Pastorale notities

1979-06-29
  • Jaargang 23
  • nummer 26
“Geneesheer, genees uzelf!” De Here Jezus noemt dit een spreuk, die onder het volk leefde. Hij zei het in Nazareth, in de synagoge. Want daar dacht men hardop, dat Jezus in zijn vaderstad hetzelfde maar moest doen, waarvan men uit Kapernaüm gehoord had.
De spreuk, die de Here Jezus aanhaalde, sloeg, denk ik, bij wijze van voorbeeld op een dokter: altijd druk voor anderen en geen tijd voor zijn gezin en voor zichzelf.
Ik ken een doktersvrouw, die in de hall een nummertje trok en wachtte, totdat haar nummer afgeroepen werd. Toen ging ze de spreekkamer binnen en legde haar probleem op het bureau van haar man, haar zorg waarnaar hij onder het ontbijt geen oren had.
Wij zijn geneigd dat aan die dokter te verwijten en zijn vrouw te beklagen. Maar het is bekend, dat veel dokters bewust ervan afzien hun eigen gezinsleden te behandelen. Dat is beter van niet. voor allemaal.
De meeste predikantsvrouwen hebben soortgelijke problemen. Ze zijn de (onbezoldigde) assistentes in het werk van haar man en dus komen de lasten, die dat werk met zich meebrengt, ook op haar schouders terecht en soms zelfs op die van de kinderen. Het blijft wenselijk, dat gezin en werk van elkaar gescheiden gehouden worden. Althans, zoveel mogelijk. Je moet je thuis kunnen ontspannen en de geestelijke boog kan niet altijd gespannen zijn. Ik had onlangs met een collega te doen. In de brede gang van de ouderwetse pastorie zag ik vijf zwarte petten op de kapstok. Hoe het binnen was, wist ik al. Dat had ik door de vitrage gezien. Ook nog vijf zwarte vrouwen, de handen gevouwen in de schoot. Waarover spraken zij? Ook dat wist ik. Uit ervaring. Zij spraken over de preken van deze afgelopen zondag en over de sterfgevallen van de laatste veertig jaar.
Maar waar waren nu die leuke jongens van de dominee? Ik hoorde het van de dochter, die moeder hielp bij het vele dienen. Ze zijn naar een vriend, thuis is er voor hen toch niks aan.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief