Te berde
1983-09-02
Sedert wij in Aalten wonen is Varsseveld - een parel in de Achterhoek - een plaats waar we nog wel eens doorheen komen. Het is vanuit Aalten het eerste dorp in de richting van het Westen.- Jaargang 27
- nummer 32
De eerste keer dat we er doorheen kwamen schoot me de naam te binnen van ds F. J. Bulens, van 1854 tot 1889 predikant in Varsseveld in de Afgescheiden kerk. De naam was in mijn geheugen gebleven vanuit de levensbeschrijvingen over Bavinck van de hand eerst van Dr V. Hepp en later die van Dr R. H. Bremmer. Bulens was curator van de Theol. Hogeschool in Kampen. De curatoren in die tijd speelden een rol in het afnemen van de examens. Ds Bulens was belast met de taak een tekst op te geven voor de preek die de kandidaat moest houden als deel van het examen. Bavinck was al doctor in de theologie. Maar die graad had hij behaald in Leiden, toen het bolwerk van het modernisme. Bavinck kreeg als tekst van ds Bulens Mattheus 15 : 14a die in de Statenvertaling luidt "Laat ze varen, zij zijn blinde leidslieden ... ". Dominee Bulens had daarmee de bedoeling, zo zegt men, om Bavinck wat duidelijk te maken, nl. dat hij zich maar niet veel moest aantrekken van wat men hem in Leiden had geleerd. Hepp en Bremmer vermelden beide dat Bavinck zo boos was dat hij eerst niet eens meer aan het examen wilde deelnemen.
Bremmer zegt "Bulens zinspeelde met deze tekst niet onduidelijk op Bavincks Leidse hoogleraren. Maar Bavinck liet op deze wijze niet met zijn door hem hooggeachte leermeesters spotten. Er ontstond een incident". Hepp zegt "de goede Bulens had het wat ruw en ontactisch aangelegd". En volgens Hepp sprak Bavinck met "nauw bedwongen toon". Ds J. H. Landwehr, die er zelf bij was tijdens het examen, vermeldt de boosheid niet en Bremmer zegt dat er in de aantekeningen van Bavinck er niets over te vinden is, terwijl hij veel aantekende. Maar als Bavinck boos was en het incident zich zo voorgedaan heeft, dan was hij toch ten onrechte boos. Dat kwam trouwens wel meer bij hem voor. Afgedacht van het feit dat je zo geen tekstkeus mag maken was de raad van Bulens daarin voor Bavinck gewoon een goede. En als Bremmer gelijk heeft in zijn mening dat Bavinck zijn leermeesters in Leiden hoog achtte, dan heeft het Bavinck ontbroken aan goede onderscheiding. In het modernisme viel niets hoog te achten. Bavinck was trouwens er wel meer naast. Ook in zijn levenslange vriendschap met een duistere figuur als Snouck Hurgange. Moge er in Varsseveld en In heel ons land steeds meer mensen gevonden worden als ds Bulens, die blindheid ook blindheid durfde te noemen.