Een liefelijke reuk van Christus

1980-10-31
  • Jaargang 24
  • nummer 41
De tijd dat de kerk haar stempel zette op de samenleving is lang voorbij. De tijd dat de kerk altijd nog een stem in het kapittel had gáát voorbij. Maar ook in de tijd waarin de invloed van de kerk al op zijn retour was, bleef er nog wel een zeker respect voor het standpunt van de gelovige bestaan.
Dit respect is nu aan het verdwijnen.
Een gevolg is, dat veel christenen met hun houding niet goed raad meer weten. Iets wat op zich geen verwondering wekt. De invloed van de kerk, van de christelijke politiek en van de christelijke waarden was tot voor kort nog aanzienlijk.
Die invloed bood een stuk zekerheid. Het was de rugdekking van waaruit je als christen in de samenleving kon opereren. Maar die rugdekking begint weg te vallen.
Niet de voorstanders, maar de tegenstanders van abortus provocatus hebben zich tegenover de publieke opinie te verantwoorden. En eenzelfde ontwikkeling tekent zich af met betrekking tot het toepassen van actieve euthanasie.
Op gevoelens die algemeen onder de mensen leven kunnen christenen steeds minder een appèl doen. We voelen ons in de verdediging gedrongen. En dat zijn wij niet gewend.
Tenminste niet in de mate waarop dat vandaag gebeurt.

Het gevaar is nu groot, dat wij als gemeente van Christus onze toevlucht gaan zoeken in een reactiehouding. We zijn overal tegen. En wij zien het zwaartepunt van onze roeping liggen in het tegenstand bieden aan elke anti-christelijke beweging, die wij op het spoor komen. Een houding, die wij dan al gauw opsieren met het etiket 'profetisch'.
Ik wil daar de vinger bij leggen. Het is bittere noodzaak, dat wij als gelovigen een duidelijk 'nee' laten horen tegen allerlei schendingen van de grenzen die God heeft gesteld.
Maar het is de vraag, of in dat nee-zeggen nu ook het zwaartepunt van onze roeping ligt. Het is de vraag, of nee-zeggen het éérst noodzakelijke is. Het zou wel eens een bij-komend onderdeel van onze opdracht kunnen zijn.
"Wij zijn een liefelijke reuk van Christus voor God" (2 Kor. 2 : 15). Dat is voor Paulus het uitgangspunt, als hij een omschrijving geeft van zijn roeping. En wij moeten hem daarin maar volgen. Wanneer wij ons bezinnen op onzetaak in deze wereld, dan dient voórop te staan de opdracht om "een liefelijke reuk van Christus" te zijn. Deze wat uitzonderlijke uitdrukking ontleent de apostel aan de oudtestamentische offerdienst. De brandoffers in de tempel waren "een liefelijke reuk" voor de HERE. Daarbij aansluitend zegt Paulus: "Wij zijn een liefelijke reuk van Christus voor God".
Primair is dus, dat er iets goeds van ons moet uitgaan, iets , dat aangenaam is voor God. Sterker nog: wij moeten de reuk zijn die van Christus' offer opstijgt. Wij moeten in onze omgeving verspreiden de geur van de verzoening, die Christus aan het kruis verworven heeft. Dáár begint onze taak. Daar ligt ook het zwaartepunt van die taak.
"Een liefelijke reuk van Christus zijn wij voor God onder hen, die gered worden, en onder hen, die verloren gaan; voor dezen een geur van de dood ten dode, voor genen een geur van het leven ten leven" (2 Kor. 2 : 15, 16). Wanneer wij vasthouden aan onze opdracht om "een liefelijke reuk van Christus" te zijn, dan zal dat gevolgen hebben. Maar geen gevolgen, waar' wij op aan kunnen sturen. Aan het licht zal komen, wie de HERE heeft bestemd tot het leven en wie tot de dood. Sommigen zullen deze reuk niet kunnen verdragen, anderen zullen er door opleven.
De reactie zal dus niet uitblijven. Wanneer wij tenminste -trouw blijven aan onze positieve opdracht "een liefelijke reuk van Christus" te zijn en er voor waken ons niet bij voorbaat al op het zijspoor van "nee-zegger" te laten manoevreren.

Meer nog dan wij vandaag, stond Paulus zonder enige rugdekking in een heidense cultuur tegenover een hem meestal vijandig gezinde Synagoge. Vanuit die situatie is zelfs het hele Nieuwe Testament geschreven. En toch liet de eerste gemeente zich niet in de verdediging dringen; toch liet die eerste gemeente haar taak niet opgaan in het aanzeggen van het oordeel aan een verdorven wereld.
Dat is veelbetekenend. En dat zal steeds meer gaan betekenen voor de gemeente vandaag. Voor ons, die de rugdekking van een omgeving, waarin de kerk gerespecteerd wordt, kwijt beginnen te raken.
"Een liefelijke reuk van Christus" zijn, die opdracht kunnen wij vervullen, ook zonder de steun van uiterlijke zekerheden.
Omdat die opdracht rust enkel en alleen in de dood en de opstanding van onze Here.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief