Een geweldig boek over Calvijn

2008-11-07
  • Jaargang 52
  • nummer 22
C.T. de Groot

Ruim een week geleden werd op vele plaatsen en wijzen stilgestaan bij de reformatie van 1517. Normaal gesproken gaat er dan veel aandacht uit naar Luther. Want hij was het tenslotte die de kat de bel aanbond. Dit jaar zijn de spots echter meer gericht op Calvijn.
Want volgend jaar is het vijfhonderd jaar geleden dat Calvijn ter wereld kwam, 2009 is dan ook uitgeroepen tot 'Calvijn jaar'. Prof. dr. H.J. Selderhuis publiceerde onlangs een zeer toegankelijk boek over het leven en de betekenis van de grote reformator uit Genève onder de titel Calvijn een mens.

Meeslepend
Selderhuis' aanpak is origineel. Hij gaat niet uit van Calvijns geleerde boeken, maar neemt de 15.000 (!) brieven die de reformator schreef als uitgangspunt.
Want meer dan in zijn Institutie en andere publicaties laat Calvijn zich in die brieven in zijn hart kijken.
Vanwege deze aanpak is het een meeslepend boek geworden. Het boek is niet alleen toegankelijk geschreven, maar biedt daarnaast ook nog eens prachtige doorkijkjes naar vandaag en is doorspekt met humor! Het bepaalt de lezer bij de wortels van onze gereformeerde traditie en helpt ook bij het verstaan van allerlei gebruiken zoals die tot op de dag van vandaag in onze kerken en huizen worden gepraktiseerd.
Bovendien corrigeert Selderhuis ook nog eens allerlei stereotype denkbeelden die zich in de loop van de geschiedenis over Calvijn in het collectieve geheugen van de westerse wereld hebben vastgezet. In het boek worden allerlei opvattingen en gedragingen van Calvijn vooral beschreven in de context van zowel zijn tijd als zijn persoonlijke omstandigheden. Deze aanpak levert vaak verrassende inzichten op!

Open boek
Meer dan eens wordt Calvijn gezien en getekend als een harde, kille man. Niet iemand die je direct als dominee van jouw gemeente zou willen hebben.
Selderhuis toont echter keer op keer aan dat Calvijn een heel gevoelige man was die niet schroomde zijn gevoelens te uiten en vaak moest huilen. Calvijn is op latere leeftijd getrouwd met Idelette van Buren, een vrouw uit de Nederlanden. Zij was eerder getrouwd geweest en had uit haar eerste huwelijk twee kinderen.
Toen zij na negen jaar huwelijk overleed schreef Calvijn aan zijn vriend Farel over zijn angst: 'Omdat ze met geen woord over haar kinderen sprak, was ik bang dat ze in haar hart zich zorgen over hen zou maken, maar dat ze dit niet goed durfde zeggen terwijl deze zorg haar meer kwelde dan haar ziekte. Daarom zei ik haar in het bijzijn van de broeders dat haar kinderen mij net zo ter harte zouden gaan, alsof het mijn eigen kinderen waren'. (219). En aan een Franse collega die zijn vrouw had verloren schreef Calvijn over zijn eigen verdriet: 'Wat een verschrikkelijke wond, wat een pijn heeft de dood van je voortreffelijke vrouw je bezorgd, en ik spreek uit eigen ervaring.
Want ik weet nog heel goed hoe moeilijk het was, nu zeven jaar geleden, om een dergelijke rouw te verwerken'.(221)

Pessimist
Iedereen heeft zo zijn eigen associaties bij de naam Calvijn. 'Zonde' en 'pessimisme', springen er in dit opzicht uit, want zo vindt menigeen: Calvijns mensbeeld is net zo donker als zijn wereldbeeld. Selderhuis laat daar als volgt zijn licht over schijnen: 'Maar de vraag is wel hoeveel licht er in Calvijns tijd nu eigenlijk was. Hoeveel reden was er voor optimisme? Calvijns tijd was er één van hoge kindersterfte, grote politieke en maatschappelijke onzekerheid. Europa ging gebukt onder een vluchtelingenprobleem, onder armoede en dreigende godsdienstoorlogen.
Dat Calvijn soms zo somber was, is geen wonder, het is zelf opmerkelijk dat hij bij dit alles nog zoveel goeds over het goede leven wist te zeggen. Hij kon ook niet anders, want volgens had God de wereld met geen ander doel geschapen dan de mens gelukkig maken'.
(208). Selderhuis beschrijft hoe Calvijn kon genieten (!) van een goed glas wijn, van een goedgebouwde vrouw, van een zeiltochtje en midweek vakantie met vrienden. Hoewel Calvijn zichzelf een zondaar wist en veel accent lag op de rechtvaardiging, was dat beslist niet de enige snaar die hij aansloeg. Volgens Selderhuis was zijn adagium: 'verbeter de wereld en begin bij Genève'. Met andere woorden: ook de heiliging kreeg aandacht.
Heilig leef je wanneer je gericht bent op de ander. Als mens ben je immers naar het beeld van God geschapen.
God die op ons welzijn is gericht.
Daarom vindt Calvijn 'dat elk mens van harte bereid moet zijn voor wezen en weduwen, voor armen en vluchtelingen, kortom voor ieder die het moeilijk heeft te zorgen. Daarom was er in Calvijns kerk ook geen sprake van een collecte maar van de inzameling van de gaven. Een collecte veronderstelt immers dat je bij de mensen moet vragen om geld, maar een inzameling van gaven veronderstelt dat mensen klaarstaan om te geven. Calvijn geloofde dat wie leeft van Christus' offer
zelf graag offers brengt'. (290)

Humor
Wie prof. Selderhuis wel eens heeft horen preken of spreken, weet dat humor één van zijn sterke kanten is.
Ook zijn boek ontbreekt de humor niet! Een voorbeeld. Wanneer Selderhuis de jeugd van Calvijn beschrijft, wordt ons verteld wat Calvijn zich herinnert over de godsdienstigheid van zijn moeder. Zij nam hem als kind mee naar processies. 'En zo kwam het dat de jonge Calvijn in Ourscamp bij Noyon een relikwie van de heilige Anna kuste (…) Het eerste vrouwenlichaam dat Calvijn kuste was in ieder geval het restant van een lijk.
Toen wist hij nog niet dat er voor hem wat dit betreft nog betere tijden zouden aanbreken. (17)

Actueel
In onze kerken spelen tal van vragen.
Moet er nog wel huisbezoek worden gebracht? Waarom zouden eigenlijk nog psalmen zingen? Waar lees je in de Bijbel over 'belijdenis doen'? Wat is er nodig om goed als predikant te kunnen functioneren? Hoe moet er worden gepreekt? Zou er niet meer aandacht voor het bewaren van de schepping moeten zijn? Selderhuis laat zien dat Calvijn over deze en tal van andere zaken zeer behartenswaardige dingen te zeggen heeft! Als voorbeeld neem ik iets over de prediking.
Want preken zag Calvijn zelf als zijn hoofdtaak en is wat hem betreft ook het hart van de eredienst.
'Predikanten zijn volgens de Bijbel de vrienden van de Bruidegom en als het hun taak is het huwelijk van Christus en de gemeente goed te verzorgen, kan dit alleen als ze beide en daarom ook de kerk van harte liefhebben.' 'Daarom weg met alle kilheid en onverschilligheid in deze, want wie koud is, is voor dit ambt niet geschikt!'. Die warmte moet in de preek te voelen zijn en daarom weg met alle saaie preekstijl. Dood, noemt Calvijn die manier van preken die meer lijkt op het houden van een lezing. Hij sprak zijn gehoor ondanks alle kritiek altijd als gelovigen aan, als mensen die een onbreekbare band met God hebben. Daarbij riep hij ze op missionair te zijn. Calvijn vindt namelijk dat je pas een ware kerk bent als je probeert het aantal gelovigen zoveel mogelijk te laten groeien.
De kerk moet ook in aantal groeien en elk lid van de gemeente moet proberen met woorden en daden anderen tot geloof te brengen'. (148)
Herman J. Selderhuis, Calvijn een mens, Kok Kampen 2008, 335 blz., geb. €24,90.

Drs. C.T. de Groot is predikant van de NGK in Zeewolde.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief