Pastorale notities
1979-03-16
Voordat de Here Jezus de sterfkamer van Jaïrus’ dochter binnenging, stuurde Hij de omstanders weg. De Evangelisten zeggen dat daarbij geweld gebruikt werd. “Hij dreef hen allen het huis uit”, en: “Toen de schare uitgedreven was, ging Hij het huis binnen”.Er zijn altijd nieuwsgierige mensen, die weten willen, wat de dominee tegen de zieke zeggen zal en ze zijn nog meer benieuwd naar wat de patiënt kwijt wil. Maar de aanwezigheid van één of meer mensen maakt het onmogelijk om vertrouwelijk te spreken. Daarom zijn de ziekenhuizen vaak een kwelling voor onze zieke broeders en zusters en voor de predikant die hen bezoekt.- Jaargang 23
- nummer 11
Ik heb nog wel zalen gekend, waarin twintig mensen lagen. Dokters, verpleegsters en schoonmaaksters reden in en uit of dweilden af en aan. Je kunt om stilte vragen en een toespraak houden tot de hele zaal. Maar dat is niet de bedoeling. Je hebt buiten het bezoekuur toegang gekregen om je “gemeentelid” te bezoeken; niet om een kleine kerkdienst te houden. Bovendien mist dan je broeder of zuster het persoonlijk gesprek. Die zou graag spreken over angst, doodsangst, zorgen en twijfel. Het kán eenvoudig niet, met al die vreemden er bij. Die zieken zeggen vaak: Rust krijg je hier niet, er wordt doorlopende aan je gesleuteld.En ook in ander opzicht krijg je de kans niet om jezelf te zijn, of om met God en je situatie in het reine te komen.
Er ligt een brok sociaal onrecht in het feit, dat alleen de rijken de rust wordt gegund. Zij liggen “klas”. De man en de vrouw van het fonds moet met vijf vreemden optrekken, die alles van je aan de weet komen. En dus stokt het gesprek. Het blijft aan de oppervlakte. Je neemt afscheid van je broeder of zuster en je denkt: ook dit bezoek is weer mislukt. Gelukkig dat de zieke zich voor God uitspreken kan, zonder dat iemand het hoort. Maar het blijft een barre eenzaamheid, daar op die kamer van zes.