De Profeet van Allah

1980-02-01
  • Jaargang 24
  • nummer 5
"Toen keerde de profeet zich nog eens naar de menigte en vroeg: "Heb ik mijn opdracht getrouwelijk uitgevoerd?" Duizend stemmen zeiden eenparig: "Dat hebt ge." Waarop Mohammed zei: "Heer, wees mijn getuige" ... God zei: "Heden heb ik voor u uw godsdienst vervolmaakt en Mijn gunst aan u getoond en voor u als godsdienst verkoren de Islam."

"Allah Akkbar" (Allah is groot).

Een paar jaar geleden was de Amerikaanse hoofdstad Washington getuige van een gijzelingsactie. Een radikale groepering hield mensen gevangen om zeer ongewone motieven. Het ging nu eens niet om onafhankelijkheid voor een minderheidsgroep of om welke zaak van "gerechtigheid" dan ook. De eis was dat een bepaalde film over het leven van Mohammed, die juist in de bioscopen vertoond werd, uit de roulatie zou worden genomen. De film werd "lasterlijk" genoemd en was voor de bezetters - leden van een moslimgroepering - onverdraaglijk. Na enige dagen lieten de bezetters de gegijzelden vrij. De gewraakte film werd tenminste tijdelijk - niet-meer vertoond.

Mohammed mag dan geen goddelijk persoon zijn, over zijn eer, en over de juistheid van onze kijk op hem, wordt angstvallig gewaakt. "Geen enkel land had voor de wereldgodsdienst, waar aan men behoefte had, meer geschikt kunnen zijn dan Arabië. Het land ligt precies midden tussen Azië en Afrika, terwijl ook Europa niet ver weg is. Ten tijde van de verschijning van de Profeet Mohammed woonden de volkeren van Europa in het zuidelijk deel van dat continent, zodat deze volkeren op ongeveer gelijke afstand van Arabië woonden als de volkeren van India. Dat feit gaf Arabië haar centrale positie. Het was daarom de manifestatie van Gods grote wijsheid dat Hij het land Arabië als geboorteplaats van de Wereldprofeet koos."
Na dit (letterlijk vertaalde) stukje proza gaat de "Introduction to Islam", (verschenen in Karachi, Pakistan) verder over de Profeet zelf: "Mohammed (Vrede zij op Hem) was volkomen verschillend van de mensen waaronder hij woonde. Hij vertelde nooit een leugen en het hele volk legde unaniem getuigenis af van zijn betrouwbaarheid. Zelfs zijn grootste vijanden beschuldigden hem nimmer van een leugen; bij geen enkele gelegenheid, zijn hele leven lang, werd hij op een onwaarheid betrapt.
Hij sprak beschaafd en gebruikte nooit obscene taal of scheldwoorden.
Zelfs zijn bitters te vijanden leggen hiervan getuigenis af.
Hij was een charmante persoonlijkheid met innemende manieren, die hem het hart deden winnen van degenen die met hem in aanraking kwamen. In zijn omgang met de mensen volgde hij altijd de principes van rechtvaardigheid en eerlijkheid ... Het hek volk noemde hem "sadiq" en "al amin" (de getrouwen" en "betrouwbare"). Zelfs zijn vijanden gaven hun kostbaarheden bij hem in bewaring en nauwgezet realiseerde hij het vertrouwen dat hiermee in hem uitgesproken werd ... " (pag. 76-79). De profeet Mohammed was - althans voor moslims - een bijzonder man. Geen gód, overigens! Het is een hardnekkig misverstand hen "Mohammedanen" te noemen. Onze verhouding tot Christus, naar wie we "christenen" heten, is een totaal andere dan de relatie die moslims ten opzichte van Mohammed hebben. Hij is hun profeet. De grootste weliswaar, maar niettemin een mens! Zijn naam betekent: de Geprezene. Het verhaal van de Profeet is vele malen verteld, vele malen ook beter dan hier (mede gezien het korte bestek), zelfs maar mogelijk is. Toch maar de voornaamste gegevens van Mohammeds leven, zoals we die in de Koran soms (zijdelings) vermeld vinden, of zoals de (min of meer officiële) traditie van de "hadith" ze vermeldt.
Bewust vermelden we het beeld dat de moslims zèlf van hem hebben, dat ze (haast jaloers) ook van anderen eisen. Zie onze inleiding.

Mohammed werd omstreeks 570 in de stad Mekka geboren. Hij behoorde tot de Qureis, de heersende stam in dat deel van Arabië. Deze bewaakte de heiligdommen in de stad, m.n. de zgn. Kaäba. Op zijn zesde jaar werd hij wees en werd hij eerst door zijn grootvader en later door zijn oom Abu Talib opgevoed.
Deze laatste, een aanzienlijk (koop )man, gaf hem al spoedig de kans met de karavanen mee te gaan. Als jongen van ongeveer veertien jaar kwam hij al in Syrië en had hij daar volgens de traditie een langdurig gesprek met een (al of niet orthodoxe) Christelijke monnik, Bahira. Zijn reputatie van betrouwbaarheid en liefdadigheid - volgens de traditie, werd dat door iedereen bevestigd - bezorgde hem de achting van een nicht, de (vijftien jaar oudere) rijke koopmansweduwe Khadidja. Tussen hen ontstond een steeds hechter wordende vriendschap, die tenslotte tot een huwelijk leidde. Mohammed was toen 25 jaar. Uit dit huwelijk werden meerdere kinderen geboren; zijn zoons stierven jong, maar vier dochters overleefden hem. Mohammed was gewoon bij de nabijgelegen berg Hira te vasten, te bidden en te mediteren. Op een nacht in de (later tot speciale maand uitgeroepen) maand Ramadhan, sprak een engel hem aan met de opdracht voor te lezen uit een boekrol. De engel maakte zich bekend als de engel Gabriël en noemde bij dezelfde gelegenheid Mohammed de "aposte1 van God". (Soera 96).
De "Nacht van de Bestemming", die volgens Gabriël, "beter was dan duizend maanden" (Koran, Soera 97), leidde tot ernstlig zelfonderzoek bij de profeet, die aan zijn geestelijk evenwicht ging twijfelen. Het leverde hem echter ook een eerste bekeerlinge op in de persoon van zijn toegewijde Khadidja, terwijl ook een neef en één van zijn slaven zijn woord betrouwbaar achtten. De kring mensen die aan zijn openbaringen geloof hechtte, breidde zich langzaam maar zeker uit.
Mohammed's godsopenbaringen, zo anders dan wat enige cultus in het religieuze centrum Mekka beweerde, vormden een bedreiging van de plaatselijke religieuze industrie. Zijn volgelingen werden gesard, (een enke1e keer) gemarteld en in het algemeen het leven onmogelijk gemaakt.
Een aantal van de allerarmsten weken uit naar het (relatief) nabijgelegen Ethiopië. De profeet zelf leefde onder dreiging. Zijn famifierelatie tot leidende de families beschermde hem (nog).
Toen hij in 612 bij een soort "openlucht evangelisatiedienst" bij zijn stadgenoten slechts hoon ontmoette, begon een konfrontatie die 10 jaar zou duren en tot zijn vlucht uit Mekka zou leiden. Met een trouwe metgezel verliet hij heimelijk Mekka, waarna hij veilig Yathrib bereikte, een plaas die hij herdoopte tot Medinat al-Nabi, "de stad van de Profeet". Deze vlucht vond plaats in 622 en staat bekend als de "Hidzjra". (In de traditie horen we hoe hij door een spin en een aantal duiven geholpen wordt. Om aan de achtervolgers te ontkomen vluchten de twee mannen in een spelonk. Een spin weet in heel korte tijd een groot web te weven; duiven bouwen razendsnel hun nest. Geen achtervolger gaat de grot binnen, die zo duidelijk sinds maanden niet betreden is ... )

"Vrijdag, de eerste dag van Muharram, Jaar Eén" (20 september 622) markeert het beginpunt voor de nieuwe Islamitische jaartelfing. Op deze dag arriveert de Profeet in Medina en stioht hij zijn theokratie, in een stad waar de bewoners hem verwelkomen en vragen of hij hun leider wil zijn. Visioenen en goddelijke openbaringen helpen hem om voor zijn grote schare volgelingen wetten uit te vaardigen en bestuurlijke uitspraken te doen. De "Emigranten" hadden alles in Mekka moeten achterlaten ze zijn dus arm. Omdat ze, vindt de Profeet, wederrechtelijk verdreven zijn, heeft men het recht vijandelijke stammen te overvallen. Als men in hinderlaag ligt om een rijke karavaan uit Damascus te beroven moet men open tegen een overmacht van vijanden strijden. De "slag bij Badr" eindigt echter in een grote overwinning voor de Islamieten. Een volgende slag wordt echter verloren, waarna de "oorlog van de loopgraaf" uitbreekt.
De Mekkanen, zijn stadgenoten, die Mohammeds tegenstander zijn, proberen Medina te veroveren; hun belegering mislukt, Anders is het met het beleg dat Mohammed enige jaren later om Mekka slaat. Zijn openbaring dat hij - ongewapend - de Gewijde Moskee zal binnengaan (zie Soera 48 : 27) gaat in vervulling. Zeven jaar na zijn smadelijke vlucht uit Mekka gaat hij aan het hoofd van een sterk leger zijn vaderstad binnen. Volgens de verhalen schenkt hij nagenoeg al zijn vroegere vijanden genade, waarbij hij niet eens om teruggave van de destijds geconfisceerde goederen vraagt. Hij kondigt de periode van de Nieuwe Wet af en zuivert de Kaäba, een polytheïstisch heiligdom (waarvan hij het heilige karakter niet betwijfelt), van de vele honderden afgodsbeelden. Net als Gideon vele eeuwen vóór hem ervaart hij geen wraak van de aldus beledigde goden; veel ooggetuigen nemen daarop de Islam als nieuwe godsdienst aan. De "Wetten van het Bloed", die hem destijds mogelijk het leven gered hebben, worden door de Profeet afgeschaft. Voortaan zal alleen de "Wet van Allah" gelden, die elke moslim aan zijn medegelovige verbindt, ongeacht diens stamachtergrond, ras of huidskleur.
Met wapengeweld, maar 'Ook door diplomatie, weet Mohammed zijn leiderschap door een groot deel der Arabieren erkend te krijgen. Een groot leger van Bedoeïenen wordt verslagen, terwijl stammen van Christenen en Joden met de nieuwe politieke machthebber een overeenkomst sluiten.
Rond 630 is Mohammeds religieuze plus politieke stelsel het belangrijkste van het hele Arabische schiereiland geworden.

Twee jaar later sterft de profeet, 62 jaar oud. De laatste jaren van zijn leven is hij onbetwist de leider van zijn volk; niettemin blijft hij nederig en gastvrij. Vaak slaapt hij op de grond om een gast zijn bed te kunnen geven. Zijn kleding wast en verstelt hij zelf. Aan het eind van zijn leven bedraagt zijn totale vermogen ongeveer tien geldstukken, waarvan hij er drie teruggeeft aan iemand die hem ooit iets geleend had. Als dat gebeurt, zijn we al bij de laatste gebeurtenis van zijn leven, "de Afscheidsbedevaart". Vlak bij de stad Mekka, in de "vlakte van Arafat". Net als Mozes en Jozua voor hem spreekt hij het volk toe; hij roept hen op aan Allah trouw te zijn en zich bewust te zijn van het feit dat men op de Jongste Dag van alle daden en drijfveren rekenschap moet afleggen: ,,0 gelovigen.
Ik heb mijn zending volbracht en laat u een getuige achter in de vorm van het Boek van Allah en het voorbeeld van Zijn Boodschapper." Spoedig na deze afscheidsrede sterft hij, op 7 juni 632, zijn verjaardag. De aanwezigen zien een menigte engelen de sterfkamer binnenkomen; de engel des doods vraagt en verkrijgt Mohammeds toestemming om hem mee te nemen. In Medina ligt hij begraven. Een groot hek dat zijn graf omgeeft, draagt de woorden: "Er is geen God dan Aliah en Mohammed is zijn Profeet".
De Profeet is dood, maar zijn leer blijft leven. Honderd jaar na zijn dood is er een Islamitisch rijk dat zich uitstrekt van Spanje tot Perzië ... Tot zover het verhaal van de Profeet. Een aantal van de (soms zeer interessante) hadith, de "legenden" die zijn verhaal omgeven, moest helaas onvermeld blijven. Toch nog een paar korte notities.

- Mohammed was, denkt men, 'Ongeveer veertig jaar, toen hij zijn eerste visioen kreeg. Hij is dan dus al een man van rijpe leeftijd. Een man ook, die een veelal positieve beoordeling van zijn tijdgenoten lijkt de krijgen, Was hij een charlaton? Hoe we ook over zijn boodschap denken, zonder twijfel was hij zelf van zijn goddelijke missie overtuigd.

- Hij heeft ook best aan zijn roeping getwijfeld. Met name Khadidja I heeft hem getroost, als hij zich verward voelde. Het werd hem - blijkens de Koran zelf, zie Soera 16: 103 - geregeld voor de voeten geworpen dat hij "een bezetene" was en zijn woord niet "van zichzelf" had. Pas door strijd heen heeft Mohammed zijn eigen roeping geloofd.

- Volgens de verhalen werd Mohammed elke keer, dat hij een visioen had, uitzonderlijk zwaar. Als dat betrouwbare informatie is, dan gebeurde er dus wel degelijk wat, als hij zei geïnspireerd te worden. De vraag is alleen: welke oorsprong hadden zijn woorden?

- In eerste instantie stond hij erg positief tegenover de "Volken van het Boek" - de Joden en de Christenen. In zijn tijd te Medina bad hij altijd in de richting van Jeruzalem. Toen de Joden en Christenen bestreden dat zijn 'Openbaringen overeenkomstig hun heilige Schrift zouden zijn, werd hij echter voortdurend scherper tegenover hen' en werd hij hun vijand. (Daarover meer in een volgend artikel.) In februari 624 kreeg Mohammed tijdens zijn gebed een openbaring van God, die maakte dat hij 'Opdracht gaf voortaan te bidden in de richting van de Kaäba te Mekka.

- Jeruzalem is desondanks na Mekka en Medina de meest heilige plaats voor de Moslims. Te midden van zijn verdriet 'Om de dood van Khadidja en zijn oom Abu Talib (die overigens stierf zonder in hem te zijn gaan geloven) wordt hij "in de geest" naar Jeruzalem gevoerd, Vanaf de Tempelberg vaart hij in een mystieke vervoering ten hemel. Door deze gebeurtenis wordt Jeruzalem ook de heilige stad voor moslims. Een voetafdruk is er nog te zien.

- De geestelijke achtergrond van de Joden en Christenen die Mohammed ontmoet heeft valt niet zo gemakkelijk te herleiden. Mogelijk
heeft hij alleen heterodoxe vormen van Christelijk geloof ontmoet. Hoe dan ook, zijn kennis van de Bijbel is beperkt, zoals we nog zullen zien. (Ook is het de vraag of hij überhaupt wel kón lezen.)

- Mohammed heeft in eerste instantie zijn openbaringen vreedzaam willen propageren. A'lleen de laatste tien jaren van zijn leven werden door militair geweld gekenmerkt. Daarbij noteren we wel dat het geloof in Allah een totalitaire houding in de hand werkt. Niemand mag tenslotte de Islam, de onderwerping aan God, weigeren...

- Mohammed heeft 9 à 10 vrouwen gehad. Negen ervan huwde hij echter pas, toen Khadidja gestorven was. Volgens de verhalen huwde de profeet deze vrouwen 'Om 'Ongebonden seksueel gedrag te kanaliseren tot een redelijk geordende vorm van polygamie. Vier vrouwen werd voor hem later het maximum aantal echtgenotes. Het valt aan Mohammeds leven niet te bewijzen dat de Islam zo'n "zinnelijke" religie is, als wel vaak wordt gezegd.
Hoewel elk boek over de Islam wel tenminste één hoofdstuk over de Profeet heeft, vond ik daarnaast nuttige informatie in:
- Mohammed. Serie de Groten van alle Tijden. Uitgave Spectrum, Prijs f 13,-. De tekst is niet moeilijk; bevat veel (kleuren)foto's.

- Begum Aisha Wakj. Islam: an Introduetion. P.O. Box 4178. Karachi, Pakistan. Prijs ?

- W.M. Watt. Muhammad at Mecca. Oxford University Press. 192 pp. Prijs ± f 25,-, Het meest wetenschappelijke boek over dit onderwerp mij bekend,

N.B. Men kan de buitenlandse titels bestellen via boekhandel Interlectuur. Parkstraat 29,6828 JC Arnhem, tel. 085-434140.

De volgende keer schenken we aandacht aan kontakten die Christenen en Moslims in het verleden met elkaar hebben gehad.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief