Monumentenboek 1940·1945
1980-05-02
Een jaar of twaalf geleden kwam op een schoolavond in Amsterdam een vraag: wat doet de school op de 4e mei? De heer Van Bohemen, hoofd van die lagere school, vond dat niet zo moeilijk. Je kunt de kinderen toch over de oorlogsperiode vertellen aan de hand van monumenten, die overal in ons land een plaats hebben? Die monumenten beogen de herinnering aan de oorlogsjaren vast te houden; die beeldvorming geeft je - zo zegt hij - heel veel mogelijkheden zinvol met die kinderen over het gebeuren te praten. Over de vrijheidsberoving, de armoe, het levensgevaar en over hen, die hun leven verloren, over de jodenvervolging en zoveel meer. Ook over de ruimte, die we daarná verkregen.- Jaargang 24
- nummer 18
Om dat op school te kunnen doen, moest er materiaal zijn. En hij ging op pad, eerst in Amsterdam, daarna het land in. Om dia's van die monumenten te maken. En toen dat ietwat op gang kwam, wilde hij - een echte schoolmeesterde verzameling compleet maken. Dat lukte, het bezit bestaat thans uit 1400 stuks.
De uitgeversmaatschappij Kok te Kampen, in 1978 op de hoogte gebracht van 's meesters activiteiten, zag er iets in om de collectie in een boek onder te brengen; na sortering is de helft van de dia's opgenomen.
De heer Ramaker (van NCRV-Literama) schreef de tekst erbij. En 't is een bijzonder fraai boek geworden, een kijkboek van 260 bladzijden. Prijs f 55,- en na 1 juni a.s. f 75,-.
Toch ook wel een boek, dat tot nadenken moet stemmen. En het geeft stof (opnieuw) tot gesprek over het verleden. Wat komen de verschrikkingen van de tweede wereldoorlog naar voren. Niet in oorlogshandelingen, maar in beelden van ellende en leed. Zo bv. op blz. 88, waar je opgebroken en verwrongen rails ziet van het kamp Westerbork. Daana zijn duizenden joden per trein afgevoerd naar de vernietigingskampen in Duitsland.
"Eindelijk zijn de rails verbogen, van verdriet kromgetrokken". Of op een andere plaats (bladz. 112) een treurende vrouw te Rilland-Bath, zó intens verdrietig: "verdriet is de lange avonden / de lege stoel / het koude bed / de lange stilte van elke dag".
"Vrijheid is niet vanzelfsprekend" lees je op bladz. 204 en je wilt er zo graag op doen volgen: dank er daarom de HERE dagelijks voor. Wat ontvangen we onverdiend daarin grote voorrechten van Hem.
Het oorlogswee, dat over ons land (en over Europa) is gegaan en dat dit boek ontroerend weergeeft, is evenmin "als vanzelf" over ons gekomen. Dat kwam uit Zijn hand.
Opdat we als volk (en bijzonder als gemeente van onze Heer) tot Hem zouden terugkeren. Doen we dat niet, dan spelen we met die vrijheid en zal zij ons in de toekomst opnieuw ontnomen kunnen worden. Zo spreekt dit boek tot ons en meer nog tot onze kinderen. Zo moeten wij ouderen met hen praten over dat gebeuren en net als de schoolmeester uit Amsterdam aan de hand van de platen.