Van de rechtvaardigen (5)
1980-11-21
We naderen het einde van het boek van de heer Janse. Ons Hoofd in de hemel, daarmee besloten we 't vorige stuk. Zolang Hij dáár is en wij hier op aarde zijn, hebben we hier onze taak en daarover handelt hoofdstuk 11 "de arbeid der rechtvaarigen"- Jaargang 24
- nummer 44
.
Geen cultuur-optimisme, dat de wereld zou willen veroveren voor Jezus, zegt de schrijver. Maar heel gewoon getrouw zijn in je arbeid, waar en hoe die ons is toegewezen.
In geloof werken, als gehoorzame kinderen (knechten).
Kan dat nog? Is niet alles ijdelheid, word je er niet doodmoe van, als je opmerkt wat er dagelijks op je afkomt?
Maar 't gaat bij de Prediker niet over onze moeheid, maar over de ijdelheid der dingen, het voorbijgaan er van, de geslachten gaan heen. Niets blijft. En dát is "ijdel" , wind. 't Is met blijvend. Ook de arbeid, die' we mogen verrichten, heeft wel een plaats (een kleine) in dat voort-durende leven, maar alles gaat toch voorbij. Gelukkig dat dat werk niet ijdel is in de Here (1 Cor. 15: 28). Hij geeft vrucht op veel arbeid, reeds nu te zien, straks beter te zien. En ook de beloning daarop volgt.
Eén van de moeiten in die arbeid, die we tegenkomen (in 1930 was dat reeds zo en thans is het nog sterker), is dat er heel wat gezag is zonder macht. "Heel wat vaders zonder macht zijn er, die toch 't gezag over de kinderen hebben ontvangen, maar dat niet weten te handhaven, die geen ontzag voor hun gezag weten in te boezemen, omdat ze geen macht kunnen of durven uitoefenen". En is dat anders met overheden, leraren, de politiemannen?
Wat dan te doen?
"Als we geen orde kunnen houden (in de klas), mogen we Hem bidden om de onderwerping onzer klas alleen maar, wie om de oogst bidt, moet zaaien en wieden op tijd en op de rechte wijze. Wie bidt om de oogst, bidde ook om de middelen te mogen gebruiken - wie bidt om orde in z'n klas moet ook ernstig begeren de ordeningen Gods voor het regeren van mensen, van kinderen, te kennen. En daarover is het laatste woord nog niet gesproken."
We kunnen niets beter doen "dan Gods ordinantiën voor het regeren van kinderen te onderzoeken en toe te passen en ... Hem te bidden, dat Hij onze kinderen aan ons gezag onderwerpt."
In hoofdstuk 12 lezen we van "de opstanding der rechtvaardigen".
"Wat zal dat zijn, als de Here op de wolken verschijnt en de doden uit de graven roept en gaat oordelen!
Wat zal er dan een rechtsgeding gehouden worden! (... ) Ook nu worden de rechtvaardigen vooral in Rusland - als schapen ter slachting gevoerd. Maar God komt hen wreken. In een rechtszaak, die even concreet zal zijn als het onrecht dat - gepleegd werd. Maar daartoe is nodig de opstanding der doden uit het graf - om geoordeeld te worden. En daartoe is ook nodig de opstanding der rechtvaardigen om als concrete mensen recht gedaan te worden."
Het laatste hoofdstuk (13) draagt als opschrift "de wijsheid der rechtvaardigen".
Wijs word je niet door wetenschappelijke, algemene ontwikkeling, door cursussen b.v. die het "Ik", je persoonlijkheid, zeggen te ontwikkelen. "Volmaakt" in het leven tè staan is enkel mogelijk door de ordeningen, die Gods Woord geeft over de belangrijkste dingen van het mensenleven, ter harte te nemen. "De wijsheid der rechtvaardigen uit het Woord is een wijsheid die alle mensen 'te pas' zou komen. Dat kan ook van echte wetenschap niet gezegd worden. .we hebben b.v. niet allen de kennis der scheikundige formules nodig. Maar wel is het nodig te weten, dat de elementen branden zullen en vergaan."
Te verstaan is, dat de grote betekenis van de School met de Bijbel aandacht ontvangt. Maar dan gaat het ook om het ècht christelijk onderwijs.
In onze dagen is dat spaarzaam te vinden, soms is er niet eens kennis, wat dat eigenlijk is.
Het is niet onderwijs (zoals men het wel eens uitdrukt) "van andersdenkenden", mensen die voor zich en hun kinderen in de onderwijswereld een "eigen plaats" vragen, het is ook niet een school, waar je "religieus beleven" vindt, er op gericht de kinderen de godsdienst "in het hart" te doen ervaren, evenmin is het een pogen de "waarheid" bevindelijk te maken, alsof de kinderen geleerd zou moeten worden te "ervaren" dat wat in de Bijbel staat, waar is, nog minder is het een inschakelen van (christelijke) wetenschap en wat die poneert, in het onderwijs, alsof dát alles is.
Wat is het dan wel? Zeker niet om onder christelijke naam het onderwijs zó algemeen te doen zijn, dat het geen vlees en geen vis is. En dan - zoals met name de Barthiaanse richting dat najaagt, en in Nederland zijn daar vele volgelingen van - te hopen, dat het Woord Gods een eigen weg zal vinden, wáár zal blijken door alle stumperige menselijke activiteiten heen, zodat we er zelf versteld van staan.
Het onderwijs op de Scholen met de Bijbel zal het Woord Gods, de HERE zelf, eerbiedigen. Hij geve getrouwheid het te onderwijzen als "de waarheid, die we door Gods genade mogen kennen en weten en vertellen aan onze kinderen, opdat ze de weg leren en zich wèl aanstellen naar dát Woord der Waarheid".
Het gaat om Hem, die hemel en aarde schiep en nog als met Zijn hand onderhoudt. Om Zijn Zoon, Die als een echt mens in deze ge schapen wereld gekomen is om zondaren (ons) zalig te maken en voor hen een herschapen wereld te bereiden. eens aan het eind van de tijden. Om Hem, Die we kennen uit Zijn Woord, door Zijn Geest.
Lees daarbij voor "school" ook eens "gezin", gemeente, jeugdvereniging, catechisatie, het hele leven en je bemerkt hoe actueel (hoe bijdetijd) alles is voor iedereen, die het aanneemt.
Hiermee hebben we de tocht door het 50 jaar oude boek, met zijn ruim 300 bladzijden, beëindigd.
Het is niet meer dan een reis geweest, waarbij een gids op markante punten Uw aandacht vestigde.
We hebben daarbij heus niet alles gezien en ook niet alles goed gezien.
Veel reizigers zeggen wellicht: was er wel iets bijzonders te zien?
Misschien niet. Voor hen, die levenmet-het-Woord, waren het "oude schatten", maar beslist wel de moeite waard. Ik hoop, dat er voor velen toch ook "nieuwe schatten" te voorschijn zijn gekomen.
Ons kennen toch is gebrekkig, onduidelijk, dikwijls heel beperkt. En we zijn zo gauw door een tijdgeest geïnfecteerd, zonder dat we dat bemerken.
Dan is er veel dat aardig lijkt, maar niet goed is. Het is niet wat de HERE wil. Eva was "zo maar" verleid, het was zo aantrekkelijk en onschuldig, wat Satan zei.
Zo zijn er velen verleid, de eeuwen door en afgevallen van de HERE.
Hoe ons daartegen te wapenen, hoe onze kinderen daarvoor te bewaren?
Enkel door het luisteren naar Gods Woord. door het te lezen en weer te lezen, door Gods stem daarin te verstaan, door het te doen.
Bij dat alles kan een boek als "Van de rechtvaardigen" hulp bieden.
Het is jammer, dat het uitverkocht is. Soms is het 2e-hands nog te verkrijgen.
Maar in bibliotheken is het vast en zeker nog wel aanwezig en ook verscheidene ouderen zullen het bezitten en graag willen uitlenen.
Of zou een herdruk te overwegen zijn? Zou dat kunnen? Laten broeders, die op dit gebied zaken kunnen doen, daar eens over denken.
Wat zou 't fijn zijn!