Diaconaat is genade delen
2012-03-17
Derk Jan Poel - het gezicht achter het Diaconaal Steunpunt Diaconaat is genade delen Vanaf 1 april kunnen de diakenen van de Nederlands Gereformeerde Kerken gebruikmaken van alle diensten van het Diaconaal Steunpunt van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt). Op 31 maart wordt daarvoor op een Startdag in Utrecht het startschot gegeven. Spil van het Diaconaal Steunpunt is Derk Jan Poel. ‘Ik hoop dat ook Nederlandsgereformeerde diakenen straks zullen zeggen: Dat diaconale steunpunt in Zwolle heeft ons als gemeente geholpen om nog meer lichtend licht en zoutend zout te zijn in onze samenleving.’ - Jaargang 56
- nummer 6
‘Ik geloof dat onze tijd veel kansen biedt om de liefde van Christus uit te delen. Daarin wil ik diakenen en gemeenten graag ondersteunen. Door mijn werk zie ik veel prachtige initiatieven en door ze te plaatsen op de website worden anderen weer gestimuleerd.
Graag zet ik me nu ook in voor de diaconieën van de Nederlands Gereformeerde Kerken. Ik hoop en verwacht dat we veel voor elkaar kunnen betekenen.’
Aan het woord is Derk Jan Poel, consulent bij het Diaconaal Steunpunt van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) in Zwolle. Hij doet dit werk intussen drie jaar met veel plezier en geloof. Daarvoor werkte hij tien jaar in de IT. ‘Prima werk en fijne collega’s.
Maar het schuurde al een tijdje bij me.
Alles stond in dienst van de winstoptimalisatie van het bedrijf. Op een bepaald moment ging het me irriteren.
In 2005 gingen mijn vrouw Harriët en ik naar Zuid-Afrika. We reisden ook door Lesotho en werden verliefd op dat kleine landje. Toen we terugkwamen in Nederland, schoven we in de kerkbank naast een ouder echtpaar. We raakten aan de praat en ze bleken kinderen in Lesotho te hebben die voor Dorcas werkten. Ze brachten ons in contact met een
ander Nederlands echtpaar in Lesotho.’
Twee worden drie
‘Intussen waren mijn vrouw en ik na zeven jaar nog met z’n tweeën. Dat was ongepland; we hadden graag kinderen gekregen. We schreven ons in voor adoptie en hoorden dat we nog 27 maanden moesten wachten voordat we een verplichte cursus konden volgen. Toen dachten we: hoe zullen we die twee jaar gaan doorbrengen?
Via-via hoorden we van een project in Lesotho waarvoor een vrijwilligersechtpaar werd gezocht. Om kort te gaan: we hebben er veel over nagedacht en gebeden, onze banen opgezegd, ons huis verkocht en van de overwaarde van ons huis hebben we die periode van twee jaar kunnen bekostigen. Ook werden we spontaan ondersteund door giften van kerkleden. Op een prachtige manier maakte God ons werk mogelijk.
En het mooie was dat in die twee jaar de mogelijkheid bestond om een kindje (lokaal) te adopteren. We gingen weg met z’n tweeën, maar keerden terug met ons drieën. Een prachtige zoon rijker: Aron.’
‘Terug in Nederland was voor mij wel duidelijk, dat ik niet weer terug wilde in de IT-sector. Maar wat dan wel na onze ervaringen in Lesotho? Mijn vrouw gaf me de wijze raad: Geef jezelf vijf maanden de tijd … In die periode tipte mijn moeder me over de vacature bij het Diaconaal Steunpunt. Ik belde en hoorde van de items die centraal stonden: diaconaat is een zaak van de hele gemeente. En: diaconaat moet niet alleen intern, maar óók extern gericht zijn. Dat sprak me erg aan, en ik vroeg wanneer de sollicitatiebrief binnen moest zijn. “Morgen”, was het antwoord. “Oeps, dan stuur ik ‘m vanavond nog via de mail”, reageerde ik.
Zo gezegd zo gedaan, en ik werd aangenomen.
Ik kon direct beginnen, zodat er met mijn voorganger nog een overlap van drie maanden was. Dat kon ik goed gebruiken, want het Steunpunt had in twaalf jaar tijd veel kennis en ervaring opgebouwd.’
Meer dan een restpost
‘Het is geweldig om mensen te helpen bij hun diaconale werk. Waar gaat het anders om dan dat we de liefde van Christus mogen laten zien? Ik geloof ook echt, dat het waar is wat Gert Hutten onlangs zei:”Diaconaal zijn is missionair worden!” Wat zou je nog meer willen …?
Op het gebied van diaconaat is er nog zo veel te winnen. Ik vind dat het diaconale werk nog te weinig plek heeft binnen de kerk. Het lijkt weleens een restpost. Zo van: als we nu nog tijd over hebben, kunnen we daar ook weleens aan denken. Maar als ik Matteüs 25 lees, dan besef ik dat Jezus’ woorden niet vrijblijvend, maar heel indringend zijn.
Diaconaat is in de kern echt supergeestelijk en raakt ons hart. Wat doet het je als er zo veel mensen zijn die geen helper hebben? Wat betekent Gods Vaderhart voor jouw dagelijks leven in een samenleving, waarin de overheid roept dat bijna iedereen wel kan werken, terwijl je ziet dat het voor een hele groep gewoon niet waar is? Wat betekent dat voor ons als kerkelijke gemeente? En in hoeverre ben ik bereid uit mijn comfortzone te stappen?
Mag het mij wat kosten qua tijd en qua geld?
Ik denk dat dat meer gaat leven in de gemeente, als je begint bij de ontvangen genade van God. Als je je realiseert hoeveel je van God hebt ontvangen, ga je anders aankijken tegen wat je in huis hebt en anders tegen de mensen om je
heen. Dan wil je de genade gaan delen.’
Kerstpakketten
‘Kijk, je kunt prachtige dingen zeggen over de liefde van Christus. Maar het wordt anders wanneer mensen metterdaad die liefde van Christus ervaren.
Mensen die door ziekte of financiële problemen in de marge van de samenleving zijn geraakt. En die het heel wat doet, als er mensen zijn die oog voor ze hebben. Die gewoon eens een praatje komen maken. Niet om ze de kerk in te lokken, maar gewoon uit liefde, uit werkelijke interesse en aandacht.
In Zwolle zijn eind 2011 via Stichting Present kerstpakketten rondgebracht.
Ik deed mee, gewoon om mensen te ontmoeten. Een oude vrouw deed verrast de deur open. We maakten een praatje, en ik gaf haar het kerstpakket.
Ze vroeg me waaraan ze dat te danken had. Ik vertelde over Present en de kerken die daarin participeerden. Ze wist niet wat ze hoorde, want zoiets had ze nog nooit met de kerk meegemaakt. De mensen associëren de kerk niet met een plek waar je geholpen kunt worden.
De kerk is om heel andere redenen in het nieuws … Ik zou graag zien dat dat anders wordt.’
Lichtend licht
‘Ik hoop dat ook Nederlands-gereformeerde diakenen straks zullen zeggen: “Dat diaconale steunpunt in Zwolle is geen ivoren toren. Maar er zit een vrij normale jongen met wie je gewoon kunt praten. En hij knauwt nog een beetje op z’n Gronings ook … En last but not least: ik heb er ook nog wat aan gehad. Het heeft ons als gemeente geholpen om nog meer lichtend licht en zoutend zout te zijn in onze samenleving.”’ Derk Jan Poel krijgt jaarlijks zo’n driehonderd vragen vanuit de kerken. Variërend van advies bij vragen om financiële ondersteuning tot materialen voor toerusting, collectemunten, suggesties voor projecten, huisbezoekthema’s en medewerking aan diaconale platforms. ‘Nee, ik kan niet zeggen dat er nu meer vragen komen vanwege de financiële crisis. Misschien omdat de diaconieën op dat vlak vanouds veel deskundigheid en expertise in huis hebben. Ook krijg ik vragen over ingewikkelde onderwerpen, bijvoorbeeld rond al dan niet uitgeprocedeerde asielzoekers. De wetgeving verandert voortdurend en het betreft vaak emotionele situaties. Laatst nog: we hebben een doopaanvraag van een asielzoeker uit Iran, die nog in de procedure zit. Prachtig natuurlijk, maar kunnen we dat zomaar doen, of zien we dan iets belangrijks over het hoofd? Dat zijn vragen waarop ik soms niet direct een antwoord weet. Maar in de loop van de tijd hebben we als Diaconaal Steunpunt een heel netwerk van mensen en organisaties opgebouwd, die ik dan kan raadplegen.’
| Derk Jan Poel krijgt jaarlijks zo’n driehonderd vragen vanuit de kerken. Variërend van advies bij vragen om financiële ondersteuning tot materialen voor toerusting, collectemunten, suggesties voor projecten, huisbezoekthema’s en medewerking aan diaconale platforms. ‘Nee, ik kan niet zeggen dat er nu meer vragen komen vanwege de financiële crisis. Misschien omdat de diaconieën op dat vlak vanouds veel deskundigheid en expertise in huis hebben. Ook krijg ik vragen over ingewikkelde onderwerpen, bijvoorbeeld rond al dan niet uitgeprocedeerde asielzoekers. De wetgeving verandert voortdurend en het betreft vaak emotionele situaties. Laatst nog: we hebben een doopaanvraag van een asielzoeker uit Iran, die nog in de procedure zit. Prachtig natuurlijk, maar kunnen we dat zomaar doen, of zien we dan iets belangrijks over het hoofd? Dat zijn vragen waarop ik soms niet direct een antwoord weet. Maar in de loop van de tijd hebben we als Diaconaal Steunpunt een heel netwerk van mensen en organisaties opgebouwd, die ik dan kan raadplegen.’ |