"KERK- TURKEN" (3· slot)

1979-08-17
  • Jaargang 23
  • nummer 30
Nog steeds is de toekomst van de naar ons land gevluchte Armeniërs onzeker. Ja, wel is nu bekend, dat er 41 aanvragen tot een verblijfsvergunning zijn afgewezen. Volgens "Trouw" omdat de aanvragers of gehuwd waren en hun gezin nog in Turkije vertoefde - of ongehuwd en nog jong en hun familie zich nog in Turkije bevindt.
Voor mij blijft de vraag staan: in welke omstandigheden zijn deze gezinnen daar in Turkije, dat een lid - of zelfs het hoofd ervan zich naar ons land heeft begeven om te zien en te proberen of zij hier misschien in vrede zouden kunnen leven?
Alle berichten wijzen erop dat die omstandigheden slecht zijn. Daarom is hier de vraag in het geding of wij wel zo'n gastvrij land zijn als wij graag willen doen voorkomen.
Het beleid van de regering t.a.v. de naar ons land gevluchte Armeniërs is benepen.
Tot 1 september wordt niemand uitgewezen. Laten wij hopen en bidden dat er vóór 1 september nog een ander Europees land gevonden kan worden dat bereid is om deze 41 Turken, die wij willen afschuiven, op te nemen.
Velen hebben toch nog ook na 19 juli geld overgemaakt voor deze Armeniërs. Hieronder volgt de afrekening.
19.7 HJH te Z 25,-; 20.7 HV te M 100,-, JPB te R 50-,-, MdeJ te R 75,-; 24.7 Kerk te Z 612,86; 31.7 AvdD te R 50,-, DvdD te Z 25,-; 5.8 MvdG te R 200,-, CM teW 25,-.
Totaal f 1.162,81.
Overgemaakt in totaal f 8.410,31.
Om u een beter inzicht te geven in de situatie van deze groep christenen geef ik u tot slot van deze artikelen nog een informatief artikel door van de heer Jürgen Hören.
Vooral het slot van zijn artikel maakt duidelijk dat de 41 door Nederland uitgewezen Turken reëel gevaar lopen.

Opgejaagd, vervolgd, gediskrimineerd Syrisch·orthodoxe christenen en
Ameniërs vluchten uit Turkije weg
De toestand in Turkije is gespannen.

De steeds erger worden de problemen der godsdienstige minderheden in Turkije worden gecamoufleerd door de politieke ontwikkelingen van het land. Geruisloos is het konflikt tussen mohammedanen cn christenen verscherpt: Talrijke vluchtelingen, vooral op het Turkse platteland, zien nog maar één kans om te overleven: vlucht naar een niet-islamitisch land, b.v. de Duitse Bondsrepubliek of Nederland.

Jürgen Hören:

CHRISTENEN VLUCHTEN UIT TURKIJE WEG

Op de 29e oktober 1978 tegen 17.00 uur werd de christelijke leider en lid van de kerkeraad van Kerburan, Andravos Demir, voor zijn 'deur van achteren neergeschoten.
Zo'n moord is geen op zichzelf staand geval.
In Oost-Turkije, in Anatolië, verkeren de christenen (vooral de Syrisch orthodoxen en Armeniërs) in een benarde toestand. Zonder dat er ruchtbaarheid aan wordt gegeven, worden ze verjaagd, vervolgd, benadeeld, gediskrimineerd.
In het Oostturkse Kerburan (provincie Mardin), waar de 70-jarige Demir werd vermoord, leefden 15 jaar geleden nog meer dan 500 christelijke gezinnen, vooral leden van de Syrisch-orthodoxe belijders, Nu woont daar geen enkel christelijk gezin meer. Na de moord op Demir zijn ook de laatste vijf christelijke gezinnen op de vlucht geslagen, naar Zweden. Tevoren zijn familieleden naar Amerika en Australië geëmigreerd.
Waarom werd Andravos Demir vermoord?
De moslims hadden het beetje kerkelijk bezit van de christelijke gemeenschap in beslag genomen. Van de kerk wilden ze een moskee maken.
Met alle juridische middelen verzette Demir zich tegen de uitroeiing van het christelijk erfgoed in Kerburan. Hij moest 't met de dood betalen.
De rechtsvervolging van de moordenaar was maar een paskwil: tegen een borgsom van ongeveer 200 gulden bleef hij op vrije voeten.
De strijd tegen Syrisch orthodoxen en Armeniërs heeft veel bloedige sporen achtergelaten. In de 1e wereldoorlog begonnen de Turken een veldtocht om de Armeniërs uit te roeien. Van de twee miljoen die er vóór 't uitbreken van de oorlog in Turkije woonden, leefden er na de oorlog nog maar 280.000.
De Armeense Kerk van Anatolië was in een paar jaar vernietigd.
De haat die de Moslims tegen Armeniërs en Syrisch orthodoxen koesteren, is niet verdwenen. In Kerburan bv.: op de 8e juni 1945 wordt een familielid van Demir door de Koerd Abdullah Aga gedood.
Hij wordt daarvoor niet vervolgd.
Op de 15e augustus 1973 wordt de christen Gevri Baysal op zijn akker doodgeschoten. De daders blijven ongestraft. Velen verlieten vaderland, have en goed, omdat ze vervolging en diskriminatie niet langer konden verdragen.
Formeel garandeert de Turkse grondwet "vrijheid van geweten, geloof en godsdienstige overtuiging".
Niemand mag om zijn geloof of godsdienstige overtuiging nadeel lijden, staat er in artikel 19.
Maar de werkelijkheid ziet er anders uit. In de paspoorten worden de christelijke namen van een teken voorzien. De autoriteiten kunnen onmiddellijk vaststellen, wie tot de godsdienstige minderheid behoort.
Christenen die hun dienstplicht moeten vervullen, worden vaak naar de meest afgelegen en onherbergzame streken gestuurd. Veel christelijke ambachtslui kunnen zich in hun dorpen niet meer handhaven, omdat de moslims met hen geen zaken willen doen. De meeste christenen proberen onder te duiken in de anonimiteit van Istanbul, om daar een nieuw bestaan op te bouwen. Maar zelfs in die grote stad heerst slechts schijnbaar een sfeer van verdraagzaamheid.
Sinds enkele jaren trachten vervolgde Turkse christenen asiel te verkrijgen in de Duitse Bondsrepubliek, in Nederland, in Zweden, Amerika en Australië.
Van januari tot oktober 1978 dienden, alleen al in Hengelo en Amsterdam 263 Syrisch-orthodoxe christenen en 190 Armeniërs een verzoek in om als vluchteling te worden opgenomen. Ook in de Bondsrepubliek zijn er vee'! aanvragen om asiel. De meeste aanvragen worden niet ingewilligd.
Die afwijzing wordt zo gemotiveerd: Wat men opwerpt (godsdienstvervolging) is wel diskriminatie, maar geen individuele vervolging door agressie op het leven en de persoonlijke vrijheid. Het bestaan wordt niet vernietigd. Bovendien gaat het om akties van mohammedaanse groeperingen, niet om die van de Staat. Al is de politie in afzonderlijke gevallen niet aktief tegen inbreuken op de vrijheid opgetreden, dan kan daaruit nog niet worden geconcludeerd, dat de schuld bij de Staat ligt ...
Voor de civiele rechtbank in Ansbach (Duitsland) verweerde de minister van binnenlandse zaken zich in november 1978 tegen het verzoek om asiel door een Turks gezin van de Syrisch orthodoxe ritus.
Dit gezin had zijn verzoek gemotiveerd "met de vrees voor vervolging omwille van het christelijk geloof".
De raad die over dat verzoek moest beslissen, wees de opname af.
(Hoeveel aanvragen worden in ons land afgewezen?) De tegenpartij steunde het verzoek.
Motivering: "De verzoeker staat in de streek van zijn geboorteland voor de vernietiging van zijn bestaan.
Men kan niet van hem vergen, dat hij op een andere plaats in Turkije een nieuw bestaan opbouwt". Maar de afwijzende motivering van het ministerie van binnenlandse zaken gaf de doorslag. Het gezin kreeg geen asiel.
Ook de rechtbank te Keulen wees op 15 december 1978 het verzoek om asiel van een Armeens christen af.
Ingewijden beweren, dat de Bondsrepubliek de Turken, die om onderdak vragen, afwijst, omdat ze rekening houdt met de buitenlandse politiek. Men wil het toch al zwakke lid in het Navo-verband niet tegen zich innemen.
(Wat is in Nederland de rede van afwijzing?) Maar de Turkse regering volgt argwanend het gedrag van de steeds toenemend aantal burgers, die in de Bondsrepubliek en Nederland om asiel vragen.
leder die om politieke redenen een verzoek om opname indient wordt strafrechtelijk vervolgd. Daar staat maximaal vijf jaar gevangenis op.
De Turkse regering past hiervoor paragraaf 140 van de Strafwet toe, waardoor burgers, die in het buitenland valse inlichtingen over staatszaken geven, tot vijf jaar gevangenis kunnen worden veroordeeld.
De Turkse regering probeert zelf om de namen te ontdekken van hen, die proberen uit te wijken. De Turkse ambassadeur in Bonn deed een vergeefse poging om bij het Bureau voor buitenlandse vluchtelingen de namen te achterhalen van ongeveer 7000 landgenoten die om onderdak vragen.
Zullen wij christenen ons zonder meer neerleggen bij de vervolging van onze broeders en zusters in het geloof?
Tot over de Turkse landsgrenzen heen? De tolerantie van de muselmannen, die 99% van de Turkse bevolking vormen, is minimaal. Het Turks parlement bekommert zich niet om de dringende problemen van religieuze minderheden in het land.
Daardoor wordt een mistoestand versluierd, maar niet opgelost.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief