haar reactie. Hij legt de krant weg, luistert actief en vraagt ook door; hij vraagt ook of hij haar goed begrijpt. Als hij duidelijk heeft wat zijn vrouw heeft willen zeggen, pakt hij zijn krant weer op en leest rustig verder. Dat waardeert ze niet. En terecht. Ze wil graag horen wat haar man ervan vindt, wat het met hem doet. Ze wil een ontmoe-
ting. Luisteren, doorvragen en reageren is dus een houding. Dit correspondeert met observatie (luisteren), interpretatie (doorvragen of je de ander goed begrijpt) en toepassing (reageren op wat de ander je zegt).

Dat geldt in wezen ook voor het lezen van de Bijbel: God spreekt tot ons in de Bijbel. Een ontmoeting vindt plaats waar je echt luistert naar de Bijbel (observatie en interpretatie) en vervolgens open en oprecht, maskers af, reageert op wat God te zeggen heeft.
Bidden hoort dus bij het lezen van de Bijbel: zo kun je vooraf de heilige Geest vragen om te helpen te begrijpen wat God te zeggen heeft. En na het lezen is bidden een manier om naar God te reageren op wat Hij heeft gezegd.

Luisteren en begrijpen (1)
Zoals gezegd nodigt de inductieve leeswijze je eerst uit om goed te luisteren en te begrijpen, voordat je reageert.
Voor dat ‘luisteren’ en ‘begrijpen’ worden in de inductieve leeswijze de woorden ‘observatie’ of ‘observeren’ respectievelijk ‘interpretatie’ of ‘interpreteren’ gebruikt. Bij de observatie gaat het om feiten, om dat wat voor iedereen duidelijk is; over wat je hier aandraagt zal niet of nauwelijks discussie zijn. Die feiten of observaties zijn dan de bouwstenen voor je interpretatie. De interpretatie is minder verzamelen van feiten, maar meer het begrijpen van de feiten, van hun samenhang. Over de interpretatie zal vaak wat meer discussie zijn, al is het duidelijk dat niet elke interpretatie even goed is: hoe meer je de feiten in je interpretatie recht doet, hoe beter je interpretatie is.

Goede vragen stellen
Een hulpmiddel bij het observeren is het gebruik van goede (observatie-
)vragen. Dat zijn vragen die je naar de tekst leiden om daar het antwoord te vinden. Bij verhalen uit het Evangelie zijn de volgende vragen handig bij het observeren: • Welke personen komen er in voor?
• Wat kom je over hen te weten?
• Wat doen ze?
• Wat zeggen ze?
• Wat denken ze?
• Wat zeggen anderen over hen?
• Waar speelt het zich af?
• Wat gebeurt er?
• Wat is de situatie aan het begin?
• Wat aan het eind?
• Wat is er veranderd?
• Hoe is dat gekomen?
Bij het stellen van dit soort vragen kun je niet nieuwsgierig genoeg zijn; je leest makkelijk over mooie details heen. Zeker bij bekende verhalen.
Wees dus niet te snel tevreden. Misschien helpt het om je voor te stellen dat je er bij bent en zoveel mogelijk details wilt verzamelen. Om een goede en gedegen interpretatie te kunnen geven. Wat we in het dagelijks leven in de omgang met mensen ook doen: goed kijken (observatie) en wat we zien verbinden om tot een zo goed mogelijk beeld van de ander te komen (interpretatie). Waarbij ik er maar even vanuit ga dat we ook in het dagelijks leven bij onze beschrijving van de ander die ander zoveel mogelijk recht willen doen. Een klein voorbeeldje uit Marcus 1:39-45. Daar komt een man met huidvraat bij Jezus. Dan staat er in vers 41: ‘Jezus kreeg medelijden, stak zijn hand uit, raakte hem aan en zei: ‘Ik wil het, word rein.’ De volgorde is niet eerst de genezing, zodat de man rein is, en dan de aanraking van de –reineman, maar Jezus raakt eerst de man die onrein is aan om hem daarna te genezen.
Waarom doet Jezus dat?

Interpreteren (2)
De vraag naar het waarom, naar het begrijpen van wat er gebeurt of van hoe, is de volgende stap in de inductieve leeswijze. Dat is de interpretatie.
Ook hier zijn vragen een goed hulpmiddel.
De basale vragen zijn hier ‘Waarom …?’ of ‘Wat is de reden van …?’ Maar, bij verhalen uit de Evangeliën zijn de volgende interpretatievragen ook bruikbaar:
• Welk beeld krijg je van de personen in het verhaal?
• Welk beeld krijg je van Jezus?
• Wat wordt in dit verhaal zichtbaar van de identiteit van Jezus? Wie is Hij?
• Wat wil dit verhaal zeggen over Jezus?
• Wat is de boodschap van dit verhaal?
Bij de interpretatie kan het volgende handig zijn: stel je voor dat je er bij was, bij wat er in het verhaal wordt verteld. Je hebt alles gezien en gehoord.
Je komt daarna thuis en iemand vraagt dan waar je bent geweest en wat je hebt gedaan. Dat vertel je dan. En daarop word je gevraagd: ‘Je hebt Jezus gehoord en gezien, wat is Hij voor iemand?
Hoe is Hij?’ Wat je daarop zou antwoorden is interpretatie. En in het leven van alledag stellen we en beantwoorden deze vraag ook geregeld.

Een interpretatie van Marcus 1:41 waar Jezus de man met huidvraat eerst aanraakt en dan geneest, zou kunnen zijn: Jezus houdt veel van de man en laat zijn liefde zien door hem aan te raken, al was de man onrein –en dus sociaal en religieus buitengesloten. De man moet daarin de liefde van Jezus, zijn bewogenheid (zie ook het begin van Marcus 1:41: ‘Jezus kreeg medelijden …’) hebben ervaren.

Over interpretaties is, zoals gezegd, meer discussie mogelijk dan over observaties.
Om daarover samen in gesprek te gaan en elkaar te helpen bij de interpretatie, is goed en leuk. Samen kun je scherper krijgen wie Jezus is.

Reageren (3)
Wat Jezus bij jou oproept, wat je van Hem vindt, dat is je reactie. De toepassing.
Je geeft Hem –in gebed- terug wat je van Hem vindt. Je dankt Hem, bent onder de indruk of je ergert misschien ook wel aan Hem. Ook bij de toepassing kunnen voorbeeldvragen helpen. Toepassingsvragen die je bij de verhalen uit het Evangelie kunt stellen, zijn:
• Herken je je in een van de personen?
In wie?
• Waarin herken je je?
• Waarin herken je je niet?
• Wat vind je van de reactie van Jezus op de persoon in wie je je herkent?
• Wat roept Jezus bij je op?
• Wat spreekt je in Hem aan?
• Is er iets wat je moeilijk of zelfs irritant vindt aan Hem?
• Hoor je iets nieuws over Jezus?
• Of, hoor je iets over Hem als nieuw?
Op deze vragen kunnen de antwoorden uiteenlopen. Dat ligt ook in de lijn van de verwachting: we zijn allemaal verschillend, hebben allen ons eigen levensverhaal en onze eigen ervaringen met God. We zijn verschillend en reageren dan ook verschillend. Dat is helemaal niet erg. In tegendeel, waar we open en eerlijk reageren op wat God ons zegt, zullen we elkaar en God ontmoeten. Als we ons niet verbergen, ontmoeten we God en zullen we veranderen.
Na te hebben gezondigd, zegt God: ‘Adam, waar ben je?’ Hij roept Adam tevoorschijn uit zijn schuilplaats.

Zelf aan de slag
Kijk eens rond op www.ifes.nl/bijbelstudie.
Op deze site vind je voorbeeldvragen bij andere soorten teksten, als Psalmen, profetieën of brieven. Je stelt aan een Psalm immers andere vragen dan aan een brief of aan een profetie.
Maar altijd wordt de OIA indeling gebruikt.
Verder vind je hier ook andere werkvormen om in de Bijbel in te duiken.
Je vindt er ook een hele serie Bijbelstudies over Marcus. Bijbelstudies die kant en klaar zijn, inclusief creatieve werkvormen. Maar bij diezelfde Bijbelgedeelten vind je ook de ingrediënten om zelf een Bijbelstudie voor te bereiden. Deze Bijbelstudies zijn geschikt om samen de Bijbel te lezen met gelovigen en nietgelovigen.

Nog meer informatie over de inductieve leeswijze kun je vinden in:
• Bob Grahmann, Transforming Bible Study, Understanding God’s Word Like You’ve Never Read It Before.
Dit boek is beknopt en zeer ter zake. Prima leesbaar.
• John Boekhout, Verantwoord Bijbelgebruik.

Dr. Bram van Putten woont in Kampen, is oudtestamenticus en werkt bij IFES-Nederland, deel van de wereldwijde IFES (International Fellowship of Evangelical Students). Hij is daar senior studentenwerker.

Bartimeüs – Een voorbeeld
Het verhaal over Bartimeüs vinden we onder meer in Marcus 10:46-52. Ik zoom ter wille van de beperking in op Bartimeüs.

Observatie
• Wat is de situatie aan het begin? Wat die aan het eind?
Aan het begin: Bartimeüs ‘zat’, is ‘een blinde bedelaar’, ‘langs de weg’. Aan het eind: ‘kon hij weer zien’, ‘loopt’ en ‘op zijn [die van Jezus: de weg van het lijden] weg’.
• Hoe is die verandering tot stand gekomen? De verandering is in de ontmoeting met Jezus tot stand gekomen.
• Wat kom je van Bartimeüs te weten? Hij was blind, een bedelaar, geloofde dat Jezus de Zoon van David was, houdt vol met Jezus te roepen al snauwen de omstanders hem af, gaat meteen naar Jezus toe en laat zijn mantel (zijn bezit!) gewoon liggen, heeft geloof dat Jezus hem kan genezen van zijn blindheid (zie de reactie van Jezus: ‘[…] uw geloof heeft u gered’) en volgt Jezus vrijwillig op zijn weg (al zegt Jezus ‘Ga heen’, Bartimeüs volgt Hem op zijn weg).

Interpretatie
• Welk beeld krijg je van Bartimeüs? Bartimeüs is een schoolvoorbeeld van navolging. Hij laat zien wat het betekent een volgeling van Jezus te zijn: hij weet wie Jezus is (de Zoon van David), is er van overtuigd dat Jezus hem kan helpen (hij blijft volhouden), heeft geloof (zo typeert Jezus het handelen van Bartimeüs), hij is gered (Bartimeüs kan weer zien) en hij kiest ervoor om Jezus vrijwillig te volgen op diens weg (en dat is de weg achter (!) Jezus aan en de weg van het kruis –zie ook Marcus 8:34).

Toepassing
• Herken je je in Bartimeüs? Waarin wel? Waarin niet?
Waarin wil je groeien in navolging? Maak dat zo concreet mogelijk.

De storm op het meer – Een voorbeeld
Denk voordat je verder leest, eerst even na over de volgende twee vragen: Wanneer was je voor het laatst echt bang? En, wat heb je met je angst gedaan?

Met een slapende Jezus aan boord raken de leerlingen in een storm en ze dreigen te verdrinken. Ze zijn doodsbang.

In Marcus 4:35-38 wordt verteld hoe zij in hun angst reageren.
Herken je jezelf in hun reactie? Waarin wel, waarin niet?

Jezus wordt wakker en reageert -zie Marcus 4:39-41. Hoe reageert Hij? Wat kom je van Hem te weten? Welk beeld krijg je van Hem?

Jezus is er bij, ook nu. Wie is Hij voor jou als je bang bent? Wie zou Hij voor je kunnen zijn?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief