Zo was het (39)
1980-05-30
In het vorige artikel was ik bezig aan te tonen, dat het werk van Christus niet af was met Zijn "dood en bloedstorting". Dat wilde ik aantonen met het woord van Johannes de Doper: "Zie het Lam Gods, dat de zonde der wereld wegneemt". Gewoonlijk wordt dit "wegnemen der zonden"- Jaargang 24
- nummer 22
beperkt tot het dragen van de straf der zonde aan het kruis. Waardoor de schuld der zonde is weggenomen en wij worden gerechtvaardigd. In verband daarmee staat dat bij de verklaring van "het Lam Gods" vrijwel alleen gedacht wordt aan het Paaslam. Dat geslacht werd bij de Uittocht uit Egypte. En aan Jes. 53. Speciaal aan de woorden: "Hij werd mishandeld, maar hij liet zich verdrukken en deed zijn mond niet open; als een lam dat ter slachting geleid wordt en als een schaap dat stom is voor zijn scheerders, zo deed hij zijn mond niet open". Hij droeg de straf, die ons de vrede aanbrengt en door zijn striemen is ons genezing geworden.
Hiertegen heb ik vanzelf niet het minste bezwaar. Alleen ben ik van mening, dat daarmee lang niet alles gezegd is. Christus heeft niet alleen de schuld der zonde weggenomen. Maar hij neemt ook de macht en de smet van de zonde weg. Daarmee is Hij nog bezig en zal Hij bezig blijven tot aan zijn wederkomst. Dat is zijn taak.
In verband daarmee wijs ik er op, dat het Lam niet alleen voorkomt in de geschiedenis van de Uittocht. En in Jes. 53. Maar ook in het boek Openbaring.
Bijvoorbeeld in hoofdstuk 5. Waaruit ik de volgende woorden aanhaal. "En ik zag in het midden van de troon en van de vier dieren en te midden der oudsten een Lam staan, als geslacht". Dat het Lam staat, wil toch in elk geval wel zeggen, dat het heeft overwonnen. Het is niet alleen gestorven om en voor de zonde, maar ook opgestaan en opgevaren en zit aan Gods rechterhand. De vier dieren en de oudsten werpen zich dan ook voor het Lam neer en zingen een nieuw gezang: "Gij zijt waardig de boekrol te nemen en haar zegels te openen; want Gij zijt geslacht en Gij hebt (hen) voor God gekocht met uw bloed, uit elke stam en taal en volk en natie; en Gij hebt hen voor onze God gemaakt tot een koninkrijk en tot priesters 'en zij zullen als koningen heersen op de aarde". En even verder: "Het Lam, dat geslacht is, is waardig te ontvangen de macht en de lof". Het Lam heeft zich wel vernederd tot in de dood. Maar omdat Hij gehoorzaam is geweest is Hij ook met eer en heerlijkheid gekroond. En heeft Hij alle macht in hemel en op aarde.
Van de vele plaatsen in Openbaring waar het Lam genoemd wordt en steeds als Overwinnaar noem ik nog 7 : 17: "Het Lam, dat in het midden van de troon is, zal hen (die uit de verdrukking komen) weiden en hen voeren naar waterbronnen van het leven; en God zal alle tranen van hun ogen afwissen." De taak of het werk van het Lam, d.i. van Jezus Christus, is niet afgelopen met z'n dood. Hij werkt tot nu toe en zal werken tot het einde der dagen. En dat bestaat daarin, dat Hij de zonde der wereld wegneemt. Of Johannes ten volle heeft verstaan wat de draagwijdte van zijn woorden was, is zeer de vraag. Maar in verband met wat verder ons geopenbaard is kunnen wij het weten. En we mogen weten, dat Zijn taak wereldwijd is.
Het werk van Christus is wereldomvattend. Dat is ook een element, dat ons gereformeerden niet is ingeprent. We denken dunkt mij veel te klein en te benepen over het werk van Christus. God heeft de wéreld lief gehad.
En zou dat niet gelden van Christus? Die één is met de Vader? Hij is de Zaligmaker der wéreld. Het Licht der wéreld. God heeft zijn Zoon niet in de wére1d gezonden, om de wereld te veroordelen, maar opdat de wereld door Hem zou behouden worden. Vier maal achter elkaar staat dat woord in Joh. 3: 16 en 17. Er zijn theologen geweest, die hebben beweerd dat daarmee alleen de "uitverkorenen" zouden worden bedoeld. En die "uitverkorenen" vormden dan maar een kleine groep. En geen schare, die niemand tellen kan. En nog wordt het van menige kansel verkondigd, dat het maar een "lot uit de loterij" is als een zondaar behouden wordt.
Zo zegt men dat niet, maar daarop komt het toch wel neer. Waarom houdt men zich toch niet aan het spreken van de Schrift? Aan het wereldwijde Evangelie?
Een paar teksten wil ik nog aanhalen waarin de allesomvattende taak van Christus wordt genoemd. In 2 Kor. 5 : 18 lees ik: "En dit alles (nl. het werk der vernieuwing) is uit God. Die door Christus ons met Zich verzoend heeft en ons de bediening der verzoening gegeven heeft. Die immers hierin bestaat, dat God in Christus de wereld met Zichzelf verzoenende was, door hun overtredingen niet toe te rekenen, en dat Hij ons het woord der verzoening heeft toevertrouwd." Dat wil vanzelf niet zeg gen, dat heel de mensheid, heel de wereld zal behouden worden. Er volgt immers in de vss. 20 en 21: "Wij zijn dus gezanten van Christus, alsof God door ons u vermaande; in naam van Christus vragen wij u: láát u met God verzoenen. Hem die geen zonde gekend heeft, heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt. Opdat wij zouden worden gerechtigheid Gods in Hem." We mogen ook wel vertalen: opdat wij in en door Christus rechtvaardigen zouden worden. En dan nog I Joh. 2: 1 en 2: "Mijn kinderen, dit schrijf ik u, opdat gij niet tot zonde komt. En als iemand gezondigd heeft, wij hebben een Voorspraak bij de Vader, Jezus Christus de rechtvaardige; en Hij is een verzoening voor onze zonden en niet alleen voor de onze, maar ook voor die der gehele wereld." Dat heel de wereld niet behouden wordt is niet de schuld van God of van Jezus Christus, Maar dat komt, omdat de mensen de duisternis liever gehad hebben dan het licht.
Johannes heeft de taak van het Lam Gods daarin gezien, dat Hij de zonde der wereld "wegneemt". Dat wegnemen wordt gewoonlijk verklaard als dragen. Namelijk van de straf op de zonde. Die gedragen is aan het kruis vooral. Maar er staat echt: wegnemen. En dat is: uit de weg ruimen. Opruimen. Waarom zouden wij dat moeten beperken tot lijden en dood van Christus? Zonde is toch meer dan schuld? Ze is toch ook een boze macht, die het echte leven verwoest? Een slavernij die tot de dood leidt? Een vergiftiging van heel het bestaan van een zondaar? M.i. ligt in dit woord van Johannes opgesloten, dat het Lam Gods een volkómen Zaligmaker is. Hij bevrijdt van de slavernij en maakt ons tot vrije kinderen Gods. Hij geneest het leven van de gelovigen ook. Hij maakt het vergiftigde leven van hen, die zich aan Hem overgeven weer gaaf en gezond.
Er staat ergens, dat Christus is gekomen om het werk van de duivel te verbreken. Hij is geen halve, maar een volkomen Redder of Zaligmaker.
Zoals o.a. staat in Titus 2 : 11: "De genade Gods is verschenen, heilbrengend voor alle mensen, om ons op te voeden. Zodat wij, de goddeloosheid en wereldse begeerten opgevend, bezadigd, rechtvaardig en godvruchtig in deze wereld leven. Verwachtende de zalige hoop en de verschijning der heerlijkheid van onze grote God en Heiland, Christus Jezus. Die Zich voor ons heeft gegeven om ons vrij te maken van alle ongerechtigheid. En voor Zich te reinigen een eigen volk, volijverig in goede werken."
Dát is ons niet ingeprent, althans mij niet. Het is tenminste in mijn jonge jaren niet tot mij doorgedrongen. Maar het is toch waar? Christus is bezig ons vrij te maken van met ongerechtigheid. En ons te maken tot ijveraars in goede werken. Dat is wel een vergeten hoofdstuk geworden in brede kringen van het christendom. Maar dat is een werk van de boze! En niet van Jezus Christus, de Zondeverdelger, zoals iemand Hem heeft genoemd.
Het zou water naar de zee dragen zijn meer bewijzen aan te voeren. Het hele N.T. is daar vol van.
Bij het klimmen van m'n jaren is dat meer en meer tot mij doorgedrongen.
Maar het heeft lang geduurd. Dat siert mij niet en is niet tot mijn eer gezegd, maar het is de waarheid. Wel heb ik in de preken mij gehouden aan de vermaningen, waarvan de Schrift vol is. Wat heeft de Here Jezus aangedrongen om zijn navolgers te zijn. Wat is de Bergrede anders dan één aansporing om zó te leven, dat de mensen onze goede werken mogen tien en God verheerlijken? Staat daar niet: "Weest gij dan volmaakt, zoals uw Vader in de hemel volmaakt is?" Natuurlijk hebben wij allemaal dat wel gehoord. Maar is het wel echt tot ons doorgedrongen? Of hebben wij ons daar een beetje van afgemaakt. Bijvoorbeeld met deze redenering: De Bergrede is eigenlijk alleen bestemd om onze ellende aan het licht te brengen en ons uit te drijven tot Christus! Zo ben ik onderwezen aan de gereformeerde Universiteit! Daar zit wel een stukje waarheid in. Wie heeft z'n vijanden altijd lief? Wie heeft z'n naaste steeds lief als zichzelf?
Maar het is maar een halve waarheid. Soms erger dan een leugen. We zullen wel degelijk moeten jagen naar de volmaaktheid, menselijke volmaaktheid dan. Zoals God goddelijk volmaakt is. De Heiland heeft zijn Rede toch niet besloten met te zeggen: "Trekt het jullie maar niet aan hoor. Er kan nu eenmaal niets van terecht komen". Integendeel. Hij is geëindigd met te zeggen: "Niet een ieder, die zegt Here Here, zal ingaan in het Koninkrijk der hemelen. Maar die doet de wil van mijn Vader, die in de hemelen is".
Aan de opdracht van de Zaligmaker: Leert hen onderhouden alles wat Ik u geboden heb, heb ik mij trachten te houden. Zodat sommigen zeiden: Hij is een beetje remonstrants! Iemand maakte eens bezwaar tegen m'n preken met de opmerking, dat ik aan de gemeente de regel van de wet voorhield: "Doe dit en gij zult leven". Achteraf kan ik dat misverstand wel verstaan. Waarschijnlijk heb ik te weinig nadruk gelegd op het feit, dat de genade van Jezus Christus almachtig is. Hem is immers gegeven alle macht in hemel en op aarde? Mogelijk heb ik wel eens gepreekt over I Kor. 3 : 30, waar we lezen: "Maar uit Hem is het, dat gij in Christus Jezus zijt, die ons van God is geworden: wijsheid, rechtvaardigheid, heiliging en verlossing". Vermoedelijk was dat voor mij en ook voor de gemeente nog te veel theorie. Zonder dat het tot ons doordrong, dat Christus ons gegeven is om ons te maken tot wijzen, rechtvaardigen, heiligen en verlosten! Ik weet niet of ik wel ooit gepreekt heb over Rom. 8 : 29 en 30. Waarschijnlijk was ik daar niet klaar mee. Zoals er nu nog velen geen raad mee weten. Daar staat toch maar: "Die Hij te voren gekend heeft, heeft Hij ook bestemd tot gelijkvormigheid aan het beeld van zijn Zoon. Opdat de eerstgeborene zou zijn onder veel broeders (en zusters), En die Hij te voren bestemd heeft, dezen roept Hij ook; en die Hij roept dezen rechtvaardigt Hij ook; en die Hij rechtvaardigt, die verheerlijkt Hij ook".
Zo heeft God altijd gedaan en zo doet Hij. Dát is Zijn werk. Niet in de "stille eeuwigheid", maar de eeuwen door. En nu ook. De verheerlijking van ons leven werkt Christus nu al. Het begin is er. En wie dat gelooft gaat voort van geloof tot geloof en van kracht tot kracht en van heerlijkheid tot heerlijkheid. Lees 11Kor. 3 : 18 maar eens weer.
Zó verkondigt het Evangelie Christus. En zó mogen en moeten dienaren van het Evangelie het doen. We hebben te preken, dat Hij, het Lam Gods, de zonde der wereld wegneemt. Het werk van de duivel verbreekt. Door zijn Geest en Woord. Dat is een kracht Gods tot verlossing.
Als we door het geloof Hem zo kennen, dan zullen we ook luisteren naar de vermaningen. Die op onze verlossing gericht zijn. Want we moeten goed begrijpen, dat Christus de zonde wegneemt met inschakeling van ons, die in Hem geloven. Hij behandelt ons niet als een ding of als een plant of als een dier. Maar als schepselen Gods, naar Zijn beeld gemaakt. Hij -is de Werker van onze verlossing. Voor 100%. Maar wij zijn verantwoordelijk voor 100%. Voor ons geldt de opdracht: "Werkt uw redding met zorgvuldigheid, want het is God die in u werkt het willen en het doen, tot roem van zijn welbehagen". Dat is geen geringe opdracht. Heel ons leven omvattend. Wat is de wil van God? Onze heiligmaking. Daarnaar zullen we jagen met al wat in ons is. Wat wil de Heiland van ons?
Dat wij zoeken wat boven is, waar Jezus Christus is. En niet wat beneden is. Zo staat het in Col. 3. Wat houdt dat in? Dat kunnen we nalezen in dat hoofdstuk. Wat is beneden? Ontucht in allerlei vorm. Hebzucht, begeerte naar geld en goed. Verder: toorn, drift, boosaardigheid, gevloek en schandelijke taal. Leugen en bedrog. De lijst is niet volledig. Vult het zelf maar aan.
En wat is boven? Barmhartigheid, hartelijkheid, bescheidenheid, vriendelijkheid en geduld. Verdraagzaamheid en vergevingsgezindheid. En de kroon op alles is de liefde, die verbindt tot volmaakte eenheid. Ook deze lijst is niet volledig. Leest Fil. 4 : 8 er maar eens op na. En begint er maar aan, als ge nog niet begonnen zijt. En zo ja: gaat er ijverig mee door!